E.P. Jozef Vissers vertrekt naar Kongo op 15 september 1925

E.P. Herman Van Dijck 1943-

Terug naar overzicht

Update 7/5/2018: E.P. Herman Van Dijck is ondertussen opnieuw in België. Op 6/5/2018 droeg hij de H. Mis op in zijn geboortedorp Loenhout, samen met E.H. Jan Simons, en stapte mee in de jaarlijkse processie. Hier een foto:

E.P. Herman Van Dijck 6/5/2018
E.P. Herman Van Dijck, 6/5/2018

Onderstaand artikel werd overgenomen uit "Wezel op z'n smalst" van december 1987.

Herman Van Dijck: pater-cineast!

Het was eigenlijk schoonbroer René Bolckmans die er ons attent op maakte dat zijn schoonbroer en "vakantiegast" Pater Herman Van Dijck op dit ogenblik wel een ongewone bezigheid heeft voor een missionaris: nl. het maken van een speelfilm. Voor ons reden genoeg om een bezoekje te brengen aan de Terbeekseweg 40.

E.P. Herman Van Dijck (bron: www.oudwezelopdefoto.be)

Herman Van Dijck werd in Loenhout geboren als 7de in een rij van 9 kinderen en dit op 11 november 1943. Op het ogenblik heeft hij 4 broers (1 overleden) en 3 zusters. Na de lagere school in Loenhout trok hij naar het college van de missionarissen van het H. Hart in Asse. Herman werd priester gewijd in 1969 en vertrok kort na de wijding naar Mbandaka in Zaïre. Eerst werd hij er reispater. Op dit ogenblik is hij pastoor van Boende en tevens directeur van het pastoraal Centrum aldaar. Boende heeft ongeveer 30.000 inwoners. Op het ogenblik werkt Pater Herman Van Dijck inderdaad aan een langspeelfilm. Niet zo maar een langspeelfilm natuurlijk, wel één over het leven van Isidore Bakanja, een martelaar van wie de procedure voor zaligverklaring te Rome werd ingezet. In 1977 werd in Mbandaka (voor de oudere lezers: het vroegere Coquilhatstad) officieel gestart met een commissie die een historisch onderzoek moest doen naar het leven van Isidore Bakanja. De eerste onderzoekingen naar het leven van de martelaar gaan terug tot 1913. De voorzitter van de "historische commissie" was... u raadt het al, Pater Herman Van Dijck.

Het verhaal

Het verhaal is niet zo maar in één, twee, drie verteld. Van de jeugd van Isidore Bakanja is bitter weinig geweten. Wel dat hij als jonge man naar Mbandaka trok waar hij voor het eerst hoorde over de Christelijke godsdienst. Op 6 mei 1906 werd Bakanja gedoopt en op 8 augustus 1907 deed hij zijn eerste communie. Van beroep was hij metser. Met fierheid droeg hij het schapulier en zonder grootspraak kwam hij uit voor zijn nieuwe godsdienst. Als christen trok Bakanja weer naar zijn geboortestreek, waar hij huisknecht werd. Zijn blanke baas werd vervangen door ene Van Cauter, een Brusselaar, in 't Zaïrees Longange genoemd. Deze was baas van een rubberplantage en het schapulier werkte op hem als een echte uitdaging. Bakanja kreeg allerlei beschuldigingen naar het hoofd en omdat hij weigerde het schapulier af te doen en omdat hij durfde bidden als anderen het zagen kreeg Bakanja 25 zweepslagen. Later kreeg hij nog zweepslagen met een zweep met nagels. Hierbij waren de verwondingen zo erg dat er voor het leven van Bakanja gevreesd werd. Bakanja werd opgesloten en letterlijk aan de ketting gelegd. Toen Van Cauter hoorde dat er van de SAB (Société Anonyme Belge pour la commerce de Haut Congo) inspectie voor de plantage zou komen werd hij bang en liet Bakanja in het oerwoud brengen. Bakanja ontsnapte, werd opgenomen door de "inspecteur" maar overleed op 15 augustus 1909 aan zijn verwondingen. De zweep was gemaakt van olifantenhuid. Uittreksels van de 1ste rechtbank in Coquilhatstad van 31 januari 1910 en 22 augustus 1912 handelen over de zaak Van Cauter. Pater Van Dijck verrichtte heel wat opzoekingswerk. o.a. bij de trappisten van Westmalle, die toen in het begin van deze eeuw in de streek van Mbandaka en Boende een missie hadden.

