Rechtspraak nr. 1321 (OA Loenhout)

Oud archief Loenhout – Rechtspraak, nr. 1321

Nota

| 1321-0001-01 |

De eerste blz. van bundel zijn ernstig beschadigd, en bijgevolg slechts gedeeltelijk leesbaar

Loenhout R 1321, f° 1 r° - 01.07....

| 1321-0002-01 |

Henrick van Aerde Cornelissen kocht van Willem Janssen een 'eusel' (weide tussen bos)... komende O Pauwels Dignen ... Jans van den Wijngaerde W ... van Bergen O Quirijn Joos N Cornelis Pauwels Geens, dit voor 12 £ br eens

Loenhout R 1321, f° 1 v° -s.d.

| 1321-0003-01 |

Jan Pauwels Keeselmans tegen Cornelis Verdijck

onvoldoende leesbaar, mogelijk gaat het over goederen die Jan de Kock verkocht aan Wouter van den Cloote en aan diens huisvrouw verstorven van haar broer Jan Leijs (onder voorbehoud)

Loenhout R 1321, f° 1 v° - s.d.

| 1321-0004-01 |

Wouter van den Cloote tegen ... (niet ingevuld)

over procedure inzake het kunnen vertonen van schepenbrieven over gedane kopen

Loenhout R 1321, f° 2 r° - s.d.

| 1321-0005-01 |

Peeter Thoen ... broeders kinderen...

slechts gedeeltelijk te lezen, navolgende personen worden vermeld: Gielis Buijen Ghielssen, Marie Nouts Godevaerts..., Peeter Jan Nouts Luijcx

Aerdt Jan Brans tegen Peeter van Staijen van Brecht of zijn huisvrouw

betwisting van hout

Willem de Coninck verklaarde daarbij geweest te zijn toen de huisvrouw van Peeter van Staijen tegen Aerdt zei dat er spaanders lagen en dat het huis waar nu Jan Engelen woont daarmede getimmerd was

Willem Lenaerdts, schepene, hielp Aerdt verhuizen maar heeft geen spaanders gezien

Jan Pauwels Keeselmans tegen Cornelis Verdijck

cfr supra f° 1 v°, blijkbaar zouden de goederen waar het om gaat in de kerk in Brecht geveild zijn, en zou de zaak ook behandeld zijn in de vierschaar in Brecht, getuigen hierover o.m. Jacob van Onstaijen en Luijcas Joos Luijcx, vorster in Brecht, welke laatste verklaarde dat Jan Pauwels uit de bewuste goederen een halster rogge zou hebben op Cornelis Verdijck en op Magriete Mens 20 st en tot Loenhout 4 Rgld

Loenhout R 1321, f° 2 v° - 1538

| 1321-0008-01 |

Cornelis Cornelis Geenssen tegen Jan Pauwels Keeselmans

over voldoen van rente

Peeter Cornelis Pauwels Geenssen verklaart dat meer dan een jaar terug zijn broer Cornelis aan Jan Pauwels 20 st gaf voor wat deze op hem heffende was

Gherijt Anthonijs Waegen bevestigt deze verklaring

Loenhout R 1321, f° 3 r° - s.d.

| 1321-0009-01 |

Adriaen Peeterssen tegen zijn oom Cornelis de Molenaren

procedure, grond van de zaak niet gekend, deze was zeker al lopende 29.07.1538, verder blijkt dat mr Claus Verheerstraten voor één der partijen optrad

Loenhout R 1321, f° 3 r° - 12.08.1538

| 1321-0010-01 |

Aerdt Brans tegen Margriete Peeters van Staijen huisvrouw

cfr supra, betwisting van brandhout

Bernaerdt Wouter Stevens was aanwezig toen Aerdt en Magriet de koop van het hout maakten

Willem de Coninck verklaart dat Magriete zei dat er wel 2 of 3 voeder 'kipspaanders' waren

Loenhout R 1321, f° 3 v° - 08.1538

| 1321-0011-01 |

Jan Nijs tegen Balten Bolckmans

Balten Bolckmans beschuldigt Jan Nijs van diefstal en meineed, zei ook dat alle lieden van Loenhout dieven waren

Lenaerdt Nijs x Kerstijne verklaren de beschuldigingen gehoord te hebben, ook dat Adriaen Bolckmans van Jan Nijs de twee voorste vingers zou doen afslaan

Jacob van Onstaijen, procedeert voor Balten Bolckmans

Katherijn x Dierck Boets verklaart dat Balten aan Jan Nijs een 'horens gulden' gegeven had

Peeter van Staijen verklaart item

Jacob Delien verklaart item

Peeter Cornelis Nouts verklaart dat Balten zei dat Jan Nijs meinedig was en dat hij hem een ijzer door de tong zou steken

Loenhout R 1321, f° 4 r°

| 1321-0012-01 |

Peeter Thijs, Tereik tegen Peeter Thijs, Breda

over schuldvordering op overleden personen

Claus Jan Heijlen verklaart aanwezig geweest te zijn bij de deling +Griete x +Jan Druijsens en niet hoorde vermanen van wat Adriaen Peeter Thoen Thijs eisende is

Peeter Merten Sibs verklaart item, ook dat Dierck de molenare zijn geld ontving

Peeter Soeten verklaart dat hij heeft gehoord dat Jan de molenare zijn geld ontving in Etten

Willem Janssen heeft zijn vrouw Magriete nooit enige schuld horen bekennen

Loenhout R 1321, f° 4 v° - 26.08.1538

| 1321-0013-01 |

Wouter van Elsacker tegen Cornelis van Staijen Cornelissen

over bruiloft van de dochter van Cornelis van Staijen Cornelissen

Lambrecht Wouter Smets zegt dat bij de ondertrouw en bespreking van de trouwdatum Cornelis moeder een bedje schonk

Loenhout R 1321, f° 4 v°

| 1321-0014-01 |

Aerdt Brans tegen Magriete Peeters van Staijen

cfr supra, betwisting van hout

Goosem Lemmens heeft het hout dat Aerdt Brans gekocht had weg zien voeren, zag daar geen spaanders bij

Willem van Lare tegen Adriaen Lenaert Peeter Nouts Jan Geerts zoon

toebrengen van messteek aan vs Willem van Lare

Peeter Nouts inde Bijle verklaart dat vs Adriaen bij hem in huis kwam gelopen met een mes in de hand en zei ‘zie hoe krom ik dat mes heb gestoken’

Quirijn Jan Geert Wils was in het huis van Pauwels Boets toen vs Adriaen gevangen was, verklaarde dat Cornelis Jan Nouts zich borg stelde voor het akkoord tussen vs Willem en de vader van Adriaen

Loenhout R 1321, f° 5 r° - 08.1538

| 1321-0016-01 |

Jan Nijs tegen Balten Bolckmans

cfr supra f° 3 v°

Thoenken Peeter Faes zoon hoorde Balten het verwijt van dief maken

Lenaerdt Thijs Jan Pauwels Gheens dochter was in het huis van Dierck Boets toen Balten tegen zijn zwager Willem zei dat ze naar de dief hierover zouden gaan

Loenhout R 1321, f° 5 r° - s.d.

| 1321-0017-01 |

Willem van Lare tegen Lenaerdt Peeter Nout Jan Gheerts zoon

cfr supra f° 4 v°

Peeter van der Buijten zegt dat Eijken (x Lenaert Peeter Nout Jan Gheerdt) hem vroeg mee naar Willem van Lare te gaan om de ‘peis’ te maken op paasavond of in de ‘goede week’ zodat haar zoon 'ten sacramente' zou kunnen gaan

Pauwels Jan Bode zegt dat Lenaerdt belooft had Willem te voldoen

Cornelis Jan Nouts verklaart borg te hebben gezet voor Lenaertd vs, dit ten huize Pauwels Jan Boets

Loenhout R 1321, f° 5 v° - s.d.

| 1321-0018-01 |

Cornelis Nijs tegen h geestmeesters

voldoen van rogge

Peeter Jan Nijs verklaart dat toen hij bij Merten Thoens, Popendonk, een V rogge haalde daar een V bleef staan voor Cornelis Nijs en dat Peeter van de Vekene en de andere dit van hen al weg hadden

Thijs van de Vekene verklaart dat Jan Bouwens huisvrouw zei tegen Cornelis Nijs: ik zal U de halve V aanwijzen die Merten Thoens mij schuldig is

Jan Pauwels Keeselmans tegen Wouter van den Cloote

openstaande schuld bij S/D

Laureijs van Aerde heeft vernomen dat Wouter van de Cloote nomine uxoris gedeeld heeft in de goederen van Jan Leijs, Brecht, broer van de vrouw van Wouter van den Cloote

Loenhout R 1321, f° 6 r° - s.d.

| 1321-0020-01 |

Magriet Peeters van Staijen tegen Aerdt Brans

cfr supra f° 4 v° e.a.

Maes van Marem was aanwezig toen Aerdt zei dat hij met Peeter van Staijen wilde onderhandelen en niet met Margriet

Buijen Huijbs Verhaert verklaart item

Cornelis Pauwels Geens tegen Peeter Jan Nout Luijcx

koop van “cnodders block”

Andries de Backere verklaart dat Willem Sijmons x Lijsken de “goeden akker” mee verkochten

Adriaen Cornelis Michiels verklaart dat Peeter Willems vroeg dat het zijne mee mocht gaan, en dat zijn vrouw daar mee akkoord ging

Loenhout R 1321, f° 6 v° - s.d.

| 1321-0022-01 |

Lenaerdt Peeter Nout Jan Gheerts huisvrouw tegen Willem van Lare

cfr supra cfr f° 5 r° e.a., de rol van Wouter Laets is niet duidelijk

Geerdt van Elsacker en Pauwels Jan Dignen, schepenen, verklaren dat Willem van Lare genaamde Wouter Laets uitgewonnen had van zijn kwetsuren

Pauwels Jan Bode was bij Aert van de Velde en besloeg er de penningen toebehorende Wouter Laets en dit tot behoef van Willem van Lare

Aerdt van de Velde verklaart item

Loenhout R 1321, f° 7 r° - s.d.

| 1321-0023-01 |

Cornelis Verdijck als voogd van de kinderen Jan Verdijck tegen Jan Pauwels Keesselmans

verstorven renten

Wouter Peeters van de Cloote verklaart niet gedeeld te zijn van de goederen die Jan Leijs verstorven zijn van zijn ouders, maar daar wel penningen van ontvangen te hebben van Jan de Cock, verder dat Jan Leijs gedeeld was op een R gld op de weduwe Bertelmeus Thielens, op 2 V rogge op Cornelis Verdijck en een £ op Gorijs Frans, Loenhout Donk

Jan Nijs tegen Balten Bolckmans

cfr supra f° 5 r°

Marck Cornelis Nijs verklaart in Antwerpen geweest te zijn en dat Balten Bolckmans 3 'horens gulden' gaf aan Jan Nijs, een voor Lenaerdt van Staijen, de tweede voor de huisvrouw Dierick Boets en de derde voor meester Claussen en hem zelf samen

Peeter Nijs verklaart dat Balten de 'horens gulden' gewisseld had

Loenhout R 1321, f° 7 v° - s.d.

| 1321-0025-01 |

Cornelis Theus Bode tegen Jan Vorspoel

over huur van een huis

Cornelis Peeter Vorspoels heeft meester Peeter Vorspoel horen zeggen dat hij met Cornelis Theus tevreden was, heeft in diens ziekbed hem nooit horen zeggen dat iemand Cornelis Theus zijn huis zou opzeggen

Cornelis Jan Haest x Marie zegt dat meester Vorspoel hem nooit het huis opgezegd heeft, zijn vrouw heeft dit drie jaar gehuurd, Digne Jan Bouwens dr had haar gevraagd had hoe zij het huis gehuurd had

Loenhout R 1321, f° 8 r° - s.d.

| 1321-0026-01 |

gildemeesters voor Luijcxen Hovelmans tegen Jan en Cornelis Vorspoels

onbetaalde schuld

Peeter Spormans, schoolmeester, is met de pastoor naar Marike Jans Verhaert dr gegaan waar zij in haar ziekbed het oliesel ontving en dat ze dan zei dat Cijken Hovelmans bij meester Peeter Vorspoels thuis gekomen was toen die ziek was (en waaraan hij stierf) en hem wou spreken maar dat zij (Mariken) hem gezegd had dat hij daarvoor te ziek was

Peeter Cornelis Loijcx zegt dat Cijken Hovelmans vaak bij hem is gekomen en dan zei dat ze meester Vorspoels 4 £ br geleend had die haar nooit terugbetaald waren

heer Peeter Loijcx bevestigt de verklaring van zijn vader hier boven gesteld

Ghijsbrecht Jan Pauwels Wuijts verklaart item

Loenhout R 1321, f° 8 v° - s.d.

| 1321-0027-01 |

Jan Vorspoels tegen de gildemeesters

cfr bovenstaande

Jan de Weerdt ging op de donderdag voor de maandag waarop meester Vorspoels stierf naar diens woning en vroeg hem hem of hij zijn rekening van schulden en wederschulden al gemaakt had, waarop meester Vorspoels antwoordde dat men alles beschreven zou vinden

Cornelis Vorspoel Janssen, broer, verklaart item, dat Cijken Hovelmans daar ook aanwezig was, gevraagd hoeveel zij geleend had antwoordde ze 4 £ br

Peeter van Onstaijen hoorde toen meester Vorspoels begraven werd Cijken zeggen dat zij hem 16 Rgld geleend had, dat hij in de handboeken van meester Vorspoels gezien heeft 17 Rgld 1 st en dat dit uitgedaan was

Loenhout R 1321, f° 9 r° - s.d.

| 1321-0028-01 |

Balten Bolckmans tegen Jan Nijs

cfr supra f° 7 r°

Jan Daens is in Antwerpen geweest waar de schors aan een bornput gebracht was, Jan Nijs gaf dan een horens gulden waarop declarant zei 'geef degene die de schors gehouden heeft 10 st en hou de drie st'

Jan Huefkens was eveneens aanwezig in Antwerpen, verklaart item

Loenhout R 1321, f° 9 v° - s.d.

| 1321-0029-01 |

de heer tegen Jan Luijcx

slagen

Gielis Haest verklaart dat Marie x Peeter Nouts met een 'spinrocke' (stok waarop wol of vlas wordt gestoken) en met een zaag Jan Luijcx sloeg waarbij Jan Luijcx een mes in de hand had

Gielis Buijen Ghiels verklaart item

Loenhout R 1321, f° 9 v° -s.d.

| 1321-0030-01 |

Peeter Thoens als voogd van zijn broers kinderen tegen mr Claus kinderen

betwisting van 2 ellen lakens

Gielis Thoon Giel Sijmons verklaart dat Cornelis Buijens na +Jan Thoons genaamde Heijlken maande van 2 ellen laken waarbij deze laatste zei dat Cornelis Nijs de jonge dit laken gehaald had voor mr Claus kinderen. Peeter Thoens zou het laken niet betaald hebben

Loenhout R 1321, f° 10 r° - s.d.

| 1321-0031-01 |

Bernaerdt Wouter Stevens tegen Aerdt Brans

over gebruik van het “rou ven”

Cornelis Thoen Lippens zegt dat toen hij Aerdt Brans stede kocht in het rouven 5 of 6 hopen heide lagen die Aerdt Brans opgehaald heeft

Pauwels Jan Dignen, schepene, kent ...(niets geschreven)

Gerardt van Eekele verklaarde dat Aerdt volgens eigen zeggen hout op het rouven gehaald had en dat hij het rouven gekocht had

Bernaerdt Marck Jan Mars heeft in daghuur 'stroeijsel' gemaaid op het rouven

Cornelis Jan Nouts mocht van Aerdt een 'runderken' stouwen op het rouven

Loenhout R 1321, f° 10 v° - s.d.

| 1321-0032-01 |

Cornelis Theus Bode tegen de heer

over gedorst koren, h geest tiende, stro en paarden die in Utrecht gekocht werden

Adriaen van Aken hoorde de knecht van Cornelis Theus in de schuur zeggen dat het koren dat zij dorsten van de h geest tienden was, heeft ook Cornelis Bode van Wesele horen zeggen dat Cornelis Theus 100 'mandelen' (schoven) stro gekocht had en dat hij gezien had dat de knaap van Cornelis Theus in Terbeek aan de tiendeschuur stro haalde

Quirijn Jan Gheerdt Wilssen verklaart dat Cornelis Theus Bodts van Cornelis Jan Bodts 100 'mandelen' stro gekocht had en dat hij Claus, de knaap van Cornelis Theus, stro heeft helpen laden in Terbeek

Claus vs verklaart het stro in de schuur op de hoeve gevoerd te hebben, verder dat hij 3 jaar geleden met zijn meester in Utrecht geweest is alwaar 2 paarden werden gekocht

Loenhout R 1321, f° 11 r° - s.d.

| 1321-0033-01 |

Jan Hovelmans tegen Willem van den Bogaerde

last op erven “den bijster”

Cornelis en Nout van den Bogaerde broers van vs Willem verklaren dat hun vader de 30 st betaalde aan Henrick van Aerde toen hij den bijster in handen had

de weduwe Willem van den Bogaerde heeft de 30 st helpen betalen zolang zij en haar man de bijster in handen hadden, dit aan Henrick van Aerde of zijn dochter Marie

Anthonis Wouter Diercx hoorde dat de erfgenamen Henrick van Aerde de 30 st schuldig waren te heffen

Loenhout R 1321, f° 11 v°

| 1321-0034-01 |

de heer tegen Jan Delijen

slagen door Jan Delijen aan Henrick Cornelis Gorijs

Lijsbeth x Matheus Cuijpers verklaart het slagen gehoord te hebben maar niet gezien

Henrick Cornelis Gorijs verklaart dat Jan Delijen met een stok op zijn rug sloeg

Gijsbrecht de Boekelaer heeft de feiten gezien

Heijncken Marcx was getuige van de woordenwisseling en de feiten

Loenhout R 1321, f° 12 r° - s.d.

| 1321-0035-01 |

Wouter Jan Stevens voor Jan Praijens cum suis tegen Peeter van Staijen x Magriete, Brecht

over pacht van de windmolen van Brecht

Jan Praijens, vader van vs Jan Praijens is borg geweest voor Gorijs Tonissen de molenaere voor de pacht die hij van Reijnier van Hamstel genomen had

om de rentmeester te kunne betalen is er koopdag gehouden van de roerende goederen van de molenaar

(Inliggende: los briefje waaruit blijkt dat Dierick Hegge, Jan Praijens, Lenaert van Schuerhouven (Verschueren) en Cornelis Verdijck zich borg hebben gesteld en een tweede los briefje zijnde ontvangstbewijs van de borg)

Loenhout R 1321, f° 13 r° - s.d.

| 1321-0036-01 |

Jan Vorspoels tegen Cornelis Theus Boets

over verhuur van een huis, cfr supra f° 7 v°

Marie x Cornelis Jan Haest heeft gedurende drie jaar van meester Peeter Vorspoels het huis gehuurd waarin Cornelis Theus Boets nu woont

Jacob Zebrechts wou met zijn moeder ook het huis huren, meester Vorspoel zei dat ze 'clotten' met zijn huis

Item verklaart Cornelis Vorspoel Janssen

Henrick Peeter van Staijen was aanwezig toen Marie x Cornelis Haest het huis in huur vroeg

meester Peeter, schoolmeester, hoorde meester Peeter Vorspoel zeggen toen Cornelis Haest het huis had overgegeven aan Cornelis Theus dat hij daar gram over was

Digne Jan Bouwens dr verklaarde dat meester Vorspoel het huis telkens maar met een jaar wou verhuren, cfr verklaring Henrick Peeter van Staijen

Loenhout R 1321, f° 13 v° - s.d.

| 1321-0037-01 |

Adriaen Peeter Thoen Thijs

erfopvolging

Willem Lenaerts en Peeter van Onstaijen verklaren dat Adriaen Peeter Thoen Thijs rechtmatig erfgenaam was van Diercken Cornelis Diericxssen, welk is gestorven zonder rechtstreeks erfgenaam

verwezen wordt naar een cedille van Claus Verheerstraten dd 02.05.1519, welke Peeter van Onstaijen en Willem Lenaerts gelezen hebben

Peeter Soeten en Nijs Hegge zouden verklaard hebben dat Dierck in Etten geld zou krijgen van een huis maar hebben niet verklaard dat hij dit ook gekregen heeft

Loenhout R 1321, f° 14 r° - s.d.

| 1321-0038-01 |

de heer tegen Cornelis Theus Bode

cfr supra f° 10 v°

Claus, knaap van Cornelis Theus Bode, verklaart dat door Cornelis Theus 45 'mandelen' stro gevoerd werden bij Bijlkens en 15 'mandelen' in Sneppel

Cornelis Jan Ingelen verklaart dat er op de hoeve bijen korven gemaakt zijn van het stro aldaar

Adriaen Zegers heeft op de hoeve voor Cornelis Theus Bode 58 bijen korven gemaakt maar weet niet van welk stro

Loenhout R 1321, f° 14 v°

| 1321-0039-01 |

Cornelis Theus Boets tegen Cornelis Jan Boetssen

koop van rogge

Gielis Buijen Ghielissen was aanwezig toen Cornelis Bode Janssen en Cornelis Bode Matheussen onderhandelden over de koop van rogge

Lenaerdt de Smidt van Wesel was daar eveneens bij aanwezig

Cornelis Jan Haest verklaart dat meester Peeter hem het huis nooit opgezegd heeft (dit hoort blijkbaar bij f° 13 r°)

Bertelmeus Verhaert was ook aanwezig, maar net als Lenaerdt sliep hij tijdens de echte onderhandelingen

Loenhout R 1321, f° 15 r° - s.d.

| 1321-0040-01 |

Frans Marcelis tegen Gheerdt Vorselmans

over aflossing van schuld

Cornelis van den Bogaerde was bij Geert Vorselmans toen vs Frans daar kwam en dat Geert hem wou korten met 2 Rgld, Geert kortte hem ook met 2 Rgld die hij Peeter Nijs gegeven had

de momboors van Casus Huefkens dr tegen de andere erfgenamen van Katrijne Buijen Wil Buijens dr

betwisting ivm erfdeling

Anthonis Pauwels Wuijts verklaart dat de schout, toen Huijbrecht Verhaert dood was, dat hij van het “biesven” geen recht had want dat Hilleken de dochter dat ontvangen had, dat Henrick Leemans aan Huijbrecht gevraagd had waarom hij dat deed en dat deze toen geantwoord had dat hij dat kind lief had, verklaart verder nog dat Casus Huefkens het goed gebruikt heeft zonder toestemming van iemand

Cornelis Pauwels Gheens verklaart item, ook nog dat Huijbrecht tegen Henrick Leemans gezegd had dat zijn andere kinderen van zijn goederen geen baat zouden hebben, en dat hij van Katrijne Huijbs hoorde dat Hilleken het “biesven” vooruit had gekregen

Loenhout R 1321, f° 15 v° - s.d.

| 1321-0042-01 |

Cornelis Thijs Pauwels Geens tegen Kersten Thijs

over deling van “coppens acker” en uitkoop

Nijs Hegge zegt dat Lijsken Thijs Jan Pauwels zuster gedeeld was op “coppens acker”

Cornelis Jan Nouts zegt niet te weten dat Thijs Jan Pauwels zijn zuster Lijsken uitgekocht had en dat zij gedeeld was op drie lopen zaailand

Peeter Cornelis Cornelis Pauwels Geenssen vernam van zijn vader dat zijn zuster Lijsbeth land had in de akker en dat Thijs Jan Pauwels wou zeggen dat hij dit van haar gekocht had

Anthonis Wouter Diercx verklaart als boven

tegenpartijen

cfr vorige akte

Peeter Cornelis Loijcx was aanwezig toen Huijbrecht Verhaert dit goed aan Hilleken gaf

Henrick de Keijsere hoorde Huijbrecht Verhaert x Katrijne zeggen dat zij Hilleken het goed zouden laten ontvangen

Loenhout R 1321, f° 16 r° - s.d.

| 1321-0044-01 |

Geert Vorselmans tegen de weduwe Geeraerdt Ingelbrechts

Claus Haijen verklaart dat de weduwe Peeter Vorselmans tegen de schout 5 V rogge 'verdingde' (besteden)

Loenhout R 1321, f° 16 v° - s.d.

| 1321-0045-01 |

Laureijs Stuijt tegen Bastiaen Verheijden x Mariken

betwisting van betaling

Henrick Jan Bouwens hoorde Peeter Claus Peeter tegen Mariken x Bastiaen Verheijen zeggen 'wil ik uw zuster bezetten of wil ik etc'

Jacob Jan Rombouts verklaart item

Katrijne Maes hoorde van vs Peeter dat hij omwille van Mariken vaak 'op sijns selfs borse was gegaen', verder dat zij Peeter gezegd had dat hij Mariken een 'lijfkens laken' moest kopen en dat Peeter boos was omdat Mariken bij Theus de Cuijpere koren gehaald had

Katrijne Aerts der Weed(uw)en heeft met Peeter woorden gehad

Goesem Jan Wouters zegt dat Mariken zelf haar rente heeft gaan manen tot Loenhout

Jacob Jan Rombouts verklaart item

Peeter de Cuijper dat Peeter op de kermis tegen Mariken Jan Claus Peeters zei dat zij hem zou kwijt schelden

Mathijs Jan Claus Peeters verklaart dat Mariken haar schuldenaars gemaand heeft zowel als haar oom Peeter Claus Peeters, heeft van haar schuldenaars geld ontvangen tot Adriaen Peeter Boets

Loenhout R 1321, f° 17 v° - s.d.

| 1321-0046-01 |

Jan van Staijen tegen Michiel van Elsacker

betwisting van laken, diefstal?

Peeter de Cnoddere heeft het laken geleverd aan Heijnrick, de knaap van Michiel, die het in de kelder gestapeld heeft, maar heeft in die periode geen laken geleverd aan Jan van Staijen

Cornelis Buijens heeft het laken dat nu verloren is gezien in de kelder, zegt in Hoogstraten in de wolbank geweest te zijn en dat Peeter de Cnodder daar Jan van Staijen 'verwonnen' heeft en dat gewezen werd het laken te betalen

Joos Jan van Elsackere zegt dat Heijnrick, knaap van Michiel van Elsacker, aan Jan van Staijen vroeg of hij goederen naar Antwerpen kan voeren, waarop deze antwoordde van ja indien Kersten Thijs Diericx daarmee tevreden was

Kersten Diericx haalde in Hoogstraten goederen op om naar Antwerpen te voeren, passeerde langs Jan van Staijen en Michiel van Elsacker, waarbij gezegd werd dat Oom Ghiel zou rijden, en bij terugkeer werd rekening gemaakt van stuk tot stuk, deze bedroeg in de 30 st, en de vracht van Peeter de Cnodder was niet betaald

Loenhout R 1321, f° 18 r° -s.d.

| 1321-0047-01 |

Aerdt Brans tegen Bernaerdt Stevens

cfr supra, f° 10 r°

Cornelis Luijcx zou als gemachtigd van zijn broer Willem de “rou vennen” opgewonnen hebben

bij de verkoop met de kaars zou Aerdt Brans de hoogste bieder geweest zijn en de palmslag ontvangen hebben, nadien zouden er nog drie zondagse geboden geweest zijn zoals bevestigd door de vorster

Adriaen Scoefs wou voor schout en schepenen ook zijn rechten laten gelden, waardoor er ook tussen deze en Aerdt Brans proces is gerezen

Loenhout R 1321, f° 18 v° - s.d.

| 1321-0048-01 |

Michiel van Elsacker tegen Jan van Staijen

cfr supra

Peeter de Cnoddere verklaart dat het vervoer van het laken besteed was aan Jan van Staijen en niet aan de knecht

Aerdt Brans

cfr supra f°18 r° ea

Adriaen Schoofs zou de koop overgenomen hebben van Aerdt Brans, wat door Jacob van Oeckele kan getuigd worden

Item Cornelis Luijcx

Loenhout R 1321, f° 19 r° - s.d.

| 1321-0050-01 |

Dierick Nijs Hegs tegen Peeter van Staijen x Magriete

over borgstelling, cfr supra

Reijnier van Hamstel, rentmeester van de heer van Baeijlioul, heeft een kwitantie waaruit dient te blijken dat de aanlegger voldaan heeft de som van 27 £ br

Anthonis Bode, vorster in Brecht, zegt dat de borgen van Gorijs Anthonissen hem 8 £ br hebben moeten beloven

Luijcas Joos Luijcx, vorster in Brecht, heeft de koopdag van Gorijs uitgeroepen, waarbij het goed verkocht werd met gereed geld

Cornelis Meijs ging met Margriete mee

Marck Nout Peeter Nouts was erbij toen Margriete met de schout sprak

Henrick van Riele dient eveneens verhoord te worden

Cornelis Theus Boets werd door Cornelis Meijs gevraagd om voor Gorijs de molenaar om een 'voeder goets' in Brecht te halen en naar zijn huis op het “nederhof” te voeren, waarop hij antwoordde dat hij naar Antwerpen moest, en dat zijn vrouw bij het terugkeren vertelde dat de wagen van Peeter van Staijen het 'voeder goets' vervoerd had en dat Cornelis Pauwels Keeselmans het weer opgeladen had

Loenhout R 1321, f° 20 v° - s.d.

| 1321-0051-01 |

Michiel van Elsacker

over gecalengierde beemd

Bernaerdt Nout kocht de helft van vs beemd van Cornelis Geert van Elsacker voor 20 £ br eens, waarvan hij 12 £ moest gebruiken om de weduwe Huijbrecht Verboven tevreden te stellen, en de ander helft van de beemd kocht hij van Lenaerdt van Staijen, zoals ook door zijn broer Peeter bevestigd wordt

Aerdt Brans tegen Bernaert Steven

cfr supra f° 18 r° e.a.

Peeter Nijs, Jan Ingelen en Jan Hegge hielpen Bernaerdt Wouters en Maes van Marem akkoord te gaan van de tijd dat Maes het ven 'ontbruijck' had, dit voor 4 Rgld en een half vat bier in het gelag

Joos van Onstaijen verklaart dat Adriaen Scoofs het “rouven” overnam van Aerdt Brans en dat Adriaen Aerde zijn geld weergaf

Buijen Huijbs had het “rouven” graag gehuurd van Aerdt Brans maar die wilde dat niet zolang hij geen uitsluitsel had over Adriaen Scoofs

Loenhout R 1321, f° 21 r° - s.d.

| 1321-0053-01 |

Jan van Eekele tegen Thomas van Heester (leenboek)

betaling van rente

Jacob van Heester verklaart nooit aanwezig geweest te zijn waar Jan van Eekel enige rente zou bekend hebben aan Jan Amelvoirts

Lenaerdt van Staijen verklaart dat Thoomas van Heester in zijn huis een gift deed aan Jan Amelvoirts maar heeft daar Jan van Eekele niet bij gezien

Aert Brans tegen Bernaerdt Stevens

cfr supra f° 20 v° ea

Buijen Huijbs heeft de beesten van Jan Nouts vaak in het “rouven” gezien

Cornelis Luijcx verklaart dat Maes van Marem het “rouven” gebruikte

Cornelis Jan Nouts verklaart item

Loenhout R 1321, f° 21 v° - s.d.

| 1321-0055-01 |

Margriete x Peeter van Staijen tegen Jan Praijens

cfr supra f° 19 r° e.a.

Reijnier van Hamstel, schout en rentmeester in Brecht, was in Brecht in het “scaeldien huis” waar een vrouw hem begeerde de koopdag van Gorijs de molenaar uit te stellen

Cornelis Meijs verklaart niet aanwezig geweest te zijn toen de borgen begeerden de koopdag te hebben, verder dat de goederen die hij mee hielp laden tot 5 of 6 huizen geleverd werden

Katrijne x Cornelis Meijs heeft aan de schout gevraagd de koopdag uit te stellen

Loenhout R 1321, f° 22 r°

| 1321-0056-01 |

Peeter van Onstaijen tegen Henrick van Sinte Hubrechts

onderhoud van omheining

Willem van Lare heeft in het huis gewoond dat Peeter van Onstaijen afgebroken heeft, hield de erven tot aan Henrick vs voor de zijne

Loenhout R 1321, f° 22 r° - s.d.

| 1321-0057-01 |

Bastiaen Verheijden x Mariken tegen erfgenamen Peeter Claus Peeters

eigendom van moer

Mathijs Jan Claus Peeterssen kent dat Peeter van Beke van hem en zijn broers en zusters moer gekocht hadden waarvoor hij zelf 8 Rgld ontving

Willem Sijmons zat te drinken bij de huisvrouw van Peeter Claus Peeters en dat toen aan Peeter gevraagd werd of Mariken x Bastiaen Verheijden zijn dochter was waarop deze antwoordde 'neen, het is al zulke dochter die heeft eenen stijl in mijn huis, ick bender voecht af en ick bender grootelijck in gehouden dat ick onvesienlijck storve mijn kinderen souden niet weten waer zij haer mede verantwoorden zouden'

Peeter de Cuijper kent dat Peeter van Beke moer kocht dat hen alle gelijk toebehoorde, verder dat hij uitgekocht werd uit de 3 V rogge tot Westmalle en dat Mariken hem daarvoor kwijt schold

Loenhout R 1321, f° 22 v° - s.d.

| 1321-0058-01 |

Adriaen Sceelkens tegen Jan van Bavele

verkoop van rente

Claus van Staijen verkocht met zijn huisvrouw aan Henrick Leemans een rente van een sister rogge

Cornelis Pauwels Keeselmans tegen Cornelis Jan Bode

koop van erve en rente daarop

Claus de molenaar was aanwezig toen Cornelis Pauwels het 'eusel' kocht van Cornelis Bode maar hoorde niet dat Cornelis Pauwels hem de 5 st uitstak die Willem Puts daarop heffende is

Bastiaen Verheijden

cfr supra f° 22 r°

Dingne x Ghijsbrecht Jan Pauwels Wuijts was met Peeter Claus Peeters gaan hooien welke hem dan zei dat hij zijn nicht Marie, van wie hij voogd was, veel schuldig was

Loenhout R 1321, f° 23 r° - s.d.

| 1321-0061-01 |

Peeter Thijs ter Eijck tegen Adriaen Peeter Thoen Thijs

koop van huis in Etten

Denijs Hegge verklaart dat Dierick de molenaar tot betaling aan Willem Smidts in Etten gewezen was van de koop van een huis van Pauwels de molenaar

Peeter Zoeten verklaart item

Peeter Thijs ter eijck heeft gedeeld tegen zijn schoonmoeder Margriete maar heeft haar nooit horen manen van de schuld die Adriaen Peeters eist

Pauwels Jan Boets

levering van schotels

Cornelis Vorspoel heeft op de zolder van de h geest 100 'schotels' helpen halen, item tot Pauwels Jan Boets huis 100 'schotels', en gebracht bij Peeter van Staijen

Mathijs van den Bogaerde verklaart item

Loenhout R 1321, f° 23 v° - s.d.

| 1321-0063-01 |

Jorijs Ingelbrechts tegen Gheerdt Vorselmans

over giften aan de schout en vergoeding erfgenamen +Geeraerdt Ingelbrechts

Peeter Cornelis Loijcx, Gheerdt van Elsacker, Cornelis Marck Loijcx en Jan Leijs Rombouts, mannen van leen, verklaren dat men de schout halve cijns gaf bij verhuur of versterf van een goed

Lijsken x +Peeter Vorselmans leverde koren op het hof

Jan Hovelmans was schepen bij toenmalig schout Gielis van Boechout, de schout mocht toen halve cijns nemen, zegt verder dat hij een stede gekocht had nu in handen van Henrick Hovelmans en alsdan Gielis van Bouchout halve cijns gaf

Claus Haijen verklaarde dat Lisken x +Peeter Vorselmans gezegd had met de oude schout overeenkomst te maken ter zake het geleverde koren

Loenhout R 1321, f° 24 v° en f° 25 r° - s.d.

| 1321-0064-01 |

Magriete x Peeters van Staijen tegen Dierck Nijs Hegs

cfr supra f°19r° - diefstal of onrechtmatige toe-eigening van goederen

Cornelis Fictors, molenaar, verklaart dat de borgen hem de molen overgaven met de kerstdagen ll een jaar voordien

Buijen Huijbs verklaarde dat toen hij in 'Vorsel' woonde het molenaars wijf van Vorsel met de vrouw van Jan Reijns bij hem kwamen met de vraag een voeder goets te voeren naar Wouter van den Broecke

Wouter Jan Stevens verklaart dat hij Gorijs de molenaar tot Sint Geertruidenberg voor recht aangesproken heeft in naam van Dierick Nijs Hegs en Cornelis Verdijck, zowel voor de borgtocht van de molen als voor het huis waar Dierick borg voor stond

Loenhout R 1321, f° 25 v° - s.d.

| 1321-0065-01 |

Dierick Nijs Hegs tegen Margriete x Peeter van Staijen

cfr supra

Cornelis Pauwels Keeselmans verklaart dat de knaap van Cornelis Theus bij hem kwam met de vraag naar Breda goederen te voeren, welke goederen zijn meester uit Antwerpen zou betrokken hebben, maar dat Gorijs hem zei dat dit hem toebehoorde

Claus de Molenaar heeft Marck Nouts en Henrick van Riele horen zeggen dat Margriete x Peeter van Staijen voor het “scaeldien huijs” in Brecht aan de plaatse aan de schout vroeg de koopdag uit te stellen

Loenhout R 1321, f° 26 v° - 28.07....

| 1321-0066-01 |

Michiels van Elsacker tegen erfgenamen Peeters van de Venne

betaling ingevolge borgstelling van vs Michiel voor Peeter van de Venne

Laureijs van Aerde verklaart dat Michiel met recht verwonnen was van Jan Bode

Peeter van Onstaijen verklaart dat Peeter van de Venne een stede huurde van Jan Bode en dat vs Michiel en Cornelis Loijcx daar borg voor bleven

Willem Lenaerdts verklaart item

Jan Bode verklaart Michiel uitgewonnen te hebben voor in de 4O V rogge

Loenhout R 1321, f° 27 v° - s.d.

| 1321-0067-01 |

Henrick Jan Heijns tegen Luijck Willem Luijcx

betwisting ivm huur van goederen

Michiel Leijs Rombouts verklaart dat Willem Luijcx een deel van de goederen in handen gehad heeft die Henrick Jan Heijns van zijn ouders verstorven waren, en dat Willem die huurde tegen de momboors van Cornelis Henrick Jan Heijns zoon waar moeder van was Gabriela Willem Luijcx, verklaart verder dat Peeter Hovelmans op Henrick Jan Heijns 2 V rogge, Berbel Speecx 2 V, Cornelis Faes in Brecht 2 V heffende is

Aerdt Peeter Nouts verklaart dat Henrick Jan Heijns op Willem Luijcx 6 V rogge eens eiste

Loenhout R 1321, f° 28 r° - s.d.

| 1321-0068-01 |

Cornelis Theus Boets tegen de heer

over maken en onderhoud van sloten

Willem Lenaerts, schepene, verklaart dat tussen de oude schout en Cornelis Nijs een passement van de sloten was gemaakt

Peeter Cornelis Nijs weet dat zijn vader een passement van bomen maakte en geld aan de hoeve moest leveren

Cornelis Marck Loijcx weet dat de oude schout de sloten deed maken aan de “sluijshage” en aan Peeters van Onstaijen beemd

Jan Nijs weet dat zijn vader aan de schout geld moest geven van de appelbomen en van de herstellingen die zijn vader zou hebben moeten doen aan de huizen of sloten

Cornelis Jan Michiel Buijens verklaart dat de schout hem de sloten in de “weselschen bemdt” deed maken

Loenhout R 1321, f° 28 v° - s.d.

| 1321-0069-01 |

certificatie voor de gemeente

over betaling van rente door het dorp en getuigenis over Peeter Zegers, was een van de rijkste inwoners van Loenhout, had dochter Leonarda x Cornelis Buijs die op hun beurt een dochter hadden Cornelie x Nijs van Heester xx Willem Scoofs; een tweede dochter van Peeter Zegers was x Cornelis Marck Loijcx navermeld. Deze Peeter Zegers heeft mede geholpen de rente te betalen

Getuigenissen ter zake door: Cornelis Marck Loijcx, 70j – Claus Haijen, 77j – Mathijs de Cuijpere, 74j - Jan Cornelis Boets, 82j – Geert van Elsacker

Loenhout R 1321, f° 29 v° - s.d.