Bekend maken, dus film!

Het verhaal van Bakanja is in de eigen streek voldoende bekend door de overlevering. Om meer algemene bekendheid te geven werd een brochure over de martelaar uitgegeven en werden een soort postkaarten gemaakt. Om het leven van Bakanja nog meer bekendheid te geven werd gedacht aan een speelfilm over de periode 1906-1909, een film die bedoeld is voor Afrika. Voor een eerste keer werd hierover gesproken in 1984. Waar in het begin gedacht werd de realisatie toe te vertrouwen aan Zairese techniekers, bleek al spoedig dat om de film naar het authentieke verhaal te maken men het hele dossier Bakanja moest kennen. De taak werd uiteindelijk toevertrouwd aan Herman Van Dijck. Zijn filmervaring: een cursus over audio-visuele middelen in Ivoorkust. Herman Van Dijck kreeg de beschikking over 4 cineasten van de Zaïrese TV. Op 17 juni 1987 werd met opnamen gestart en deze duurden juist-geteld 55 dagen. Het kostte onze cineast-pater, water en bloed en... 7 kg lichaamsgewicht!

Problemen waren er genoeg natuurlijk : Er moest op 3 verschillende plaatsen gedraaid worden en dat met 70 liefhebbers - acteurs en meer dan 300 figuranten. Er diende op van alles toegezien: kleding, gedragingen. Technische moeilijkheden ? Wij hadden eens een nachtopname en de electriciteit moest geleverd worden door een generator. Deze werd 400 meter verder geplaatst omdat het geronk anders te horen was. Een huisje aan het bouwen. Vraag? (een hele discussie natuurlijk). Waar stond die ladder gisteren bij het einde van de opnamen? De hoofdrol wordt vertolkt door een student van de middelbare school. Enkel tijdens het verlof, want daarna moest hij weer naar de school in de stad. Een Duitse zuster die vroeger voor toneel geschminkt heeft, zorgt nu voor de grimmage. De "blanke" rollen worden allen vertolkt door paters en U begrijpt dat het wel eens moeilijk was als bv. één van die blanken met een negerin in bed moest...

Afwerking

Op het ogenblik is het moment van de montage van de film gekomen. Ook al een werk met heel wat moeilijkheden. Herman is ondertussen ook nog op zoek naar financiële steun voor zijn film van zowat 3 miljoen frank. Bij ons zou zoiets minstens het driedubbele kosten. De film werd opgenomen in het Lingala. Daarna moet er een Franstalige versie komen. Afrikaans Frans natuurlijk, zegt Herman. Er zijn zowat 90 personen die in de film spreken. Wij moeten dus op zoek naar een 90-tal "stemmen".

Toch zal het de moeite lonen, aldus pater Van Dijck. Met een brochure bereikt men misschien een 30 000-tal mensen. Bij een TV uitzending van de film die er ongetwijfeld komt, worden dat er miljoenen. Het doel, Bakanja en zijn levenswijze bekend maken en tot voorbeeld stellen zal dan gerealiseerd zijn. Voor Herman zal dat ook een (voorlopig) punt zijn achter eerst jaren van studie en opzoekingswerk, daarna van beslommeringen om de film in orde te krijgen. Mensen die het hele project willen steunen kunnen terecht op "Misano - Borgerhout 407-3057421-67.