| 1321-0070-01 |

Cornelis Pauwels Geens tegen Pauwels Dingnen

betwisting ivm uitkoop

Dierick Bode verklaart dat toen Kersten Thijs zijn zuster uitgekocht had Cornelis Pauwels Geens als voogd niet tevreden was en meer borg wou

Cornelis Abrahams van Huijsen weet dat Kersten Thijs de nakinderen uitgekocht heeft van het versterf van hun ouders

de stadhouder zegt dat Mathijs Jan Pauwels, vader van de kinderen, te boek staat van een V zaailand waarop juffr Marie van den Wijngaerde 4 V rogge heft

Loenhout R 1321, f° 30 r° - s.d.

| 1321-0071-01 |

Cornelis Theus Bode tegen de heer

cfr supra f° 28 r°

Adriaen Ghiel Buijens hooide aan de “weselse beemd” aan de “sluishage”

Pauwels Jan Bode zegt dat Geerdt Ingelbrechts, schout, beloofde aan Cornelis Theus dat hij de sloten zou doen opmaken

Nijs Peeters van Bavele heeft bij Cornelis Theus Bode gewoond

Loenhout R 1321, f° 30 v° - s.d.

| 1321-0072-01 |

Peeter Jan Nout Luijcx tegen Geerdt de Wege

over koop van stede

Michiel Verstraten verklaart dat Geerdt de Wege de stede waar hij nu woont kocht voor 46 £ br en dat Willem de Backere daarvan de ene helft had en de kinderen Claus Goosens de andere helft en de dochter van Claus Goosens daarvan een vijfde deel, voor welke dochter Peeter Jan Nout Luijcx 'bewaech' (bewachten=voor schade hoeden) en aanlegger in deze is

Goosem Claus Goosems verklaart item, verder dat Geert de stede gekocht heeft geleden te lichtmis 1539 svl vier jaren

Loenhout R 1321, f° 31 r° - s.d.

| 1321-0073-01 |

Cornelis Pauwels Geens tegen Pauwels Dingnen

cfr supra f° 29 v°

procedure leengoederen

Loenhout R 1321, f° 31 v° - 02.09.1539

| 1321-0074-01 |

Pauwels Willem Aerts tegen Wouter van den Broecke

schulden

de stadhouder verklaart dat Pauwels Willem Aerts als gemachtigd van Dominicus de Bode en Peeter Willem Bode zulke leengoederen opgewonnen heeft als Peeter van de Vekene had onder de heer van Arenberch

Laureijs van Aerde en Willem Lenaerts, mannen van leen, verklaren item

Wouter van den Broeck was twee jaar schuldig waarvan één aan Lambrecht de Cnoddere

Loenhout R 1321, f° 32 v° - 22.09.1539

| 1321-0075-01 |

Jan Michiel Leijs Rombouts tegen Jan van Eekele

betwisting erven

Michiel Leijs zegt dat vs Jan een wettige zoon is van Michiel Leijs Rombouts

Michiel Leijs zegt dat hij de straat waarover betwisting bestaat verkocht heeft aan Jan Amelvoerts voor 10 st eens

Loenhout R 1321, f° 32 v°- 22.09.1539

| 1321-0076-01 |

de schout tegen Jan Severijns

schout wil Jan Severijns gevangen nemen, welke Jan zich in zijn huis op zolder verstopt had

Lambrecht Bromans verklaart dat de schout met zijn dienaars 's ochtends omstreeks 6 uur aan het huis van Jan Severijns was

Loenhout R 1321, f° 32 v° - s.d.

| 1321-0077-01 |

Peeter van Staijen x Magriete, Brecht tegen Buijen Huijbs

betaling

Cornelis Jan Nouts verklaart dat Buijen Huijbs beloofde Magriete 4 £ br te betalen

Gielis Buijens verklaart item

Loenhout R 1321, f° 33 r° - 20.10.1539

| 1321-0078-01 |

Peeter Joos tegen de heer

schade door hagel

Jan Lodders haalde op zijn goed gewoonlijk 28 à 30 sister rogge, maar vorig jaar niet meer dan 7,5 sister, hij is de naaste gebuur van de hoeve van de heer van Arenberch, zowel de “hoogen acker” als de “oochstacker” waren door de hagel zwaar beschadigd

Jan Severijns, Cornelis Giels, Lambrecht Bromans getuigen allen over de aangerichte schade op de akkers in Popendonk, ook op de akker bij Peeter Diericx

Loenhout R 1321, f° 33 v° - 17.11.1539

| 1321-0079-01 |

schout tegen Matheus Boudens en Magriete Willem Aerts

over grens tussen Loenhout en Brecht, o.m. aan de “knackhees” boven het “goorken” en “houtel hoeck”

Gielis Laets, 72j, hoorde zeggen dat Loenhout en Brecht scheiden op de schuur waar nu Thijs Jan Claus woont en vandaar op “houtel hoeck” waar het gerecht van Rijkevorsel staat, hij zelf woonde bij Geert Vercaert in Vorsingers toen hij ca 10j was, hij hoedde er de schapen

Peeter Hovelmans, 65j, verklaart altijd geweten te hebben dat men de palen tussen Loenhout en Brecht hield zoals door Gielis Laets verklaard, verder dat in zijn jonge tijd Goeijvaerde Ijsendoncx en Henrick Gorijs dikwijls zeiden dat men de palen gehouden had op de “loenhoutsen hovel” boven het “goorken”

Henrick Jan Heijns, 68j, hoedde zijn vaders schapen vanaf zijn 6 jaar op “hoender heide” en hoorde van Loijc Jan Geerts en Pauwels Couwwenberchs dat Brecht en .Loenhout scheiden op de schuur waar toen Godevaert Ijsendoncx woonde en nu Mathijs Jan Claus, hoorde ook van Gorijs Haest en Jan Thoens, Brecht, dat op “houtel hoeck” 4 heerlijkheden scheiden, te weten Vorsel, Brecht, Loenhout en Wortel

Jan Hovelmans, 73j, item

Cornelis van den Bruijnenberge, 77j, item

Peeter Huijb Callans, 65j, item

Mathijs de Cuijper, 74j, item

Wouter Jan Stevens, 54j, item

Henrick Hovelmans, 70j, item

Claus Haijen, item

Cornelis Vermeere, 47j, heeft van zijn ouders nooit anders gehoord dan wat reeds verklaard werd

Jan van Alphen, 52j, Hoogstraten, item

Lenaerdt Nouts, 84j, Brecht, item

Henrick Karels, 60j, Brecht, item

Cornelis Verdijck, 60j, Brecht, item

Aerdt Peeter Nouts, 58j, St Lenaerts, item, heeft van Loijc Jan Gheerts gehoord dat er een boom placht te staan op de heide op de “varenheuvel”, op de scheiding van Brecht en Loenhout, welke boom hem door vs Luijc was aangewezen en stond op de lijn van “houtel hoeck” naar de bewuste schuur

Loenhout R 1321, f° 36 r° - 17.11.1539

| 1321-0080-01 |

Peeter Lenaerdt Boets tegen Michiel van Elsacker x +Marie Verbuijten (stierf ca 1530 ?)

schulden

Cornelis van Elsacker Michielssen x Magriete verklaart dat zijn moeder (Marie Verbuijten) hem gevraagd had op de stede te blijven totdat hij zoveel schuldig zou zijn als Michiel voor Peeter van de Venne verleden had, heeft 8 of 9 jaar op de stede gewoond

Peeter Cornelis Loijcx verklaart dat Cornelis Loijcx mee hielp betalen in wat Peeter van de Venne aan Jan Bode schuldig was

Peeter van der Buijten verklaart dat bij de deling van have en schulden Michiel van Elsacker niet vermaande over de schuld die hij eisende is

Loenhout R 1321, f° 36 v° - 17.11.1539

| 1321-0081-01 |

Lijsbeth Jans van Aerde tegen Kersten Diericx

last op stede

Jan Pauwels Keeselmans verklaart dat de stede waar Kersten Diericx woont gekomen is van Jan Pauwels Keeselmans x Katrijne en dat Lijsbeth Jan Pauwels dr na de dood van haar ouders daar schuldig is op te heffen 4 V 4 st

(Nota: blijkbaar had Jan Pauwels Keeselmans de oude een zoon Jan die evenwel niet Jan Jan Pauwels Keeselmans werd genoemd maar ook Jan Pauwels Keeselmans, soms aangevuld met de jonge, bevestigd in andere akten, en zoals dat ook gebruikelijk was voor anderen die dezelfde voornaam als hun vader hadden)

Loenhout R 1321, f° 36 v° - s.d.

| 1321-0082-01 |

Peeter Lenaerdt Bode

cfr supra f° 36 r°

Cornelis de Wewen verklaart Michiel van Elsacker te hebben horen zeggen dat zijn zoon Cornelis op de klein stede woonde

Geert Schoemakere verklaart Michiel van Elsacker te hebben horen zeggen dat zijn zoon Cornelis “theus thijs stede” gekocht had

Loenhout R 1321, f° 37 r° - 17.11.1539

| 1321-0083-01 |

Peeter Joos tegen de heer

cfr supra f° 33 r°

Cornelis Jan Ingelen woonde bij Peeter Joos ten tijde van de hagelstorm

Peeternelle Lenaerdt Peeter Nout Jan Geerts dr hielp Peeter Joos na de hagelstorm met het koren

Loenhout R 1321, f° 37 v° - 18.09.1539

| 1321-0084-01 |

Pauwels Jan Dingnen tegen Jan Pauwels Keeselmans

cfr supra f° 29 r°, last op stede

Cornelis Cornelis Luijcx zegt dat zijn vader gewoond heeft op de stede waar Pauwels Jan Dingnen nu woont en dat +Jan Pauwels Keeselmans de oude x Katrijne, ouders van de jonge Jan Pauwels Keeselmans daar niet meer op hieven dan 2 V rogge, verkocht zelf aan de weduwe nog een V rogge

Geerdt van Elsacker verklaart item

Cornelis van Elsackere Geertssen heeft op vs stede gewoond, vs Katrijne hief 2 V rogge en nog 30 st erfelijk

Loenhout R 1321, f° 38 r° - 18.11.1539

| 1321-0085-01 |

Cornelis Heijns tegen Willem Hovelmans

vechtpartij aan “claus ketelaren grachtken”

Buijen Huijbs heeft de vechters uiteen getrokken, Willem Hovelmans had een 'geblecten stock' waarmee hij sloeg op Cornelis Heijns

Claus Ottens zegt dat Cornelis Heijns aan het “akkerveken” stond met een riek in de hand en dat Willem Hovelmans hem aanviel met een stok

Loenhout R 1321, f° 38 v° - 18.11.1539

| 1321-0086-01 |

Cornelis Jan Boets tegen Cornelis Keeselmans

over last op stede

Willem de Hase was aanwezig toen de momboors van de weeskinderen +Henrick Goosen de stede in Donk waar hij uitgestorven was verkochten aan Willem Gielis van de Wijngaerde waarbij mede uitgestoken de Kgld die Willem Puts heffende was

Cornelis Jan Nouts was toeziener van de weeskinderen Henrick Goosens en Cornelis Goesen was voogd

Loenhout R 1321, f° 39 r° - s.d.

| 1321-0087-01 |

Jan van Eekel tegen Michiel Leijs Rombouts

ivm calengiering erven (straetken)

Michiel van Elsacker heeft aldaar wel 40 jaar gekomen en heeft nooit anders geweten dan dat het 'straetken' van het heilaer van Sneppel strekkende naast Jan van Eekel een gemene lijkweg, molenweg of smisweg was, gebruikte zelf die weg met zijn beesten en bevond deze weg nooit te eng, heeft verder ook nooit put of paal gezien op de hoeken van het straatken waarvan hij nooit hoorde zeggen dat dit toebehoorde Jan Heijns of Henrick Jan Heijns of Michiel Leijs

Cornelis Zegers woonde bij Jan Heijns en zijn vrouw, schoonouders van Michiel van Elsacker, heeft hen nooit horen zeggen dat het straatken hen toebehoorde

Peeter van der Buijten is opgevoed in de berenstraat, zegt dat wanneer daar iemand overleden was dat men dan het straatken naast Michiel Leijs Rombouts nam en verder naast Jan van Eekele om het lijk naar de kerk te brengen

Geerdt van Elsacker verklaart item

Peeter Zoeten hielp het huis zetten waarin Jan van Eekele woont en heeft toen van geen calengiering gehoord

Loenhout R 1321, f° 40 r° - 18.11.1539

| 1321-0088-01 |

Henrick van Aerde x Anne Claus Peeter de molenare tegen Claus de Molenare

over huwelijksgift

Peeter van Staijen Janssen, aanwezig bij de huwelijksovereenkomst tussen Henrick van Aerde en Anne Claus Peeters molenaren dr, verklaart dat Claus aan Heijn jaarlijks 2 sister rogge beloofde

Peeter Jan Boetssen spreekt van een sister rogge en 100 gld, een koe of 8 Rgld

Lijsbeth x +Jan van Aerde hoorde eerst ook van de 2 sister rogge, dan van 20 st jaarlijks, een hemd en een rok

Loenhout R 1321, f° 40 v° - s.d.

| 1321-0089-01 |

Bernaert Stevens tegen Lijsbeth x Jan van Aerde

verhandeling van rogge

Willem Hovelmans was aanwezig toen Bernaerdt en Jan Wouters gebroeders de rogge die verschenen was op het “rouven” 'verdingden' de V voor 12 st tegen Jan van Aerde x Lijsbeth, en welke rogge dezelfde was die zij nu heffende is

Peeter Cornelis Nijs verklaart item

Loenhout R 1321, f° 41 r° - 11.12.1539

| 1321-0090-01 |

Ghijsbrecht Jan Pauwels Wuijts tegen Jan Willems van de Wijngaerde

betwisting s/d heiblok in Wuustwezel

Henrick en Willem Jan Hovelmans broers verklaren dat toen de deling geschiedde tussen Jan Willems en zijn broers en zussen dat de vrouw van Jan Hovelmans jaarlijks 7,5 st zou hebben voor haar deel in het heiblok

Dierick Bode hoorde dat Jan Willems aan de kinderen Jan Hovelmans 7,5 st schuldig was van het heiblok, heeft zelf met zijn huisvrouw 7,5 st gekweten aan Ijsabeele van Wouwe

Mathijs Jan Braens ignorat

Jan Hovelmans zegt dat zijn voorkinderen na overlijden van juffr Willems7,5 st erfelijk zouden nog 2,5 st hebben van de “rouwadien” nu de “bleijcke”

Loenhout R 1321, f° 41 v° - 09.12.1539

| 1321-0091-01 |

Neesen Munts tegen mr Henrick

niet betaalde schuld

Jan Leijs Rombouts verklaart dat mr Henrick tot Loenhout kwam aan de “doren” en tegen Adriaen Wils zei dat die hem nog 14 st moest geven, Munt was toen al dood

Adriaen Vermunten werd door mr Henrick vaak gemaand van het geld dat Munt hem nog schuldig was over 'verdingde' rogge, Munt was toen al zeker een jaar dood

Jan Bode zegt dat mr Henrick hem vroeg de weduwe Munts te manen

Loenhout R 1321, f° 42 r° - 09.12.1539

| 1321-0092-01 |

Gheert Vorselmans tegen Jan van Eekele

rente

mr Henrick van Meere kwam tot Loenhout om uitvoering van zijn uitgewonnen recht, deed dat niet voor Lijsken Vorsmans maar voor de weduwe Munts, dat hij inzake de rente die hij heffende is op de panden Peeter Vorselmans niet betrokken is in het feit of zij die panden onderling delen

Loenhout R 1321, f° 42 v° - 15.12.1539

| 1321-0093-01 |

schout tegen Theus Boudens

scheiding Loenhout en Brecht, cfr supra f° 33 v°, waarbij de verklaringen over de scheiding bevestigd worden

Getuigen: Marten de Proest, 60j, Rijkevorsel – Claus Meesens, 60j, Rijkevorsel – Cornelis de Proest, 53j, Hoogstraten – Cornelis de Deckere, 82j, Rijkevorsel

idem 30.12.1639

Peeter Jans verklaart dat de knaap van Magriete Willem Aerdt en de knaap van Matheus Boudens heide maaiden op de “loenhoutse hovel” waar de schout ze aanhield en ook Matheus Boudens stond daaromtrent

Loenhout R 1321, f° 43 r° - 15.12.1539

| 1321-0094-01 |

schout tegen Jan Pauwels (Keeselmans)

niet betaalde penningen

Luijcas Joos Luijcx, vorster in Brecht, zegt dat Jan Pauwels Keeselmans hem beloofde in Brecht te betalen Cornelis Verdijck, voogd van de kinderen Jan Verdijck

Cornelis Verdijck zegt dat Jan Pauwels de penningen niet voldaan heeft zoals beloofd

Lenaerdt Verdijck Cornelissen kent item

Aerdt Peeter Nouts kent item

Loenhout R 1321, f° 43 v° - s.d.

| 1321-0095-01 |

Jan Pauwels Keeselmans tegen de schout

Luijcas Joos Luijcx en Aerdt Peeter Nouts verklaren thans dat Jan Pauwels Keeselmans naar Brecht is gekomen

Jacob van Onstaijen zegt dat Jan Pauwels tot Brecht is gekomen ten huize Gommaer Venne, Brecht, dat hij geld bij zich had maar dat Neel Verdijck hem niet wou voldoen

Los stuk – 13.06.1539

Voor schepen van Antwerpen verkocht Adriaen Vermunten Willemssen, Loenhout, aan de momboor en tot behoefte van Katlijne van Eijnde, natuurlijke dochter van Sebrecht van Eijnde x +Katlijne Aerdts alias van der Hoeven een rente van 4 Kgld op een stede in Sneppel

Loenhout R 1321, f° 44 r° - 29.12.1539

| 1321-0096-01 |

schout tegen Adriaen van Aken

beledigingen

Anthonis Jan Wackers verklaart dat Adriaen van Aken bij Peeter van der Buijten kwam op de kamer voor schout en schepenen waar er meerdere woorden vielen

Pauwels Willem Aerts zegt dat Adriaen van Aken de schout en schepenen verweet voor boeven en rabauwen, ook nog zei tot de schout 'ick seerde u in u gat'

Loenhout R 1321, f° 44 v° - 17.12.1539

| 1321-0097-01 |

Jan Michiel Leijs Rombouts tegen Jan van Eekele

cfr supra f°32v°

Michiel Leijs Rombouts vernam van Jan Amelvoirts dat hij land gekocht had van Henrick Cleijs waarop het huis van Jan van Eekel staat, verder dat de erven waarover de betwisting is kwam van zijn huisvrouw en dat deze de erven nooit heeft opgedragen in sheeren handen

Claus Haijen was aanwezig toen de bornput gegraven werd, heeft ook het woonhuis helpen 'heffen' en zegt dat er, waar nu de messing is, een paal stond

Peeter Soeten heeft het woonhuis gezet, er werd gezegd dat dit te dicht bij de straat stond

Henrick Jan Heijns was ook aanwezig toen de bornput gemaakt werd

Michiel van Elsacker zegt dat het land vroeger toebehoorde aan Lenaerdt Verbuijten

Peeter van den Cloote kent ... (niets ingevuld)

Loenhout R 1321, f° 45 v° - 23.12.1539

| 1321-0098-01 |

Ghijsbrecht Jan Pauwels tegen Jan Willems

cfr supra f° 41 r°

Magriete Peeter van Staijen ignorat

Claus van Staeijen tegen Adriaen Ghielssen

ivm uitvoering testament

verzoek om Henrick van Riele te laten bevestigen dat Adriaen Michiels van hem 6 of 7 'lichte gld' ontvangen heeft van de goederen van de huisvrouw van Claus van Staijen

Loenhout R 1321, f° 45 v° - s.d.

| 1321-0100-01 |

Jan Pauwels Keeselmans tegen de schout

cfr supra f° 43 r° e.a.

Jan Pauwels concludeert dat het feit moet behandeld worden waar het is gebeurd

Loenhout R 1321, f° 46 r° - 29.12.1539

| 1321-0101-01 |

schout tegen Jan Van Eekele

betwisting huur van koe

Adriaen Vervoirt x Marie zegt dat Jan van Eekele met zijn huisvrouw hen een koe verhuurd hadden voor 12 st maar dat de huisvrouw van Jan van Eekele die tegen hun wil teruggehaald heeft

Meus Cornelis Meus Coppens verklaart item

Loenhout R 1321, f° 46 v° - 29.12.1539

| 1321-0102-01 |

schout tegen Matheus Boudens

cfr supra f° 42 v° e.a.

Peeter Cornelis Pauwels Geens bevestigt wat Peeter Jans al verklaard had

Jan Thijs Theus kent item

Noutken Peeters Cuijpers, 19j, verklaarde eveneens aanwezig geweest te zijn toen de schout de betrokkenen gevangen nam

Loenhout R 1321, f° 46 v° - s.d.

| 1321-0103-01 |

de schout tegen Adriaen van Aken

cfr supra, beledigingen

schepenen bevestigen de beledigingen

Loenhout R 1321, f° 47 r° - s.d.

| 1321-0104-01 |

Mathijs de Coninck tegen Buijen Hovelmans

over rente op stede

Cornelis Gielis Haest verklaart dat toen Willem Gielis van de Wijngaerde de stede van de kinderen Adriaen Gielis Haest gekocht had deze geklaard was van alle verschenen renten

Wouter van de Cloote ontving van Mathijs de Coninck een V rogge eens op rekening van de vs rente

Loenhout R 1321, f° 47 v° - 29.12.1539

| 1321-0105-01 |

Jorijs Ingelbrechts tegen mr Peeter Spoormans (schoolmeester)

bediening kosterschap

Bernaerdt Couwenberchs vernam van Peeter Spoormans, schoolmeester in Loenhout, dat hij gedurende 12 jaar het kosterschap gehuurd had van Jorijs Ingelbrechts, maar dat indien deze dat zelf wenste te doen dat hij hem dan een half jaar op voorhand moest opzeggen, maar dat hij het niet aan iemand anders mocht doorgeven

meester Peeter bevestigt, zegt nog dat Jorijs op kerstavond ll de sleutels opeiste

Loenhout R 1321, f° 48 r° - 12.01.1540

| 1321-0106-01 |

Geerdt Voselmans tegen Franck Marcelis

betaling

Neesken Peeter Vorselmans dr zegt dat Geerdt Vorselmans 7,5 Rgld gaf aan Franck Marcelis

Cornelis van den Bogaerde blijft bij zijn kennis

Loenhout R 1321, f° 48 v° - 12.01.1540

| 1321-0107-01 |

Willem Hovelmans tegen Cornelis Heijns

cfr supra f°38r°

Buijen Huijbs Verhaert verklaart dat toen Willem Hovelmans en Cornelis Heijns ruzie hadden Peeter de Beere met een stok Cornelis sloeg

Jan Willem Lenaerdt Loijcx zegt dat Cornelis Heijns bij Claus de Keteleeren stond met een riek in de hand

Jan Gielis Larien zegt dat Cornelis Hovelmans zei dat Willem Hovelmans een judas was, dit ten huize Jan Verhaerdt, verder dat Cornelis na de feiten naar het huis van Mathijs Bogaerts liep

Peeter de Beere zegt dat Willem en Cornelis vechtend door het 'veken' kwamen bij Thijs Smidts, en dat Cornelis Heijns zijn mes nam en dat hij deze daarna met een stok een 'smacxken' gaf

Loenhout R 1321, f° 49 r° - 12.01.1540

| 1321-0108-01 |

Peeter Lenaerdt Boets tegen Michiel van Elsacker x Marie

cfr supra f°36r°

Jan van Elsackere bevestigd dat Marie x Michiel van Elsacker verlangde dat Cornelis van Elsacker op de stede zou wonen

Cornelis Michiels van Elsacker zegt dat hij ca 8 £ gr br 22 V rogge schuldig is inzake vs stede en dat hem als huwelijks goed door zijn ouders 7 V rogge jaarlijks beloofd waren

Magriete x Cornelis vs verklaart item

Loenhout R 1321, f° 49 v° - 26.01.1540

| 1321-0109-01 |

Jan van Eekele tegen de heer

cfr supra, verhuur van een koe

Meus Cornelis Jan Meus verklaart dat Adriaen Vervoirt, die zelf geen koe had, er een wou huren van Jan van Eekele, die er veel had, waarop deze zei ze liever te willen verkopen, en dat Adriaen Vervoirt beloofde er geen andere beesten dan een kalfje bij te houden. Een drietal weken later kocht Adriaen een paard van Aerdt Peeter Nouts, verder had hij blijkbaar nog een koe van Cornelis Pauwels

Cornelis de Hase verklaart dat Adriaen Vervoirt van hem een paard wou huren

Loenhout R 1321, f° 50 v° - s.d.

| 1321-0110-01 |

Peeter de Smidt van Breda tegen Marie x +Wouter Conincx

rente en pandstelling

Laureijs van Aerde verklaart dat Jan Bellens aan Wouter de Coninck een som geld gaf voor rente maar dat deze niet tevreden was met de pandstelling waarop Wouter aan Marie x +Cornelis de Coninck om bijpand vroeg

Ghijsbrecht de Bije, vorster, verklaart item

Loenhout R 1321, f° 50bis r° - s.d.

| 1321-0111-01 |

Marie x +Wouter Snels tegen mr Henrick Smekens als stadhouder

over de erven de “verckens hoeck”

Peeter van der Wilt, zijn oom was vs Wouter Snels, verklaart dat mr Henrick Smekens als stadhouder in het leenhof van jonker Jan van der Straten in het hof van Tijchelt hem zei dat hij de “verckenshoeck” moest ontvangen en dat vs Marie niet te boek stond, maar dat hij antwoordde dat zijn oom en Marie die samen hadden gekocht

Peeter van Onstaijen zegt dat Peeter van der Wilt de 'dood gift' ontvangen heeft in broederlijke en zusterlijke rechten

Loenhout R 1321, f° 50bis v° - s.d.

| 1321-0112-01 |

schout tegen Lucije x Lenaerdt Peeter Nouts Jan Geerts

diefstal

Peeter Wilborts verklaart op de kleine jaarmarkt in Hoogstraten twee vrouwen ontmoet te hebben die twee stukken lakens bij hadden, zover hij meende kwamen ze uit de “swaene” uit de “doren”, zegt ook dat vs Lucije in Hoogstraten een slechte naam heeft

Cornelis Geertssen vernam van zijn huisvrouw dat die laken verloren had en dat ze vermoedde dat vs Lucije die had

Claus de Ketelaer zegt dat Lucije bij zijn zoon gekomen is toen die bij Mente Jan Giels in Vorsinger werkte en hem een 'beken' (soort kom) aangeboden had dat het klooster van Hoogstraten zou toebehoord hebben. Hierop is Claus naar Lucije gegaan vragende hem het beken te tonen. Toen hij daarna in Hoogstraten ging werken en in het klooster ging voor de schrijnen zei zuster Melsken hem dat ze een beken kwijt waren. Claus zei dat hij wel wist waar het was waarop de zuster vroeg of het bij Lucije was. De zuster zei ook dat ze het beken niet terug wilden maar Claus zei dat hij het wel op een propere manier zou verkrijgen. Ging naar Lucie en zei dat hij het beken kon gebruiken om een bedpan te maken, bracht het terug naar het klooster

Loenhout R 1321, f° 51 v° - s.d.

| 1321-0113-01 |

schout tegen Thomas Thoens

beslagname van hooi ivm aangerichte schade

Quirijn Acdorens was in beemd de “robrecht” waar Cornelis Nijs, stadhouder van de schout, hem vroeg op of hij de haas gejaagd had en nog zei dat hij het hooi van Thomas Thoens in beslag genomen had

schout tegen Luijcie x (Lenaert) Peeter Nouts

cfr supra f° 50 bis v°

Hanneken Claus Ketelaren verklaart dat Lucije hem een beken wou verkopen

Claus van Staijen hoorde zeggen dat Lucije van Cornelis Elsackers in Hoogstraten laken genomen had en bij Wouter Sels gebracht, is wel 12 à 13 jaar geleden

Loenhout R 1321, f° 52 r° - s.d.

| 1321-0115-01 |

Wouters van den Cloote tegen Jorijs

betwisting rogrente

Jan van Heester verklaart dat er woorden waren van de erfrogge die Jorijs Ingelbrechts van hem kocht voordat Peeter van der Buijten de verloren rente kocht

(Nota: volgende staat blijkbaar los van bovenstaande en is het vervolg van de voorgaande akte)

Cornelis Cornelis Nijs, stadhouder van de schout, heeft in opdracht van de schout de toemaat van Thoomaes Thoens bezet, deed dit toen Thomas Thoens met twee knechten aan het hooien was. Bezet gebeurde voor de aan de beken aangerichte schade

Loenhout R 1321, f° 52 v° - s.d.

| 1321-0116-01 |

Ghijsbrecht Jan Pauwels tegen Jan van den Wijngaerde

koop van stede

Casus Huefkens hoorde Ghijsbrechts vader zeggen dat hij de stede waar Ghijsbrecht woont gekocht had voor 9 sister maar weet niet meer geld of koren

Anthonis Pauwels Wuijts heeft Jan Pauwels Wuijts vaak horen zeggen dat hij de stede gekocht had voor 8 sister half geld half koren en 10 £ gr br in de hand

Loenhout R 1321, f° 53 r° - s.d.

| 1321-0117-01 |

Peeter Thijs Pauwels Geens tegen Henrick Valkemans

overeenkomst ivm koop van stede

Peeter Cornelis Nijs verklaart dat Henrick Valkemans aan Peeter beloofde, vooraleer hij de stede van Kersten Thijs kocht, het deel dat hem zou toekomen te voldoen

Cornelis Valckemans verklaart dat Henrick vooraf beloofde een bed en een half rund te geven

Loenhout R 1321, f° 53 v° - s.d.

| 1321-0118-01 |

mr Wouter Happaert tegen de weduwe Daem Cuijts

bezetten van goederen

gevraagd wordt naar het register van Adriaen Wouters dd 10.09.1537

de vorster van Brecht werd gevraagd Lenaerdt Heijn Putcuijps kennis te geven dat de vorster in Loenhout, gemachtigd van Claus de Haen, de goederen van Daem Vuijts in Loenhout bezet had, waarvan Willem Stijnen, momboor van de kinderen Daem Cuijts, in kennis werd gesteld

Loenhout R 1321, f° 54 r° - s.d.

| 1321-0119-01 |

Matheus Boudens tegen de schout

scheiding heerlijkheid, cfr supra f° 46 v° e.a.

de schout is niet in bezit van de brief die heer van der Noot hem gezonden heeft

Loenhout R 1321, f° 54 v° - s.d.

| 1321-0120-01 |

schout tegen Luijcie x Lenaerdt Peeter Nouts

cfr supra f° 51 v° e.a.

Geerdt Henrick Meermans woonde op de “aerd” bij Jacob Hulst waar lijnwaad verdwenen was dat de zoon van Lucije zou weggenomen hebben

Marie x +Wouter Snels kocht laken van Lucije, zegt verder dat Claus van Staijen en Jan de Bije bij haar kwamen en zeiden dat zij (Lucije) het laken gestolen had

Katrijn x +Aerdt der Wewen zegt dat Lucije een slechte naam heeft

Loenhout R 1321, f° 55 r° - s.d.

| 1321-0121-01 |

mr Jan Vorspoels tegen Cornelis Jan Boets

afscheiding tussen percelen

Lijne in de Bijle x Peeter verklaart dat haar man de heining tussen mr Vorspoels en Cornelis Boets hof heinde met een 'ijmtuijne' (omheining)

Peeter Martens, schepene, zegt dat zijn vader de hagen voor de zijne hield en vermaakte

Loenhout R 1321, f° 55 v

| 1321-0122-01 |

Lucije x Lenaerdt Peeter Nout Jan Geerts tegen de heer

cfr supra f° 54 v° e.a.

Aerdt Heerls, schepene in Hoogstraten, verklaart dat de man van Lucije en haar kinderen zijn turf gegraven hebben, heeft nooit iets verkeerd gezien, hebben ook gewerkt bij Magriete Heerls en heeft daarvan evenmin iets verkeerd gehoord

Adriaen van Bocxtele en zijn huisvrouw, hebben in het huis van het klooster gewoond, verklaren item

Jan Jan Claus Peeters zegt dat Lucije en haar man bij hem hebben zitten drinken op de kleine jaarmarkt, heeft niets verkeerd gezien of gehoord

Willem Fijen en zijn huisvrouw zeggen dat Lucije van hen boter kocht, haar dochter woont nu bij hen

Geerdt de Wege heeft met Lucije en haar man zitten drinken

Dierick Ingelen x Marie waren 20 jaar gebuur met Lucije

Ment Jan Diels item

Adriaen van Aken verklaart dat Lucije nooit iets van hem ontvreemd heeft

Jan Jordaens kent item

Loenhout R 1321, f° 57 r° - 31.05.1540

| 1321-0123-01 |

godshuis van Corsendonck

rente op stede

wordt gevraagd of Jan Loijcx aan Peeter van Onstaijen 6 L rogge aan het godshuis uitgestoken heeft op de hoeve waar nu Jan Laureijs Rombouts woont

Peeter van Onstaijen heeft als voogd van Peeters zijn broeders kinderen de stede verkocht aan Jan Laureijs Rombouts, verklaart Jan Pauwels als rentmeester van vs godshuis vooraf betaald te hebben

broeder Geerdt Vorselmans zou al zijn goederen aan vs godshuis overgemaakt hebben

Loenhout R 1321, f° 57 v° - 31.05.1540

| 1321-0124-01 |

schout tegen Peeter Diericx

gebruik van land

Peeter Diericx van Aerde heeft in leen ontvangen een stuk erven onder zijn leenheer Marck Loijcx

Laureijs van Aerde verklaart item

Loenhout R 1321, f° 57 v° - 01.07.1540

| 1321-0125-01 |

Jan van Lint tegen Jorijs Ingelbrechts of zijn moeder

gebrek van betaling

de vorster verklaart nooit iets gehad te hebben van de oude opwinningen ten tijde van de oude schout Geeraerdt Ingelbrechts

Cornelis Marck Loijcx kent item

Loenhout R 1321, f° 58 r° - 12.07.1540

| 1321-0126-01 |

Adriaen Jan Michiel Buijens tegen Claus van Staijen

betalingen

Henrick van Riele kocht het goed, verstorven van Goosem Knodders dr, van Adriaen Jan Michiel Buijens en consorten voor 11 Rgld, betaalde ook Katrijne Michiel Jan Meus dr

Cornelis Luijcx was aanwezig bij deze betaling

Jan de Cuijper zegt dat Henrick vs Adriaen betaalde bij Peeter in de Bijle

Loenhout R 1321, f° 58 v° - 12.07.1540

| 1321-0127-01 |

Jan van den Wijngaerde tegen Ghijsbrecht Jan Pauwels Wuijts

cfr supra f° 52 v°

Jan van Lint, schout, Laureijs van Aerde, Michiel van Elsackere en Goosem Lemmens blijven bij de uitspraak die tussen Jan van den Wijngaerde en de kinderen Jan Hovelmans gedaan is op 18.03.1539 svl

Peeter Cristiaen Reijns en Cornelis Jan Nout Luijcx kennen dat Jan van den Wijngaerde zei dat hij het 'al es al' wou maken

Loenhout R 1321, f° 59 r° - 26.07.1540

| 1321-0128-01 |

Jan Laureijs Rombouts tegen godshuis Corsendonck

cfr supra f° 57 r°

Cornelis Jan Nout Luijcx zegt dat +Agneese Vorselmans woonde in Donk waar nu de weduwe Peeter Vorselmans woont en dat vs Agneese aldaar gestorven is nu 17 à 19 jaar geleden

Peeter Jan Nout Luijcx kent item

verder is er de vraag wanneer het testament van broeder Geerdt Vorselmans dateert en welke regels van toepassing zijn met o.m. verwijzing naar een artikel van de 'blijde inkomst' van de hertog van Brabant

Loenhout R 1321, f° 60 r°

| 1321-0129-01 |

Adriaen van Aken tegen de schout

cfr supra f° 44 r° e.a.

schepenen verklaren dat de penningen niet aan Laureijs van Aerde te pand stonden, maar dat de schout van sheeren wegen mag panden voor geld dat men schuldig is, zeggen verder dat Adriaen van Aken telkens hij dronken is kwalijk spreekt en twist zoekt

gaat verder 15.11.1540

Anthonis Jan Wackers verklaart dat toen de schepenen op stonden om te gaan eten de schout alle partijen in vrede liet gaan

Peeter Joos verklaart item

Loenhout R 1321, f° 61 r° - 09.08.1540

| 1321-0130-01 |

schout tegen Thoomas Thoens

cfr supra f° 51 v°

Claus de molenare ging met Thoomas bij de schout maar zowel de schout als de stadhouder waren buiten het dorp

Loenhout R 1321, f° 61 v° - 09.08.1540

| 1321-0131-01 |

kinderen Henrick Keijsers tegen Jan Gielis Larien

verkoop van koe

Peeter Jans was aanwezig toen Jan Gielis Larien een koe kocht van Lijne Huijbs, die Jan Larien blijkbaar aansprak als Jan zwager

Loenhout R 1321, f° 61 v° - s.d.

| 1321-0132-01 |

Lenaerdt Cornelis Lenaertssen tegen Adriaen Vermunten

testamentaire beschikking

Casus Huefkens, Jan Gielis Larien en Anthonis Wackers verklaren dat +Magriete x +Willem Vermunten in haar ziekbed bij testament begeerde dat Neelken dochter van haar dochter Marie 2 V rogge zou hebben uit haar achtergelaten goederen, ook Willem Vermunten maakte aan Neelken 2 V rogge over

Loenhout R 1321, f° 62 r° - s.d.

| 1321-0133-01 |

Bernaerdt Wouters tegen Cornelis Goris

twist

Cornelis Heijns Cuijpere kent dat Benaerdt Wouters en Cornelis Heijns Goris samen waren bij Henrick van Sinte Huijbrechts en vrede sloten over hun twist

Joos van Elsacker kent item

Loenhout R 1321, f° 62 v° - 23.08.1540

| 1321-0134-01 |

schout tegen Geerdt Vorselmans

betaling van koe en waarde van de ‘geldensche rijder’

meester Claus kwam met zijn huisvrouw bij Geerdt en maande hem aan de koe te betalen wat deze zei te zullen doen als men de geldensche rijder wou ontvangen voor 22 st

Marie x +Jan Nouts stuurde Peerken Marcx naar Geerdt Vorsselmans om geld van de koopdag en deze terugkwam met een geldersche rijder en 2 penningen van 2 blanken, welke haar gegeven waren voor 25 st

Loenhout R 1321, f° 63 v° - 23.08.1540

| 1321-0135-01 |

de schout tegen Geerdt Vorselmans

slagen aan meester Claus

Jan Nijs was boekweit aan het pikken, zag dat Geerdt Vorselmans 'smeet', hoorde nadien meester Claus roepen en heeft dan Geerdt van meester Claus getrokken, dit gebeurde op Goosen Lemmens land

Lenaerdt Verdijck kwam met Pauwels Gielis Pellekens bij Geerdt Vorselmans en zagen hem meester Claus slagen

Loenhout R 1321, f° 64 r° - 23.08.1540

| 1321-0136-01 |

Geerdt Vorselmans tegen de schout

cfr vorige akte

Lenaerdt Verdijck verklaart dat meester Claus Geerdt Vorselmans verweet voor dief

verder 20.09.1540

Jan Nijs kent dat meester Claus Diericx Geerdt Vorselmans een snode dief noemde

Lenaert Verdijck kent item

Loenhout R 1321, f° 64 v° - s.d.

| 1321-0137-01 |

de schout tegen Peeter Bode Willemssen

twist

Adriaen van Aken zag dat Joris Ingelbrechts bij Jan Sweerdts kwam met een rapier aan en dat Peeter Willem Bode toen naar Heijns van Staijen liep en daar zijn rapier haalde en dan vs Jorijs verweet voor schelm en dergelijke

Cornelis van den Broecke verklaart dat er twist was tussen Jorijs en Peeter vs omdat Jorijs Marie Snels in haar rechtszaak gedienstig was

Jan van Staijen kent item

Henrick van Staijen kent item

Meus Nijs Meus kent item

de vorster had blijkbaar goederen, die Peeter Willem Bode toe behoorden, geveild in opdracht van Marie Snels

Loenhout R 1321, f° 65 v° - s.d.

| 1321-0138-01 |

de weduwe en erfgenamen Geeraerdt Ingelbrechts tegen Jan van Lint

cfr supra f° 57 v°

verwezen wordt naar rekening van Geeraerdt Ingelbrechts aan de heer van Arenberch waaruit zou blijken dat Willem van den Wijngaerde 12 Rgld betaalde aan de heer voor zijn ongeval

verwezen wordt naar een kwitantie van Thonis Wouter Diericx dat Geeraerdt of Joris vs Anthonis betaald heeft

verwezen wordt naar een kwitantie van Cornelis Peeters van den Cloote en Peeter van Ditfoirt, h geest mrs dat zij ontvingen van de erfgenamen Geerdt Ingelbrechts 25 Kgld 8,5 st vanwege Jan van Lint

verwezen wordt naar een kwitantie van Mathijs de Cuijpere die van Geerdt Ingelbrechts 6 Rgld 3 st ontving

Dierick Bode verklaart dat hij zijn deel afgekort heeft aan de schout

Nota: inliggend drie losse stukken met betrekking tot onderhavige zaak en waaruit o.m. blijkt dat Thonis Wouter Diericx, Jan van Bavele, Jan de Cuijper en Huijbrecht Verlijnden uit naam van hun vrouw erfgenamen zijn van Heijnrick Leemans

Loenhout R 1321, f° 66 r° - 20.09.1540

| 1321-0139-01 |

Pauwels Willem Aerts tegen Cornelis Heijns

valse eed

Willem Lenaerts, Pauwels Jan Dignen, Peeter van Onstaijen en Peeter Martens opte Rijdt, schepenen, kennen dat Cornelis Heijns zei dat Pauwels Aerts valselijk gezworen had

Loenhout R 1321, f° 66 v° - 04.10.1540

| 1321-0140-01 |

schout tegen Jan Vorspoel

slagen

Adriaen van Aken zag dat Jan Vorspoels en Lijsken Dries woorden hadden, dat Jan een kan bier van Lijsken wou afnemen waarna hij haar met een 'voutheijse' (vouthangel=haak om in een gewelf iets op te hangen) op de vingers sloeg en later nog met een pollepel

Henrick van Staijen kent item

Adriaen Ghiel Bijens ignorat

Cornelis Heijns zegt dat hij met meester Jan Vorspoel woorden had waarbij Jan Vorspoel een mes had waarop hij een stok ging halen, kentg nog dat op een andere avond Jan Vorspoel vocht met zijn broer Cornelis Voerspoel en dat Jan Vorspoel toen ook een mes had en naar zijn broer stak

Lijsken, meid van Peeter van Onstaijen, zag dat Jan Vorspoel sloeg naar Lijsken Dries

Loenhout R 1321, f° 67 r° - 04.10.1540

| 1321-0141-01 |

Peeter Diercx tegen de schout

procedure ivm meineed, nood aan getuigen

Loenhout R 1321, f° 67 v° - 15.11.1540

| 1321-0142-01 |

Adriaen van Aken tegen de schout

cfr supra f° 60 v° e.a., procedure

Laureijs van Aerde, Peeter Joos en Willem Lenaerts, schepenen, kennen dat Adriaen van Aken bij Peeter van der Buijten geld gaf aan de schout vanwege zijn moeder en dat wanneer de schout hem vroeg wanneer hij zijn klachten zou betalen Laureijs van Aerde antwoordde 'hij zal dit met sint huijbrechts dag doen of ik zal ze zelf betalen', waarop de schout Laureijs van Aerde bepande

Loenhout R 1321, f° 68 r°

| 1321-0143-01 |

schout tegen Jan Vorspoel

cfr supra f° 66 v°

Jan Oliviers van den Wijngaerde zag dat Jan Vorspoel bij Peeter van der Buijten een knuppel trok

Lijsken Dries zegt dat meester Jan haar sloeg met een 'potheijse'

Cornelis Vorspoel zegt dat zijn broer hem een 'scrabbe' aan zijn keel bezorgde, weet niet meer met wat

Loenhout R 1321, f° 68 v° - 29.11.1540

| 1321-0144-01 |

Geerdt Vorselmans tegen de schout

cfr supra, f° 62 v°

Grietken Peeter Faes dr zegt dat Marie x +Jan Nouts bij Geerdt kwam met een 'geldersche' (rijder) en zei dat meester Claus die niet wou wisselen voor 21 st

de weduwe Cornelis Marcx zegt dat het de vrouw van Geerdt was die haar de geldense rijder gegeven had

Marie x +Jan Nouts kent zegt dat Claus Diericx haar de rijder niet wou wisselen

Loenhout R 1321, f° 69 r° - 29.11.1540

| 1321-0145-01 |

Jan Vorspoels tegen de schout

cfr supra f° 68 r° e.a.

Cornelis Nijs heeft Jan Vorspoels helpen zetten op de toren in de 'ghijoole' (kooi, gevangenis), heeft hem geen vers stro gegeven, zat daar van dinsdagavond tot zaterdagnamiddag, gaf hem elke dag een stuk rogge en een stuk wit brood en een pot bier, liet hem op bevel van de schout op water en brood zitten

Geerdt Vorselmans ging samen met Pauwels Dignen, Jan van Bavele en Willem Lenaerts op een avond toen Jan Vorspoels gevangen zat bij deze aan de 'renne' (kooi) en Jan zei toen dat hij in dezelfde nest lag waar Kans in gelegen had, vs Geerdt zegt verder dat Jacob van Onstaijen met Cornelis Vorspoel Janssen recht begeerden en dat de stadhouder hen dit weigerde

Adriaen van Aken vroeg de stadhouder of hij borg kon staan voor Jan Vorspoel voor 50 Kgld

Cornelis Vorspoel kent item

Peeter van Onstaijen, Laureijs van Aerde, Willem Lenaerts en Michiel van Elsackere, schepenen, hebben nooit gehoord dat meester Jan een slechte naam had

Loenhout R 1321, f° 70 r° - s.d.

| 1321-0146-01 |

Gielis Thoens tegen Bernaerdt Stevens

borgstelling

Mathijs de Coninck zegt dat Bernaerdt Steven aan Jan van Aerde vroeg of hij zijn borg wou worden, zei ook tegen Gielis Thoens dat hij nu een goede borg had

Gielis Jan Neels kent item

Loenhout R 1321, f° 70 v° - 13.12.1540

| 1321-0147-01 |

de heer tegen Buijen Huijbs

bedreigingen ivm beslagname

de vorster ging met Grieten x Peeters van Staijen tot Buijen Huijbs om hem te panden, Buijen greep toen een mes waarmee hij Grietken wou steken

Cornelis Jan Nouts was getuige van de feiten

Magriete x Peeter van Staijen verklaart item

Loenhout R 1321, f° 71 r° - 13.12.1540

| 1321-0148-01 |

Adriaen Ingelen tegen Cornelis Wouter Annen

verkoop van paard

Aerdt Brans kent dat Cornelis Wouter Annen zei dat het paard dat hij Adriaen verkocht had gezond was

Geerdt van Eekele verklaart item

Jacob van Onstaijen 'reprocheert' de getuigenis gezien getuigen ter tijde arbiters waren

Jan Peeter Nijs vilde samen met zijn vader het dode paard, zij bemerkten bij het snijden van een hesp voor de honden dat er water uit liep

Loenhout R 1321, f° 71 v° - s.d.

| 1321-0149-01 |

Peeter Willem Bode tegen de schout

cfr supra f° 64 v°

Joris Ingelbrechts zegt dat toen hij bij het brouwhuis van Jan Sweerts dat Peeter Bode naar Heijns van Staijen liep en naar Jorijs toe kwam

Adriaen van Aken weet niet wie wie geslagen heeft

Meus Nijsmans, Cornelis van den Broecke en Henrick van Staijen verklaren item

Loenhout R 1321, f° 72 r° - 1541

| 1321-0150-01 |

Jacob van Onstaijen nomine Matheus Boudens tegen de schout

cfr supra f° 33 v° e.a., scheiding Loenhout-Brecht

schout en schepenen, Ghijsbrecht Jan Pauwels, kerkmeester, en Cornelis Jan Nout Luijcx, h geestmr, hebben geen kennis van de paalsteden tussen Loenhout en Brecht

Loenhout R 1321, f° 72 r° -s.d.

| 1321-0151-01 |

Adriaen Ingelen

cfr supra f° 71 r°

Jaenken x +Jacob Coels zag het water uit het vlees lopen toen de hesp werd afgesneden

Jorijs Ingelbrechts stelde vast dat Adriaen bedrogen was

Loenhout R 1321, f° 72 v° - 24.01.1541

| 1321-0152-01 |

schout tegen Thomas Cornelis Goris

slagen

Peeter Bernaerdts zag dat Thomas Goris Hanneken van den Score sloeg met een stok, hoorde dat het een gaffel was

mr Jan Vorspoel zegt dat Jan van den Score een gat in zijn hoofd had wat door hem werd gecureerd

Ghijsbrecht van den Bruijnenberghe zegt dat Thomas bij hem een 'korenvork' gehaald had

Jan van den Score zegt dat Thomas hem met die gaffel sloeg

Jacob Cornelis Janssen zag dat Thomas Hanneken 'scoutethten' sloeg

Loenhout R 1321, f° 72 v° - s.d.

| 1321-0153-01 |

Adriaen Ingelen

cfr supra f° 72 r°

Anthonis Ingelen zegt dat het paard niet wou eten

Loenhout R 1321, f° 73 r° - 24.01.1541

| 1321-0154-01 |

Jan van Eekele de oude tegen Geerdt Vorselmans

ivm koop van stede

Jan van Eekele de jonge was aanwezig toen Geerdt de stede kocht en dat hij Jan 9 £ br beloofde en dat er nog een £ bleef uitgaan aan het klooster van facons (falcontinnen, mariendaal), er werd niet vermaand over de L gerst die Jan van Eekele op Peeter Hovelmans heffende was

Aerdt Peeters van Onstaijen hoorde dat Geerdt toen hij zat te drinken bij Peeter van Onstaijen in de 'coeckene' tot Cornelis Peeter Goris zei dat de getuigenis die deze gedaan had dat hij die tot zijn voordeel nam

Loenhout R 1321, f° 73 v° - s.d.

| 1321-0155-01 |

Jan Vorspoel tegen de schout

cfr supra f° 69 r° e.a.

Claus, knaap van Neel Theus, was ernstig gewond toen hij door Jan Vorspoel gecureerd werd en deze diende acht dagen bij hem in Hoogstraten te komen, moest een andere meester raadplegen toen Jan gevangen zat

verder procedure

Loenhout R 1321, f° 74 r° - s.d.

| 1321-0156-01 |

Geerdt Vorselmans tegen Claus Diericxssen

betwisting rekening, het is ons niet duidelijk of dit te maken heeft met supra f° 64 r° e.a.

Jacob van Onstaijen hoorde dat mr Anthonis zei dat hij onbetaald was van het cureren van meester Claus

Jan de Cuijpere verklaart item

Loenhout R 1321, f° 74 v° - s.d.

| 1321-0157-01 |

Henrick van Staijen tegen Jan van Eeckele

betwisting erven

Henrick Jan Heijns kent dat de gracht zuidelijk aan het “cleij” tot het cleij behoort en dat Jan van Staijen dit altijd voor hem gehouden heeft

Loenhout R 1321, f° 75 r°

| 1321-0158-01 |

Henrick Cornelis Goris tegen Gielis Thoens

betwisting ivm onderhoud kinderen?

Peeter Thoons zegt dat Heijlken x +Jan Thoens aan Gielis Thoens 9 Rgld gegeven heeft vanwege de huisvrouw van Henrick Goris en haar broers

Heijlken x Jan Thoens xx Claus Diericx zegt daar gewezen man voogd was de kinderen van zijn broer Gielis en dat Matheus de Cuijper geld had dat de voorkinderen van Gielis Thoens toebehoorde

Loenhout R 1321, f° 75 v°

| 1321-0159-01 |

Peeter Peeter Diericx tegen Cornelis Heijns

steekpartij

Peeter Diericx verklaart dat Cornelis Heijns bij hem kwam en hem met een 'opsteker' (mes) stak

Joris Peeter Diericx verklaart item

Lijnken Cornelis Claus Jans dr verklaart dat Cornelis Heijns Peeter Diericx aanviel

procedure over zelfverdediging

Loenhout R 1321, f° 76 r° - s.d.

| 1321-0160-01 |

Peeter Willem Bode tegen de schout

cfr supra f° 71 v° e.a.

procedure

Loenhout R 1321, f° 76 v° - s.d.

| 1321-0161-01 |

Marie Thonis Diericx tegen Willem de Coninck

lening van geld

Jacob Ots verklaart dat Marie Thonis Diericx dr aan Willem de Coninck 6 £ br gaf waarvoor zij een jaarlijkse rente van 2 V rogge 10 st zou verkrijgen

Aerdt Brans verklaart item

Loenhout R 1321, f° 77 r° - 21.02.1541

| 1321-0162-01 |

Jan van Lint tegen de weduwe Ingelbrechts

cfr supra f° 57 v°

Mathijs de Cuijpere verklaart dat de h geest betaald werd door de erfgenamen +Geerdt Ingelbrechts

gevraagd wordt aan de schepenen Laureijs van Aerde, Peeter van Onstaijen, Michiel van Elsacker, Willem Lenaerts en Jan van Bavele dat zij kennis hebben dat in die tijd Henrick Leemans en Mathijs de Cuijper de goederen van Jan van Lint in rechte hadden

Loenhout R 1321, f° 77 v° - s.d.

| 1321-0163-01 |

Cornelis Wouter Willemssen (= Cornelis Wouter Annen)

cfr supra f° 71 r°

Peeter Jan Nout Luijcx zag Adriaen Ingelen met het paard rijden waarbij deze zei dat hij met Cornelis Wouters gemangeld had

Anthonis Jan Ingelen heeft zijn broer Adriaen niet horen zeggen dat hij met het paard niet tevreden was

Nout van den Bogaerde heeft Adriaen met het paard en een 'ijdelen' (lege) wagen naar zijn moeder zien rijden

Cornelis van den Bogaerde kent dat Adriaen zei dat dit paard 'wat meerder dan het zijne was'

Hanneken Peeter Nijs zegt dat zijn vader de huid van het paard kocht van Adriaen

Loenhout R 1321, f° 78 r°

| 1321-0164-01 |

Thoomaes Cornelis Goris tegen de heer

cfr supra f° 72 v°

Matheus de Cuijpere zag dat Thomas geslagen was en bloedde

Peeter Bernaerdt Jan Stevens zag Jan (ook Hansken) van den Score met een hout naar Thomas slagen, dit aan het wagenhuis van Cornelis Haest

Jacob Cornelis Janssen verklaart item (blijkbaar is Jan van den Score knaap van de schout)

Cornelis Haest verklaart item, verder blijkt uit de verklaringen dat er nog een tweede persoon bij Hansken was, en dat een van beiden een mes had

Loenhout R 1321, f° 78 v°

| 1321-0165-01 |

Cornelis van Aerde Cornelissen tegen de erfgenamen Cornelis Vermunten

betaling

Baernaerdt van Bavele kent dat Cornelis Vermunten van hem een paard kocht voor 12 Rgld maar dat deze hem dat niet kon betalen en dat Cornelis daarvoor een rente wou nemen, wat Bernaert niet wilde. Zij gingen dan naar Cornelis van Aerde die dan de rente kocht met de erfpenningen die Bernaert aan deze schuldig was

Cornelis Wouter Willemssen

cfr supra f° 77 v° e.a.

verwezen wordt naar een akte van Wuustwezel dd 28.09.1540

Loenhout R 1321, f° 79 r°

| 1321-0167-01 |

weduwe Geeraerdt Ingelbrechts tegen Jan van Lint

cfr supra f° 77 r°

Mathijs de Cuijper kent dat de schout 4 of 5 jaardagen wou hebben wilde hij de penningen betalen die hij de h geest moest geven vanwege Jan van Lint

verder blijkt dat Jan van Lint koren kocht van de schout, 4 V op 08.04.1528 svl en 4 V op 28.05.1528

Loenhout R 1321, f° 79 v° - s.d.

| 1321-0168-01 |

Jan Cornelis Lenaerts tegen Cornelis Nijs

rente op stede

Anthonis Verwilt verklaart dat Cornelis Nijs hem toen hij de stede kocht een 'filips gulden' uitstak die Cornelis Lenaerts heffende was

Peeter Bernaerts Stevens

achterstal van betaling

Hanneken Cornelis Keeselmans kent dat Peerken Bernaerts nog 4 V rogge 6 st moet aan Cornelis Pauwels en zijn erfgenamen

Jan Verhaerdt is door Peerken Bernaerdts betaald van 13 st 3,5 oort voor een tregelton (bier en wijnmaat) bier, dit toen de ziekte aan Cornelis Pauwels was

Claus de Molenare kent item

Cornelis Gielis Haest zag dat Peerken vlees kocht van Peeter Braens omdat bij Cornelis Pauwels geen eten was

Loenhout R 1321, f° 80 r° - s.d.

| 1321-0170-01 |

Geerdt Vorselmans tegen de erfgenamen (Peeter) opt Hesschot

betaling van rente

Dingne Meus Hovelmans dr heeft aan de 35 st op de erfgenamen Peeter opt Hesschot recht op 9 st 1,5 oort, zegt verder dat haar broer Goris 25 st 2,5 oort verkocht heeft aan Joos Lackeijs en hoorde dat Peeter Hovelmans deze koop overnam

Peeter Hovelmans betaalde Joos de Leu de hoofdpenningen, kocht de rente ten behoeve van Jan, Grietken en Lijnken, zijn drie jongste kinderen

Loenhout R 1321, f° 80 r° - 04.04.1541

| 1321-0171-01 |

Thoomas Cornelis Goris tegen de heer

cfr supra f° 72 v° e.a.

procedure (Hansken zou op het ogenblik van de feiten bij de schout gewoond hebben)

Loenhout R 1321, f° 80 v° - s.d.

| 1321-0172-01 |

de schout tegen Jan Vorspoel

betaling cijns

er wordt verwezen naar het cijnsboek over betaling van de 7 st 6 oord oude groten en dat die in het oude cijnsboek meer dan 6 of 7 jaar zou betaald zijn

Loenhout R 1321, f° 81 r° - 04.04.1541

| 1321-0173-01 |

Peeter van Staijen tegen Lenaert van Aerde

verkoop van huis en rente

Jan Peeter Boets kent dat Bernaerdt Stevens hem zijn huidig woonhuis heeft verkocht op voorwaarde dat hij rente gaf aan Jan van Staijen van het geld dat deze aan het huis nog ten achter was

Michiel van Elsacker was bij de verkoop aanwezig tussen Jan van Staijen en Bernaerdt Stevens

Geerdt Vorselmans hoorde van Bernaerdt dat Peeter van Staijen van de 3 L rogge die hij Jan van Aerde op het huis ten einde de tienden schuur verleden had geen schade zou hebben

Cornelis Nijs hoorde Bernaerdt Wouters zeggen dat hij het goed van Jan van Staijen gekocht had, en op dat goed Jan van Aerde een rente van 3 L rogge verkocht had

Peeter van Staijen met zijn 3 broers wordt verzocht te confirmeren dat is geschied zoals Cornelis Nijs zegt

Loenhout R 1321, f° 82 r° - s.d.

| 1321-0174-01 |

Jan de Weerdt tegen de schout

over het laten voorttrekken van de molen door paarden, wat blijkbaar niet zo goed liep

Claus de Molenaer zegt dat Cornelis Nijs het paard van Jan de Weerdt haalde om de molen te trekken

Cornelis de Hase zag Jan de Weerdt met zijn paard op de heuvel bij de kerk

Hanneken Peeters der Wewen hielp de paarden uit de stal halen om het land van Peeter van der Buijten bij de molen te arren en te eggen, nadien kwam Cornelis Nijs die de paarden de molen liet trekken

Peeter de Hoevenaere kent dat Jan de Weerdt hem vroeg zijn paard te bekijken en dat hij er 'vijneren oft vier' bevond

Loenhout R 1321, f° 82 v° - 02.05.1541

| 1321-0175-01 |

Willem de Coninck tegen Marie Thoens Diericx

cfr supra f°76 v°, betaling rente en geldwaarde (o.m. ‘jochemdaelder’)

Aerdt Brans ontvaing van Marie Thonis Diericx dr, in naam van Willem de Coninck, 6 £ br waarvoor hij ontving 11 gouden kronen van 40 st het stuk en een jochemdaelder voor 30 st en nog 10 st in ander geld

Inliggend stuk – 09.06.1541

ontvangstbewijs getekend door Peeter Loijx, priester, voor betaling door Marcus Loijx van de som van 19 Kgld

Loenhout R 1321, f° 83 r° - 02.05.1541

| 1321-0176-01 |

de schout tegen Geerdt Vorselmans

slagen en kwetsuren aan Peeter Joos

mr Jan Vorspoel verzorgde de gekwetste Peeter Joos, werd ter zake door Geerdt Vorselmans betaald

Cornelis Cornelis van Staijen zag dat zowel Geerdt Vorselmans als zijn broer een stok in hun hand hadden

Adriaen van Tijchelt was eveneens getuige, voor de feiten stonden Geerdt en zijn broer bij Henrick Hovelmans

Cornelis Gielis Haest hoorde roepen door Djenneken, het jong ‘wijf’ van heer Henricx, die riep 'Cornelis Haest loopt, Peeter Joos wordt dood geslagen'

Loenhout R 1321, f° 83 v° - s.d.

| 1321-0177-01 |

Jan Zeverijns tegen Peeter van Staijen x Margriete

twist om land

Jan van Aerde Cornelissen kent dat Jan Severijns en Peeter van Staijen met zijn vrouw twisten om een halve roede moer

Adriaen Vermunten zei dat Griet x Peeter van Staijen zei dat ze twisten om 4 st

Lenaerdt van Staijen zegt dat Jan Severijns maar 10 st lijfkoop wou geven en de andere partij wou 18 st

Loenhout R 1321, f° 84 r° - 16.05.1541

| 1321-0178-01 |

de schout tegen Geerdt Vorselmans

slagen, cfr supra f° 83 r°

Peeter Joos verklaart dat hij huiswaarts kwam en blijkbaar werd opgewacht door Geerdt en Hanneken Vorselmans en dat hij door beide werd geslagen

Djenneken Geerdt Buijens dr was getuige van de feiten

f 84 v° - 16.05.1541 – kinderen Bouwen Hovelmans tegen Pauwels Aerts

betwisting betaling

Lenaerdt Willem Luijcx verklaart dat Cornelis Haest gezegd had dat hij de pachters van de stede die Willem Gielis van den Wijngaerde gekocht had van hem als voogd en van vs Lenaerdt als toeziener van de kinderen Adriaen Haest geklaard en betaald had

Mathijs de Coninck kent dat Willem Gielis van den Wijngaerde 3 jaar op de stede gewoond heeft en hijzelf 5 jaar. Gevraagd wordt naar een kwitantie verleend door Huijbrecht de Schaeldidecker en Jan de Cock waarmede van het zelfde goed 6 L zouden betaald zijn. Verder kent hij dat Bouwen Hovelmans de stede van hem kocht en er 2 jaar woonde, en daarna Marck Marck Jan Marcx een jaar

Cornelis van Aerde Cornelissen zei tegen Buijen Hovelmans dat hij 'een arm beest' was dat hij dat geld van Pauwels Aerts niet terugkreeg

Wouter van den Cloote ontving in naam van zijn vrouw een V rogge voor zijn paart

Loenhout R 1321, f° 85 r°

| 1321-0179-01 |

Willem de Coninck tegen Marie Thonis Diercx

cfr supra f° 82 v° e.a.

Willem Puts zegt dat partijen twist hadden over 2 V rogge en dat Willem de Coninck wou betalen met gouden kronen voor 39 st

Loenhout R 1321, f° 85 v° - 13.06.1541

| 1321-0180-01 |

Cornelis Heijns tegen Peeter Diercx

betaling

Willem Hovelmans kent dat Peeter Diericx met zijn dochter Magriete en met Cornelis Heijns te samen een bruiloft hielden toen Cornelis Margriete huwde

Heijlken x Claus Diercx kent dat Cornelis Heijns toen hij zijn bruiloft gehouden had bij haar thuis 30 st opdronk

Peeter van Staijen kent dat Cornelis Heijns hem 2 Rgld betaald heeft voor de 'kermissen' op zijn bruiloft

(nota: er is een stuk van f°85 weggesneden)

Loenhout R 1321, f° 85bis r°

| 1321-0181-01 |

Gielis Thoens tegen Henrick Goris

koop van paard en koe

Matheus de Cuijper kocht van Gielis Thoens een paard voor 10 Rgld, kocht ook een koe van de kinderen Gielis Thoens welke betaling Jan Thoens ontvangen heeft

Jan de Weerdt tegen de schout

cfr supra f° 82 r°

de schepenen kennen dat wanneer een paard de 'vijnere' heeft dit paard steeds valt, wentelt en wil liggen

Loenhout R 1321, f° 85bis v° - s.d.

| 1321-0183-01 |

Ghijsbrecht Jan Pauwels tegen Adriaen Rommen Jan Rombouts

betaling rente

Franck Marcelis, Peeter Jan Nout Luijcx en Jan van Aerde Henricxssen waren aanwezig toen Ghijsbrecht Jan Pauwels aan Adriaen Rommen Jan Rombouts aanbood de hoofdpenningen van een half V een kwartier en een half kwartier rogge tegen 50 Rgld per sister

Pauwels Willem Aerts, stadhouder van juffr Marie van den Wijngaerde, kent dat Ghijsbrecht het geld onder hem gesteld heeft tegen de penning 25

Geerdt van Elsackere verklaart dat Willem Lenaerts wou kwijten Peeter Heerls in naam van de weduwe Melchior van Immerseel

Peeter van Onstaijen verklaart item

Willem Lenaerts, schepene, verklaart dat hij een sister rogge was uitreikende de weduwe Melchior van Immerseel, presenteerde haar 50 Kgld het sister wat geweigerd werd

Loenhout R 1321, f° 86 r° - 05.09.1541

| 1321-0184-01 |

Peeter Thijs ter Eijcke tegen Jan de Weerdt

betaling rente

Peeter Martens opte Rijdt, schepene, zegt dat hij en Peeter Thijs samen gerekend hebben met Jan de Weerdt en zijn huisvrouw, en dat Jan de Weerdt stelde 11 jaar rente betaald te hebben op de rente die de kinderen Pauwels Willem Diercx daarop heffen

Willem Verboven, schepene in Wuustwezel, kent dat Cornelis de Molenare en zijn vrouw 17 jaar terug overleden aan de pest

Loenhout R 1321, f° 87 r° - 13.09.1541

| 1321-0185-01 |

Ghijsbrecht Jan Pauwels tegen Adriaen

procedure ivm aflossing leengoederen

Loenhout R 1321, f° 87 r°

| 1321-0186-01 |

Cornelis Heijns tegen Peeter Diercx de oude

cfr supra

Dimpne x Pauwels Jan Boets kent dat Cornelis Heijns haar 2 Rgld gegeven heeft op zijn trouw met de dochter van Peeter Diericx

wordt gevraagd dat Peeter Diericx 4 Kgld zou betaald hebben voor de 'tabbaard' (lang kleed) van de bruid

Loenhout R 1321, f° 87 v° - 19.09.1541

| 1321-0187-01 |

Cornelis Jan Vorspoel tegen Cornelis Maes

betaling met een ‘angelot’ (gouden munt met afbeelding van een engel)

Cornelis van Onstaijen heeft een handschrift gezien naar hij meent geschreven door Cornelis Vorspoel waarbij vermeld dat Cornelis Vorspoel een 'angelot' gegeven had

Loenhout R 1321, f° 88 r° - s.d.

| 1321-0188-01 |

Cornelis Maes tegen Cornelis Vorspoel

cfr supra

Cornelis van Onstaijen kent dat Cornelis Maes hem het handschrift getoond had

Lambrecht van Onstaijen zegt dat toen hij en Cornelis Vorspoel rekenden Cornelis Maes niet meer dan een jaar rente wou bekennen, dat Cornelis Maes een 'angelot' aanbood waarvan hij zei dat hij die ontvangen had voor 3 Rgld 6 st

Loenhout R 1321, f° 88 v° - 19.09.1541

| 1321-0189-01 |

Peeter Lenaerdt Boets tegen Cornelis van Elsacker

schuld ivm stede

Cornelis van Elsacker zou bekend hebben op de “cleijne stede” waarop hij gewoond had 8 £ br 22 V rogge schuldig te zijn

Loenhout R 1321, f° 89 r° - 19.09.1541

| 1321-0190-01 |

kinderen Peeter Hovelmans tegen Kersten Diercx en Peeter Pauwels

rente op stede

Lijsbeth x +Jan van Aerde verklaart dat Peeter Pauwels toen hij van zijn broers en zusters de stede kreeg waarop nu Kersten Diericx woont hij zijn broers en zusters elke jaarlijks 4 Rgld 4 st bleef uitreiken, heeft nooit gehoord dat de kinderen Peeter Hovelmans deze rente verkocht hebben of laten kwijten

Peeter Hovelmans kent dat zijn kinderen Jan Pauwels en Cornelis Pauwels elk 4 Rgld 4 st hadden op de stede waar +Peeter Keeselmans uitgestorven is

verzoek Jan Peeter Hovelmans en Katrijne Peeter Hovelmans te affirmeren dat ieder 4 Rgld 4 st heffende is

Loenhout R 1321, f° 89 v° - 03.10.1541

| 1321-0191-01 |

de schout voor Cornelis Nijs tegen Jan de Weerdt

cfr supra f° 82 r° e.a.

Claus de Molenaer zegt dat de paarden de molen niet boven hun kracht getrokken hebben en dat de knecht daarna nog ging eggen op het land dat Peeter van der Buijten in huur heeft

Cornelis Marck Loijcx verklaart item

Henrick van Aerde, molenaar, heeft de paarden niet gade geslagen, weet niet of ze ziek waren

Peeter de Smidt zegt dat het paard vol 'vijneren' was

Peeter Zoeten weet niet of de paarden boven hun macht zijn gegaan

Loenhout R 1321, f° 90 r° - 03.10.1541

| 1321-0192-01 |

Cornelis Vorspoel tegen Cornelis Maes

cfr supra f° 87 v°

Lambrecht van Onstaijen was ten huize Cornelis Voorspoel in begin mei (het jaar weet hij niet meer) en hoorde dat Cornelis Vorspoel en Cornelis Maes gerekend hadden van verschenen rente maar weet niet hoeveel Cornelis Maes schuldig bleef

op 03.10.1541 is gevonnist dat Cornelis Maes de kopij zal brengen bij den boek die Cornelis Vorspoel gehouden heeft om te zien of deze accorderen

Loenhout R 1321, f° 90 r° - s.d.

| 1321-0193-01 |

de kinderen Peeter Hovelmans

cfr supra f° 89 r°

Geerdt de Wege heeft gehoord dat Kersten Diercx bekende dat hij Geerdt Vorselmans 21 st erfelijk schuldig is

Loenhout R 1321, f° 90 v° - s.d.

| 1321-0194-01 |

de schout tegen Jan van Eekele

steekpartij

Anthonis Wouter Laets zegt dat Jan van Eekele met een mes naar hem stak, hem miste en Cornelis Bode in zijn been stak

Jan Thijs Theus was getuige van de feiten

Cornelis Bode zegt dat Adriaen Wils Jan van Eekele tegen hield zodat die miste en hem raakte

Loenhout R 1321, f° 90 v° - 17.10.1541

| 1321-0195-01 |

de schout tegen Jan de Weerdt

cfr supra f° 82 r° e.a.

Cornelis Jan Haest heeft niet gezien dat de paarden boven hun macht trokken, heeft aan de paarden geen gebrek gezien

Loenhout R 1321, f° 91 r°

| 1321-0196-01 |

de schout tegen Adriaen van Aken

vechtpartij

Peeter van der Buijten denkt dat Adriaen van Aken een mes uit had voordat Jan van Staijen hem kwetste

Jan van Staijen, Cornelis Bode en Peeter Lenaerdt Boets ignorant

Loenhout R 1321, f° 91 v° - 17.10.1541

| 1321-0197-01 |

de schout tegen Jan Vorspoel

cfr supra f° 80 v°

Michiel van Elsackere verklaart dat als Geeraerdt Ingelbrechts iemand vestte hij halve cijns ontving, Geeraerdt vs was gedurende 30 jaar of meer schout en rentmeester in Loenhout

Jan Bode verklaart item, zegt dat de schout halve cijns nam als de koop meer dan een 'blancke' (zilveren munt) bedroeg

Marie Snels ignorat

Loenhout R 1321, f° 92 r°

| 1321-0198-01 |

Geerdt Vorselmans tegen Jan van Eekele

rente op stede

Laureijs van Aerde, schepene, was aan de kerk waar Geerdt Vorselmans tot Jan van Eekele zei dat deze hem de stede verkocht had met conditie dat Marie Snels van de 4 sister rogge zou mogen gekweten worden met 8 £ Br en dat Jan van Eekele dit toen bevestigde

Loenhout R 1321, f° 92 v° - s.d.

| 1321-0199-01 |

Jacob van Onstaijen voor Matheus Boudens tegen de schout

cfr supra f° 72 r° e.a., scheiding Loenhout en Brecht

de “creeck rijdt” is gelegen tussen “houtele hoeck” en de “ijsendoncnksche” huizen

Thoomaes Thoens heeft zijn vader en Gedevaert Ijsendonck horen zeggen dat Loenhout en Brecht scheiden op de 'messie' waar Gedevaert Ijsendonck woonde, vandaar op de 'hinnen boom' en vandaar op de 'wortelsche' kerk

Loenhout R 1321, f° 93 r° - s.d.

| 1321-0200-01 |

Geerdt Vorselmans tegen de schout

cfr supra f° 84 r° e.a.

Jan Peeter Hovelmans zegt dat Geerdt Vorselmans op de dag dat die met Peeter Joos geschil had bij hem was gekomen en gezegd had dat dat hij (Jan Hovelmans) koren zou halen bij Wouter van den Broecke, welk koren de weduwe Peeter Verwilt toebehoorde

Loenhout R 1321, f° 93 v° - 28.11.1541

| 1321-0201-01 |

Joris Ingelbrechts tegen Peeter van Eekele

over bloedverwantschap en rechten van nalatenschap

Laureijs van Aerde, Peeter van Onstaijen, Michiel van Elsacker en Willem Lenaerts, schepenen, verklaren dat Joris Ingelebrechts, de huisvrouw van Peeter van der Buijten en Magriete x +Pauwels Jan Dignen volle zusters en broer zijn en kinderen van Geeraert Ingelbrechts, verder dat +Hanneken een wettige zoon was van Pauwels Jan Dignen x Magriete Geeraerdt Ingelbrechts

Loenhout R 1321, f° 94 r° - s.d.

| 1321-0202-01 |

Jan de Weerdt tegen Peeter Thijs

over verkoop van erven de “wilgen acker”

Neelken Oliviers kent dat Doren Neve vroeger verkocht had aan +Cornelis Willem Diericx, molenaar, erven de “wilgen acker”, en dat haar vader Henrick Meus deze calengierde. In de koop werden de achterstellen van de rente die Cornelis Willem Diericx daarop heffende was verrekend. De koop geschiedde in het zelfde jaar waarin Cornelis Willem Diericx stierf, dit met bamis ll 16 jaar geleden

(nota: wij kennen in deze periode in Loenhout slechts één Olivier, nl Olivier van de Wijngaerde. In de tekst staat letterlijk 'kent voirt dat Henrick Meus huer vader den zelven wilgen acker etc', dus is het ons niet duidelijk waar de vermelding Neelken Olivier precies op slaat)

Loenhout R 1321, f° 95 r° - 12.12.1541

| 1321-0203-01 |

Peeter van Staijen tegen de schout

erven

Lenaerdt van Staijen verklaart dat het goed dat Henrick van Staijen gecalengierd had nadien nooit kerk geboden heeft gehad, want dat hij die dan zelf zou hebben doen calengieren

Frans Marcelis (verklaring ons niet geheel duidelijk)

Loenhout R 1321, f° 95 v° - s.d.

| 1321-0204-01 |

Michiel van Elsacker tegen Peeter Bode

opbrengst van gewassen

Peeter Lenaert Bode kent dat bij de deling hij en Michiel van Elsacker de vruchten op de akker deelden en ieder zijn deel van de pacht betaalde

Loenhout R 1321, f° 95 v° - 10.07.1542

| 1321-0205-01 |

Peeter Lenaerdt Bode tegen Michiel van Elsacker

cfr bovenstaande

de schout en Jan van Bavele, schepene, kennen dat op een gerechtsdag Michiel van Elsacker tegen Peeter Lenaerdt Bode zei 'geeft gij mijn geld en haalt uw koren'

Peeter de Smidt van Meer tegen Jan van den Wijngaerde

dispuut verrekening erfenis

Laureijs van Aerde, Peeter van Onstaijen, Michiel van Elsacker en Willem Lenaerts, schepenen, kennen dat de zusters van Jan van den Wijngaerde een stuk land toekenden voor zijn preferentie in de lenen van hun vader verstorven, verder dat besproken was met de opbrengst van de vruchten op het land, met het geld dat van de beemden of weiden zou komen en met de rente men gelijke hand de schulden af te lossen

Jan van Eekel tegen Geerdt Vorsselmans

cfr supra f° 92 r°

procedure ivm getuigenissen Jan van Eekele

Jan Henrick Hovelmans tegen de rentmeester van den 'throne'

betaling rente

Cristiaen Henrick Meus ontving vanwege Jan Huevelmans tot behoef van het klooster van den trone van Jan van Eekel int ackere 10 'muekens' (graanmaat) rogge, ten huize Claus Aertsen 2 V rogge, ten huize Jan van Bergen 2 V

Claus der Wewen leverde Jan Oliviers een V rogge en heeft nog betaald broeder Matheusen met geld 2 V rogge vanwege Jan Hovelmans

gevraagd wordt Matheus de Cuijpere of hij ontvangen heeft tot behoef van het klooster 2 V rogge van Aert der Wewen, ook uit naam van Jan Hovelmans

Barbel Oliviers ontving van van Jan Hovelmans 7 L rogge

(nota: claus aertsen = claus der wewen en broeder matheusen = matheus de cuijpere?)

Loenhout R 1321, f° 97 v° - s.d.

| 1321-0209-01 |

Willem de Coninck tegen Cornelis van den Bogaerde

betaling van schuld

Gosem Lemmens verklaart dat Cornelis van den Bogaerde van Willem de Coninck een weide heeft gehuurd voor 3 Rgld 5 st

Peeter Nijs hoorde Cornelis van den Bogaert zeggen 'en hadde Willem niet te vroech reede geweest hij soude hem de scult bekent hebben ter goeder rekeningen'

Jan Wouter Stevens verklaart item

Loenhout R 1321, f° 98 r° - 23.01.1542

| 1321-0210-01 |

Cornelis Heijns tegen Peeter Diericx de jonge

slagen, Cornelis Heijns werd aan het hoofd gekwetst

Luijck Willem Luijcx verklaart dat Cornelis Heijns in huis was bij Peeter Diericx en datgene wat hem of zijn huisvrouw verstorven was van hun moeder begeerde te hebben en dat Peeter Diericx de oude en Peeter Diericx de jonge toen dreigden met een stok of een stoel, en hem daarna, uit huis gelopen, sloegen

Nijs van Bavele zag dat Cornelis en Peeter vochten en Cornelis daarbij aan zijn hoofd gekwetst was

Loenhout R 1321, f° 98 v° - 06.02.1542

| 1321-0211-01 |

Pauwels Aerts tegen de voogden der kinderen Bouwen Hovelmans

rente

er wordt verwezen naar een certificatie van schepenen van Brecht dd 06.11.1539, een rekening ondertekend Michiel Jordens, secretaris in Brecht, ter zake een halster rogge op Mathijs de Coninck, een schepenbrief Brecht dd 14.11.1533 waarbij Jan Leijs, Oostmalle en Adriaen Meus nomine uxoris zekere erfrenten zouden gedeeld hebben als erfgenaam van Jan Oumans

Loenhout R 1321, f° 98bis r° - 20.02.1542

| 1321-0212-01 |

Geerdt de Wege tegen de weduwe +Thijs Hovelmans

rente

Cornelis Geerdts van Elsackere heeft Barbele x +Thijs Hovelmans horen zeggen dat de kinderen Willem Luijcx een L rogge erfelijk hadden op de goederen van Bouwen Hovelmans

Loenhout R 1321, f° 98bis v° - 06.02.1542

| 1321-0213-01 |

Willem de But tegen Geerdt Wils en Anthonis Pauwels Wuijts

over de aard van erven, leen of gewoon

Peeter van Onstaijen en Michiel van Elsacker, schepenen, kennen dat “dnijeuweblock” in vs brief begrepen is, het meeste deel leen en ook de beemd daarin

Adriaen van Aken kent dat de 18 L in vs brief zijn gekweten

Loenhout R 1321, f° 99 r° - s.d.

| 1321-0214-01 |

Michiel van Elsackere tegen Peeter Lenaerdt Bode

cfr supra f° 95 v°

Geerdt van Elsackere verklaart dat toen Michiel van Elsacker en zijn tegenpartijen deelden besproken was dat de bezaaide panden gelijke hand zouden bladen en de pacht gelijke hand betaald zou worden

Cornelis Michiels van Elsackere verklaart item, was daar zelf ook in gedeeld

Loenhout R 1321, f° 99 v° - 20.02.1542

| 1321-0215-01 |

Peeter van Eekele tegen Joris Ingelbrechts

cfr supra f° 93 v°

Magriete x Pauwels Dignen en Magdaleen x Peeter van Eekel waren zusters 'van volle bedde'

Magriete x Pauwels Dignen stierf 2 of 3 jaar voor de dood van haar zoon Hanneken

Peeter van der Buijten kent dat Peeter van Eekel x Magdaleen een kind of kinderen hadden vooraleer vs Hannken stierf

procedure erfenis

Loenhout R 1321, f° 100 r° - 20.02.1542

| 1321-0216-01 |

Anthonis Wackers tegen Jan Severijns

niets opgeschreven

Loenhout R 1321, f° 100 r° - 06.03.1542

| 1321-0217-01 |

Jan Willemssen van den Wijngaerde

cfr supra f° 96 r°

Peeter van Onstaijen, Michiel van Elsacker en Dierick Bode blijven bij de voorwaarden dd 13.02.1541 svl

Jan van Lint kent dat Jan Willems “trullen” vooruit zou hebben zo dat gelegen was

Loenhout R 1321, f° 100 v° - s.d.

| 1321-0218-01 |

Laureijs Jan Nouts tegen Willem van den Bogaerde

rente op erven de “allaren”

Mathijs van Aerde had in naam van zijn vrouw de “allaren” verkocht aan Willem van den Bogaerde waarop Cornelis Nijssen dr van den Bogaerde heffende was 20 st

Loenhout R 1321, f° 101 r° - s.d.

| 1321-0219-01 |

Jan Vorspoel tegen de schout

cfr supra f° 91 v° e.a.

schepenen hebben geen weet van halve cijns, kennen verder dat in het land van Breda alle renten 'cijns' worden genoemd

inliggend stuk – 07.01.1542 – schepenbrief Breda

Jan Laureijs Rombouts, Loenhout, verzoekt vanwege de schout van Loenhout getuigenis te laten geven door jonker Jan van Nederven, ambachtsheer van Dijrcxlant

Loenhout R 1321, f° 101 v° - 20.01.1542

| 1321-0220-01 |

de schout tegen Anthonis Verwilt

steekpartij

mr Jan Vorspoel heeft Bernaert Stevens verzorgd van een diepe steekwonde

volgens Bernaert Stevens werd deze steekwonde hem toegebracht door Anthonis Verwilt

Loenhout R 1321, f° 102 r° - s.d.

| 1321-0221-01 |

Jan Hegge tegen Henrick Hovelmans

betwisting van erve

Jan Willems van den Wijngaerde en Peeter de Smidt verklaren dat de stede waar Jan van den Wijngaerde uitgestorven is thans toebehoort aan Jan Hegge x Cornelie

Loenhout R 1321, f° 102 r° - 15.05.1542

| 1321-0222-01 |

Cornelis Michiels van Elsackere tegen Peeter Lenaert Bode

over voldoen van schuld van de stede waarop Cornelis van Elsackere gewoond had cfr supra f° 88 v°

procedure, vraag of de schuld die Cornelis van Elsacker bekend heeft afgetrokken was tegen hetgeen Michiel van Elsackere voor Peeter van de Venne verleden heeft

Loenhout R 1321, f° 103 r° - 15.05.1542

| 1321-0223-01 |

de weduwe Willem van Lare tegen Cornelis der Wewen

rente aan h geest

Mathijs de Cuijpere heeft in naam van de h geest van Loenhout het V rogge ontvangen tot Cornelis der Wewen en daaraf nooit koren gehaald tot Cornelis van Elsacker

Cornelis Jan Nout Luijcx, h geestmr, heeft Cornelis Aerdt der Wewen aangaande dit V rogge gemaand waarop deze nooit heeft gezegd dit niet schuldig te zijn

Peeter Thoons, h geestmr, heeft eveneens Cornelis der Wewen gemaand waarop Cornelis hem betaald heeft

Loenhout R 1321, f° 103 v° - s.d.

| 1321-0224-01 |

Geerdt Laureijs Schoemakers voor de abt van st Michiels tegen Michiel en Cornelis van Elsackere

over wegenis

Sijmon Jan Haest dreef zijn vaders schapen regelmatig naar het “root venne” over de hoeve de “tommelberch”, bewoond door Cornelis Buijs, hetwelk hem door deze deze laatste verboden werd, zeggende dat hij diende te wegen langs het “hooch veken” eigendom van Mathijs Theus

Cornelis Jan Thijs Larien woonde met zijn vader op de stede waar Quirijn de Beere uitgestorven is en waarbij toen de erve het “root venne” behoorde alsmede het land in “buijtelaer acker” en dat die toen zowel over de “tommelberch” als over het “hooch veken” wegenis hadden, maar dat de gerechte erfweg door het “hooch veken” loopt, dat dit trouwens een gemene straat is naar Brecht of naar de molen

Loenhout R 1321, f° 104 r° - 12.06.1542

| 1321-0225-01 |

Geerdt Vorselmans tegen de schout

slagen, cfr supra f° 93 r° e.a.

Peeter Joos verklaart dat hij met zijn wagen kwam rijden omtrent Henrick Hovelmans waar hij Geerd Vorselmans en zijn broer zag staan en hen aansprak zeggende ‘gij boeven of rabbauten staat gij mij op te wachten’ en dit vooraleer Geerdt hem sloeg. Hem gevraagd zijnde of hij vs Geerd aan hem ‘boeverije of rabbauwerij' gedaan heeft nam hij zijn beraad

Adriaen Wouters verklaart dat hij op een avond bij Peeter van Onstijen was alwaar Peeter Joos en Geerdt Vorselmans ook aanwezig waren en onderling woorden hadden en Peeter Joos de andere ook verweet voor boef en rabbauw

Anthonis Hovelmans verklaart item

Loenhout R 1321, f° 104 v° - 13.06.1542

| 1321-0226-01 |

de schout tegen Geerdt Vorselmans

cfr supra f° 104 r° e.a.

mr Jan Vorspoel verklaart dat de wonde op het hoofd van Peeter Joos een open wonde was die gebloed had en waarin hij een grote wiek gestoken had, dat de weg bij Henrick Hovelmans de rechte weg is van de plaats in Loenhout naar de hoeve in Popendonk waar Peeter Joos woont en dat de weg waar Geerdt Vorselmans vs Peeter Joos sloeg niet de rechte weg is naar het huis van Geerdt Vorselmans

Peeter Joos verklaart item, verder nog dat hij na de de ruzie bij Peeter van Onstaijen de kapelaan nog naar Geerdt Vorselmans had gezonden om hem over die ruzie vergeving te vragen, dat hij de schout ingelicht had en dat Geerdt hem voordien op 03.03.1541 ’s avonds ook al had staan opwachten, dit was op de koopdag in het huis waar Cornelis Luijcx uitgestorven was

Jan van Bavele, schepene, verklaart dat hij met de schout en met Laureijs van Aerde, mede schepene, ten huize Peeter Joos is geweest toen deze gekwetst was en zijn beklag deed

Peeter van der Buijten verklaart dat op de dag der feiten Geerdt Vorselmans in de namiddag bij hem had zitten drinken en ’s avonds met zijn broer naar huis ging, kwam nadien terug, en toen de vrouw van Peeter van der Buijten hem zei dat het volk vertelde dat hij Peeter Joos geslagen had ontkende hij dit

Dierick Bode verklaart aanwezig geweest te zijn bij Peeter van Onstaijen toen Geerdt Vorselmans en Peeter Joos woorden hadden (cfr supra)

Loenhout R 1321, f° 106 r°

| 1321-0227-01 |

Geerdt Vorselmans tegen de schout

cfr supra f° 104 v° e.a.

Dierick Bode verklaart dat Peeter Joos de eerste was om de ander te verwijten, o.m. voor dief, rabbauw, boef

Geerdt van Elsacker, ca 80j, verklaart dat hij gesproken had met de heer van Arenberch toen deze bij Laureijs Costers stond en dat de heer zei dat de lieden van Loenhout de ‘kueren’ die zij hadden dienden te behouden, en dat hij deze niet wenste te verminderen of te vermeerderen, en verder dat hij 10 of 12 jaren schepenen geweest is en dat toen Geeraerdt Ingelberch schout was en ook een tijdje Geeraerdt van Paelgeest

Peeter Joos verklaart thans niet te weten of Geerdt hem opgewacht heeft en of Geerdt of zijn broer hem verwond heeft

Cornelis van Staijen Cornelissen verklaart dat Peeter Joos van zijn wagen kwam en Geerdt (Vorselmans) verweet voor boef en dat er wederzijds geslagen werd, maar dat hij niet gezien heeft dat Geerdt Peeter gekwetst heeft, dat Hanneken broer van Geerdt wel Peeter Joos heeft neergeslagen

er volgt een stuk procedure waaruit o.a. blijkt dat de schout weigerde de broer van Geerdt als getuige te horen, zoals ook Wouter van den Broeck omdat deze en Geerts moeder twee gezusters kinderen zijn

ten slotte worden nog een aantal getuigen gehoord, dit betreffen Michiel van Elsacker en Henrick van der Buijten, schepenen, Peeter Pielnaecke, castelijn, Peeeter Martens en Geerdt Laureijs Scoemakers, schepenen, Adriaen van Aken

schepenen verklaren dat in Loenhout wordt gezegd dat heer Henrick van Scalluijnen bij Jenneken Geerdt Buijens dr 2 of 3 kinderen heeft gegenereerd en dat zij nooit gehoord hebben dat gezegd werd dat deze kinderen een andere vader hadden dan vs Henrick

Loenhout R 1321, f° 109 r° - 10.07.1542

| 1321-0228-01 |

Cornelis der Wewen tegen Peeter van Bavele

over rente

Geerdt Vercaert verklaart dat de huisvrouw van Cornelis der Wewen gedeeld is op 10 L rogge die Peeter van Bavel schuldig is uit te reiken. Item verklaart Lenaerdt Marten Buijens. Item verklaart Cornelis Huijbs Verboven die het van zijn vrouw gehoord had. Item verklaren Lijsbeth x Geert Vercaert en Anne x +Arnout van Onstaijen dat zij bij de deling aanwezig waren waarbij hun zuster Dignen de 10 L zijn bevallen

Loenhout R 1321, f° 109 v° - s.d.

| 1321-0229-01 |

Michiel Jordaens tegen de weduwe Peeter

over voldoen van schuld

Luijck, vorster in Brecht, verklaart aanwezig geweest te zijn in de “swaen” in Brecht alwaar Michiel Jordaens geld gaf aan Adriaen Rummens, vorster in Rijsbergen, en ook de wijn en kost van de paarden betaalde

Adriaen, vorster in Rijsbergen, verklaarde dat hij voogd was van de kinderen Peeter Jan Huijbrecht en aldus Michiel Joerdaens verzocht niet aan de weduwe te betalen voor de bijen die hij gekocht had omdat er veel schuld was en men beter de schuld zou afbetalen

Loenhout R 1321, f° 110 r° - 18.09.1542

| 1321-0230-01 |

Clement van den Score tegen Cornelis Marcx

korte aantekening, waarbij wordt verwezen naar een akte van schepenen van Wuustwezel dd 31.01.1532 svl

Loenhout R 1321, f° 110 v° - 18.09.1542

| 1321-0231-01 |

Adriaen van Bavele tegen Geerdt Vercaert

Adriaen van Bavele zou gekwetst geworden zijn door Geerdt Vercaert zonder dat de omstandigheden blijken, ook is de zaak behandeld door schepenen van Brecht

Geerdt Laureijs Scoemakers, schepene, en Dierick Bode, man van leen, verklaren dat Geerdt Vercaert hen meermaals vroeg mede te gaan naar Brecht om de vrede te sluiten van zijn zoon tegen Mathijs van Riel in naam van zijn neef Adriaen van Bavele en dat zij toen met Geerdt, zijn huisvrouw en hun beide zonen naar Brecht gingen in “den arent” en daar overeen kwamen dat Geerdt aan Adriaen de kost en de meester zou afdragen en daarboven de schout van Loenhout 3 Rgld zou betalen en nog een Rgld en dat het gelag bij Griete Verbraken half om half zou betaald worden

Michiel Pellens, Brecht, kent dat de huisvrouw van Geerdt de helft van het gelag betaald heeft en Mathijs van Riele de andere helft

Cornelie x Willem Schoofs kent dat de huisvrouw van Geerdt haar een Kgld gebracht heeft en Geerdt daarna nog 2 Kgld

Michiel van Riele en Henrick van Riele kennen aanwezig geweest te zijn bij het akkoord

Loenhout R 1321, f° 111 v° - 18.09.1542

| 1321-0232-01 |

Geerdt Vercaert tegen Adriaen van Bavele

cfr supra f° 110 v°

Michiel Pellens zegt Geerdt Vercaert niet te hebben horen zeggen dat hij met het akkoord tevreden was, dat Geerdt er niet bij was

Michiel Joerdaens, secretaris in Brecht, zegt dat in Brecht vonnis is gewezen en dat er niet werd geappelleerd

de huisvrouw van Mathijs Jan Claus verklaart dat de kwetsuren aan Adriaen van Bavele werden toegebracht op de erven van Geerdt Vercaert

Willem Bode, schepene in Brecht, kent dat door schepenen van Brecht gewezen was dat indien Geerdt en zijn vrouw zouden affirmeren dat de vrede gemaakt was zij vrij zouden blijven van de aanspraak van Adriaen van Bavele

Loenhout R 1321, f° 112 r° - 18.09.1542

| 1321-0233-01 |

Peeter van Bavele tegen Cornelis der Wewen

cfr supra over heffen van rente

Peeter Diericx van Aerde heeft Jacob van Aerde (x Marie) horen zeggen dat Heijn van Geestele op hem 10 L heffende was, en welke 10 L daarna Jan van Aerde (broer van vs Jacob) gekocht had, dit ca 30 jaar geleden. In die tijd had Cornelis van Leemputten een sister rogge 'leenpacht' gekocht welke vs Peeter Diericx uitreikte en later gekweten heeft

Laureijs van Aerde verklaart dat zijn vader Jan van Aerde de 10 L gekocht had wel ca 40 jaar geleden

Michiel van Elsacker, schepene, verklaart dat men ca 30 jaar terug een sister rogge kocht voor 8 à 9 £ gr br en dat hij in zelfde tijd 3 V rogge verkocht 6 £ gr br

Item verklaren Peeter van Onstaijen, Jan van Bavele en Peeter Martens, schepenen

Geerdt Laureijs Scoemakers, schepene, verklaart dat 12 jaar hiervoor meer sister tegen 8 £ gekocht waren dan duurder

Loenhout R 1321, f° 113 r° - 02.10.1542

| 1321-0234-01 |

Jan Keeselmans tegen Claus Thoen Thijs

over rente op land lischot heijde

blijkbaar heeft Anthonis Thijs Diericx cum uxore vs erven verkocht hebben aan de moeder van Jan Keeselmans

Willem Vermeere alias Puts verklaart dat hij met zijn vrouw een rente van 2 V rogge heffende waren op “lischot heijde” welk Peeter Pauwels in handen had en welke rente Thoen Thijs diende te voldoen

vraagt Jan Pauwels te affirmeren dat Magriet Thoen Thijs hetzelfde halster rogge belooft heeft zijn ouders af te dragen

Loenhout R 1321, f° 113 v° - 02.10.1542

| 1321-0235-01 |

de schout tegen Laureijs Jan Nouts

over twist tussen heer Henrick, Laureijs Jan Nouts en zijn broer Willem, en het trekken van een mes door Laureijs Jan Nouts

Bouwen Huijbs zag dat Laureijs Jan Nouts een mes had en twistte tegen zijn broer

Willem Jan Nouts zegt dat hij met zijn broer woorden had

Cornelis Heijns zegt dat Laureijs Jan Nouts heer Henrick uitschold voor leugenaar, ook dat hij een mes had

Geerdt de Wege zag dat Laureijs en zijn broer woorden hadden

Adriaen van Aken kent item

Cornelis van den Broecke kent item

Peeter Pielnaecke, stadhouder, kent item

Loenhout R 1321, f° 114 r° - s.d.

| 1321-0236-01 |

de schout tegen Anthonis de Backers

over het doodbijten van een schaap door de hond van Anthonis de Backers

Luijck Willem Luijcx was getuige dat de hond een schaap van Matheus de Cuijpere had dood gebeten bij “hoenderen moer”, Anthonis de Backers nam het dood schaap mee naar Hoogstraten en zei dat hij wel zou betalen

Gielis Thoens verklaart item

Loenhout R 1321, f° 114 v° - s.d.

| 1321-0237-01 |

Cornelis van den Bogaerde tegen Willem de Coninck

Willem de Coninck liet zijn eigen koebeesten grazen in de wei die hij aan Cornelis van den Bogaerde verhuurd had

Cornelis Lippens heeft de feiten gezien

Nout van den Bogaerde kent item

Goosem Lemmens Goosens kent item

Loenhout R 1321, f° 115 r° - 16.10.1542

| 1321-0238-01 |

Clement van den Score tegen Cornelis Marcx

cfr supra, betwisting van een £ gr br

Peeter Thoens verklaart dat Michiel Leijs een £ gr br schuldig was aan Clement van den Score en dat hij deponent dat deed bezetten voor wat hij als voogd van de kinderen Jan Thoens aan Clement ten achter was. Daarop ontzette vs Clement dit pond met als borg Mathijs van Scalluijnen. Item verklaart Claus Diericx, en nog dat Cornelis Marck Loijcx aan dit pond deed panden

Loenhout R 1321, f° 115 v° - 30.10.1542

| 1321-0239-01 |

Geert Vercaert tegen Adriaen van Bavele

cfr supra f° 111 v°, Adriaen van Bavel zou ook de vrouw van Geert Vercaert ‘gesmeten’ hebben en haar een ‘colliere’ en een schort afgetrokken hebben, feiten gebeurd bij de meer te cloote (Brecht), Adriaen zou ook op een andere keer samen met 2 companen geschoten hebben met een roer of een buijs

Henrick Gabriel Weijns zegt dat Adriaen van Bavele geen akkoord wou, veder dat Geerdt schrik had van Adriaen

Jan Lenaert Thijs hoorde Adriaen zeggen dat hij de huisvrouw van Geerdt 'gesmeten' had

Henrick Neve was getuige van de feiten

Cornelis van Staijen Henricssen kent dat hij drie personen zag die van het erf van Geerdt Vercaert kwamen en die een bus of roer af schoten

Loenhout R 1321, f° 116 v° - 22.11.1542

| 1321-0240-01 |

Clement van den Score tegen Cornelis Marcx

cfr supra, f° 115 r°, procedure, Clement zegt geen schulden te hebben

Loenhout R 1321, f° 116 v° - 27.11.1542

| 1321-0241-01 |

Peeter Ingelbrechts

over betaling van 4 Kgld voor paard die vs Peeter zou ten achter zijn op Jan van Aerde

Pauwels protesteert nomine Jan van Aerde op het vonnis en Peeter Ingelbrechts protesteert op de kosten en vacatiën

Loenhout R 1321, f° 117 r° - 27.11.1542

| 1321-0242-01 |

Heinrick van Aerde

Heijnrick van Aerde was blijkbaar gekwetst en werd gecureerd en verzorgd bij een barbier in Zundert. Er was een akkoord gemaakt over de kosten met Claus de molenare die de betaling verrichtte.

Getuigenis door de vorster en door Lenaert Ments die aanwezig waren bij het akkoord

Loenhout R 1321, f° 117 v° - 11.12.1542

| 1321-0243-01 |

de schout tegen Jan van Eekelen

Jan van Eekele verwondde Jan Hovelmans met een mes

Jan Hovelmans verklaart dat de vrouw van Jan van Eekele zei: ‘smijten doot wij sullen hem soenen’

Thijsken x Cornelis Marcx heeft de feiten gezien, maar niet dat Jan Hovelmans gekwetst werd

Loenhout R 1321, f° 117 v° - 08.01.1543

| 1321-0244-01 |

Claus Thoen Thijs tegen de erfgenamen Cornelis Keeselmans

cfr supra f°113r°, over verkoop van stede

Marie x Adriaen Willemssen vernam van haar broer Willem dat hij de stede waar Anthonis Wouter Diericx gewoond had gekocht had op voorwaarde dat hij Willem Puts jaarlijks 2 V rogge moest uitreiken. Na de koop verhuurde hij het huis op vs stede. Nadien verkocht hij de stede aan Michiel Marcx

Jan Pauwels Keeselmans vernam dat zijn broer Cornelis de stede verhuurd had. Heeft nog geweten dat Adriaen Thoen Lippens daarop gewoond heeft, aan wie hij zelf na +Cornelis als voogd van de kinderen de stede verhuurd heeft, en later aan Cornelis Jan Stevenssen. Weet niet of Cornelis vs stede waar Anthonis Thijs Diericx uitgestorven is ooit opgewonnen heeft

Loenhout R 1321, f° 118 r° - s.d.

| 1321-0245-01 |

Peeter Bode opte Rijdt

over koop van een paard en conditie van ditto paard

Cornelis Peeter Thijs Hasen was aanwezig toen Peeter Bode het paard kocht van Jan Peeters Hasen

Loenhout R 1321, f° 118 v° - 22.01.1543

| 1321-0246-01 |

Lenaert van Staijen tegen de erfgenamen Cornelis Keeselmans

over betaling voor het binden van hout toebehorende Jacob Janssen uit Breda

Peeter Cornelis Thijs verklaart samen met Geerdt Verhoeven het hout gebonden te hebben op vraag van Cornelis Pauwels Keeselmans, die hen voor de betaling doorstuurde naar Lenaert van Staijen, die hen ook uitbetaald heeft

Jacob Janssen verklaart dat hijzelf de betaling aan Cornelis Keeselmans heeft gedaan, dat deze dus ook diende in te staan voor de betaling aan de houtbinders

Loenhout R 1321, f° 119 r° - s.d.

| 1321-0247-01 |

Adriaen Vermunten tegen de erfgenamen Cornelis Vermunten

over uitreiken van rente van 2 V rogge, welke Magriet, moeder van vs Adriaen, verlangde dat deze jaarlijks zou gegeven worden door Adriaen aan Neelken, nicht van de kinderen. Ook Willem Vermunten had bij testament een rente van 2 V rogge aan vs Neelken overgelaten, zodat deze jaarlijks 4 V zou krijgen. Hiertoe zouden de andere kinderen elk aan Adriaen 8 Kgld over laten

Getuigenissen door Jan Gielis Larien – Casus Heukens – Marie x Casus Heufkens, verklaart dat haar vader zijn goederen belast had met 3 £ br waarvoor hij Willem van Staijen jaarlijks 15 st moest uitreiken en dat Cornelis Vermunten eiken hout gekocht had op de stede waar Adriaen Vermunten woont

Loenhout R 1321, f° 119 v° - s.d.

| 1321-0248-01 |

Jan Hovelmans tegen Jan van Eekele

cfr supra, f°117v°, slagen en verwondingen

Truijcken Marcelis Schoofs dr heeft de wonde in de arm van Jan Hovelmans gecureerd, waarvoor zij 3 Kgld heeft gekregen

Getuige: Thijsken x Cornelis Marcx

Loenhout R 1321, f° 120 r° - s.d.

| 1321-0249-01 |

Adriaen Vermunten tegen de erfgenamen Cornelis Vermunten

cfr supra, f° 119 r°

Jan Willems van Staijen heeft na dood van zijn vader van Cornelis Vermunten 10 st gehaald toekomende van 15 st erfelijk die zijn heffende was

Clement Jan Gielis verklaart dat de 15 st die hij in naam van zijn kind heffende is op de panden die Adriaen Vermunten in handen heeft vroeger voor 2 jaar betaald werden door Cornelis Vermunten, na diens dood door zijn weduwe voor 3 jaar en daarna nog door Adriaen Vermunten als voogd van de kinderen voor 2 jaar

Loenhout R 1321, f° 120 v° - s.d.

| 1321-0250-01 |

Peeter de la Flije tegen de erfgenamen Cornelis Keeselmans

over levering van rogge in Antwerpen, waarbij blijkbaar een deel werd achtergehouden

Lambrecht Broomans verklaart dat Jan Cornelis Keeselmans bij hem 17 L rogge heeft gehaald die hij tot Antwerpen bij Peeter de la Flije zou vuren, maar heeft daar blijkbaar geen kwitantie van bekomen

Jan van Bavele, schepene, verklaart dat Jan Cornelis Keeselmans bij hem 4 V rogge heeft gehaald om naar Antwerpen te voeren bij Peeter de la Flije maar heeft evenmin kwitantie gekregen

Loenhout R 1321, f° 121 r° - s.d.

| 1321-0251-01 |

de weduwe Cornelis Vermunten tegen Adriaen Vermunten

cfr supra, f°120r° e.a.

Uit schepenbrief Antwerpen dd 13.06.1539 blijkt dat Adriaen en niet Cornelis die (rente?) verleden heeft

Uit schepenbrief Loenhout dd 06.07.1523 blijkt dat Willem Vermunten die verleden heeft aan de vader van Cornelis Vermunten en Adriaen Vermunten en dat Adriaen die panden in handen heeft

wordt gevraagd de weduwe en Geerdt Vorselmans te affirmeren dat Cornelis Verhoeven het geld van de antwerpse brief van 5 £ erfelijk betaald heeft aan Adriaen Vermunten en dat Adriaen daarmee Cornelis 3 £ br betaalde

Loenhout R 1321, f° 121 v° - 02.04.1543

| 1321-0252-01 |

Wouter Loijcx tegen Cornelis Heijns

over vergoeding voor een mantel

Peeter Bogaerts verklaart dat hij aanwezig was toen Wouter Loijcx twee dozijn eieren gaf

Jan Keeselmans was daarbij eveneens aanwezig, Wouter moest nog één, twee of drie voer turf halen

Cornelie x mr Peeter Spoirmans kent dat bij haar thuis twee dozijn eieren 'te voren waren' en dat Cornelis Heijns daarvan de helft betaalde

Loenhout R 1321, f° 122 v° - 01.04.1543

| 1321-0253-01 |

Peeter Dignen tegen Laureijs van Aerde

over rente op stede

Aerdt Peeter Nouts verklaart de stede in kesselbeek gekocht te hebben van Geerdt Wils waarbij deze hem 10 L rogge uitstak die Jan Dignen daarop was heffende, dit circa 38 jaar geleden, en dat Geerdt Wils de rente die Laureijs van Aerde op vs stede heffende is verkocht ten tijde de stede geveild werd en vooraleer Aerdt daarin gevest was

Willem Lenaerts verklaart dat Jan Dignen de 10 L heffende was in de tijd dat Geerdt Wils op vs stede woonde

Loenhout R 1321, f° 122 v° - 02.04.1543

| 1321-0254-01 |

Jan van Aerde tegen Peeter van Staijen

over verkoop van een paard

Cornelis Van Aerde en Anthonis van Aerde verklaren Peeter van Staijen geholpen hebben om het paard dat Peeter Ingelebrechts aan Jan van Aerde verkocht had uit een greppel te krijgen en dat zij Peeter van Staijen en anderen hebben horen zeggen dat hij dit weggehaald had en verkocht voor wollen laken

Loenhout R 1321, f° 123 r° - 03.04.1543

| 1321-0255-01 |

Lenaerdt van Aerde tegen Mathijs van Aerde

over erfenis van Adriaen Jan van Aerde, vs Lenaerdt en Matthijs zijn broers

Mathijs verklaart de helft van de goederen van Adriaen Jan van Aerde gedeeld te hebben tegen Henrick Lodders en Thoomas Janssen, die samen de andere helft zouden verkregen hebben

Thomas Janssen heeft Mathijs niet horen zeggen dat hij Lenaerts deel gekocht had, wel dat hij ‘in Lenaerts stede stond’ en verder dat de goederen in het land van Breda die aan het kind in zijn leven toebehoorden (Adriaen Jan van Aerde?) circa 100 Kgld waard zijn en dat Mathijs met Lenaert voor hun paart in de goederen in het land van Breda gedeeld zijn op 50 Kgld eens

Loenhout R 1321, f° 123 v° - s.d.

| 1321-0256-01 |

Mathijs v Aerde tegen Lenaerdt van Aerde

cfr supra

Thoomas Janssen verklaart dat de vrouw van Jan van Aerde, moeder van vs Adriaen, zijn zuster was, en dat hij alzo in naam van zijn vrouw erfgenaam was in de goederen van het kind

Lenaerdt van Aerde heeft niet aangetoond dat hij rechtmatig erfgenaam is

Loenhout R 1321, f° 124 v° - s.d.

| 1321-0257-01 |

Peeter Joos tegen de weduwe Claus Jan Heijlens

verkoop van hout

Jan van Elsacker vernam van Claus Jan Heijlens dat deze als voogd van de kinderen Quirijn Beeren hout verkocht had aan Peeter Joos en hiervoor 3 Rgld had ontvangen

Item verklaart Adriaen van Aken, zegt 6 Rgld

Loenhout R 1321, f° 125 r° - 09.07.1543

| 1321-0258-01 |

de schout tegen Cornelis van Onstaijen

over nagelaten erfenis van natuurlijke of bastaard personen

Cornelis Vermeere, schepene in Hoogstraten, verklaart dat aldaar de goederen nagelaten door natuurlijke personen of bastaarden die geen wettige kinderen hebben toekomen aan de heer, waarbij het soms gebeurt dat sommige ‘magen’ van sommige bastaarden de heer uitkopen

Cornelis Marck Loijcx verklaart dat hij een natuurlijke broer had, genaamd Anthonis, die gestorven is zonder wettige erfgenamen, en dat de heer de goederen verkregen heeft, zonder dat hij of een van zijn broers of zusters daarop gedeeld is

De vorster verklaart de goederen van Anthonis vs verkocht te hebben en dat de helft van de opbrengst naar de heer is gegaan en de andere helft naar de h geestmeesters voor het onderhoud van de weduwe van vs Anthonis

Peeter Willem Bode, leenman van Arenberch, weet dat in Antwerpen de rentmeester in naam van de keizer de achtergelaten goederen van bastaarden deelt half om half met de achtergelaten weduwe

Loenhout R 1321, f° 125 v° - 17.07.1543

| 1321-0259-01 |

Cornelis van Aerde Henricssen

niet duidelijk waarover dit precies gaat, 2de deel cfr bovenstaande?

Peeter Willem Bode verklaart dat wanneer Cornelis van Aerde de hoeve “ter eijcke” verkocht had aan Jan de Coninck uit Antwerpen dat deze, toen de voorwaarden besproken werden, het gelag had betaald

Cornelis Jan Marck Loijcx heeft gehoord dat Gielis van de Sande een bastaard was maar kent de vader noch de moeder

Claus van Staijen heeft ook gehoord dat Gielis van de Sande een bastaard was en dat Jan Wackers, ook een bastaard, diens broer zou zijn, zoals dat ook geldt voor Jan Thoens. Verder nog dat Cornelis van Onstaijen de dochter van Jan Thoens getrouwd had

Laureijs van Aerde en Michiel van Elsacker hebben nooit anders gehoord dan Gielis van de Sande, Jan Wackers en Jan Thoens gebroeders en bastaards waren

Loenhout R 1321, f° 126 r° - 28.08.1543

| 1321-0260-01 |

Jacob van Onstaeijen, gemachtigd van Adriaen van Geele Janssen, tegen Peeternelle Peeters der Weuwen dr

over familieverband

De vorster als voogd van Peeternelle vs verklaart dat Adriaen Jans van Geele een zusters zoon is van Zanne der Weuwen, dat de moeder volgens het bankenrecht van Loenhout geen bastaarden maakt

Laureijs van Aerde en Michiel van Elsackere, schepenen, hebben nooit vernomen dat Zanne der Weuwen of Magriete der Weuwen kinderen hebben gehad

Cornelis Peeters der Weuwen zou vs Adriaen voor de helft uitgekocht hebben

Loenhout R 1321, f° 126 v° - s.d.

| 1321-0261-01 |

Willem Cornelis Luijcx tegen Claus Haijen

over borgstelling

Geerdt de Wege was aanwezig toen Claus de Ketelare het huis van Willem Luijcx huurde en dat Claus Haije zich garant stelde indien Claus de Ketelare in gebrek van betaling bleef

Item verklaart Willem Sijmons

Loenhout R 1321, f° 126 v° - 19.09.1543

| 1321-0262-01 |

de schout tegen Cornelis van Onstaijen

cfr f° 125 r°

Peeter van Steehoven, schout in Wuustwezel, verklaart dat in Wuustwezel de achtergelaten goederen van bastaarden, indien ze geen wettige kinderen hebben, aan de heer toekomen

Loenhout R 1321, f° 127 r° - s.d.

| 1321-0263-01 |

Jan van Staijen tegen Pauwels Aerts

levering van rogge

Peeter Joos was aanwezig bij Jan Verhaert alwaar Pauwels Aerts bekende dat hij Jan van Staijen 25 V rogge verkocht had en hem die zou leveren

Loenhout R 1321, f° 127 r° - 19.09.1543

| 1321-0264-01 |

Peeter Diericx de jonge tegen Cornelis Heijns

cfr f° 98 r° , slagen en verwondingen

Nijs van Bavele heeft wel het kabaal gehoord maar niet gezien dat Peeter Diericx vs Cornelis Heijns gekwetst heeft

Loenhout R 1321, f° 127 v° - 25.09.1543

| 1321-0265-01 |

de heer van Arenberch tegen Cornelis Hijenricx van Aerde

over bezit van leengoederen

uit het leenboek blijkt dat Corneis Henricx van Aerde de “donckbeemd” verkregen heeft na overlijden van zijn vader. Heeft die nadien verkocht aan Jan de Coninck. Desbetreffend verklaren Marcus Loijcx als schout, Laureijs van Aerde en Ghijsdbrecht de Bije als mannen van leen vs Jan Conincx in deze beemd gevest

Loenhout R 1321, f° 127 v° - 16.10.1543

| 1321-0266-01 |

Peeter Willem Bode tegen de borgen Cornelis Boets

over verkoop van koeien

Mariken x Peeter van Staijen verklaart dat haar man de twee koeien die hij gekocht had heeft overgedragen aan Peeter Willem Bode, die hierover nog 2 Kgld schuldig is

Cornelis Bode verklaart één koe gekocht te hebben van Marten Stuijts en die nadien op de markt in Hoogstraten verkocht te hebben aan Peeter van Staijen

Loenhout R 1321, f° 128 r° - 26.11.1543

| 1321-0267-01 |

meester Zeger tShertogen tegen de erfgenamen Cornelis Keeselmans

over twee veldekens genaamd de “allaren”

Marcus Loijcx, schout, heeft deze in huur gehad van de kinderen Cornelis Keeselmans voor de periode half mei tot bamis 1543 voor 2 Kgld

Loenhout R 1321, f° 128 v° - 26.11.1543

| 1321-0268-01 |

Cornelis van Onstaijen tegen de heer

cfr f° 125 r°, over nalatenschap van natuurlijke kinderen langs moeders kant

De goederen of één van de goederen waar het om gaat betreffen het “middelaer”. Dit zou toebehoord hebben aan de moeder van Gielis van de Zande, zijnde Lijsbeth Laets of van de Zande, wordt bevestigd door schepenen en door Jan Wackers of Clootman

Henrick Jan Heijns verklaart dat het “middelaer” toebehoorde aan Lijsbeth Laets, moeder van Gielis van de Zande die onlangs op het “middelaer” gestorven is

Item verklaart Peeter Huijb Callants

Loenhout R 1321, f° 129 r° - 26.11.1543

| 1321-0269-01 |

Cornelis Jan Nout Luijcx tegen Peeter van den Bogaerde

slagen en verwondingen

Michiel van Elsacker zag dat Peeter Bogaerts met een mes gedeeltelijk uit de schede Cornelis Jan Nout Luijcx verjoeg van de heuvel op het kerkhof door “thelleken”

Getuigen eveneens Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaijen, schepenen

Peeter van der Buijten verklaart dat men in Loenhout zegt dat Peeter Bogaerts gehuwd had een vrouw die hij van buiten Loenhout gebracht had maar gelooft dit niet, getuigt hierover ook Geerdt Vorselmans

Jan van Bavele verklaart aanwezig geweest te zijn toen de overeenkomst tussen Peeter Bogaerts en Mariken, nu zijn vrouw, enerzijds en anderzijds Cornelis en Peeter Jan Nout Luijcx gemaakt werd

Loenhout R 1321, f° 129 v° - 10.12.1543

| 1321-0270-01 |

Goosem Jan Aerts tegen Willem Lenaerts

betwisting rente van een V rogge 10 st

Heijlwijch xClaus Diericx verklaart dat zij met haar man Jan Thoen Giel Sijmons aan Jan Aerts, Wuustwezel, de rente van een V rogge 10 st verkocht hebben

Er wordt verwezen naar schepenbrieven van 26.08.1527 en 17.08.1540 en de onderpanden die Cornelis Vermunten hebben toebehoord en nu Willem Lenaerts cum suis in handen hebben

Loenhout R 1321, f° 130 r° - s.d.

| 1321-0271-01 |

Henrick Lodders tegen Peeter Willem Bode

over betaling koop van leengoederen

Jan Jordaens vernam van Adriaen Jan Michiel Buijens dat Henrick Lodders gezegd had dat hij vrij geld wou hebben voor de leengoederen die hij aan Peeter Bode verkocht had

Loenhout R 1321, f° 130 r° - s.d.

| 1321-0272-01 |

Peeter Willem Bode

cfr bovenstaande

Adriaen Jan Michiel Buijens, aanwezig bij bewuste koop, zegt dat Heijnrick eerst 45 £ gr br vroeg, maar dat de koop gesloten werd voor 34 £, en dat Peeter Bode penningen zou geven ipv rente

Henrick Lodders

cfr bovenstaande

Jan van Elsacker, Djoos van Elsacker en Jan van Staijen verklaren dat Peeter Bode gezegd had dat indien Henrick Lodders vrij geld wou hij de koop niet zou doen, maar hoorden niet vermanen toen de slag ging

Loenhout R 1321, f° 130 v° - s.d.

| 1321-0274-01 |

Henrick Lodders

koop van leengoederen, cfr supra

Adriaen Bamers Aertnoutssen was ten huize Peeter van der Buijtejn toen Henrick Lodders de vs leengoederen verkocht voor 35 of 36 £ gr br maar niet met ‘heergewade’ wou te doen hebben

Item Gielis Bode

Loenhout R 1321, f° 131 r° - s.d.

| 1321-0275-01 |

Peeter Bode

koop leengoederen, cfr supra

verzoek te affirmeren wat Jan van Elsacker, Joos van Elsacker, Jan van Staijen en Adriaen Jan Michiel Buijens verklaard hebben en wat er verder allemaal tijdens de verkoop zou gezegd zijn

Loenhout R 1321, f° 131 v° - 21.01.1544

| 1321-0276-01 |

Lijsbeth Cornelis Conincx dr tegen Franck Marcelis

over rente van 2 V rogge

Jan Anthonis metser verklaart dat de moeder van zijn vrouw ter zake de stede waar Franck Marcelis nu woont aan Marie Slathouders jaarlijks 2 V betaalde en dat hij met zijn consorten de stede verkocht aan Franck Marcelis en hem de rente benoemd heeft

Marie x +Cornelis Haest verklaart de betaling van de rente gehad te hebben op vs panden voor meer dan 5O jaar toen Henrick Loijcxc daarop woonde

Claus Haijen tegen Willem Cornelis Luijcx

blanco

Loenhout R 1321, f° 132 r° - s.d.

| 1321-0278-01 |

Adriaen Jan Ooms tegen de erfgenamen Magriete der Weuwen

over voldoening van schuld

Henrick van Aerde verklaart dat zijn zuster, toen haar man Aert der Weuwen gestorven was, hem vroeg haar te helpen om Magriete te betalen van een V rogge voor verschenen pacht en alsdan Magriete zei dat het vs V rogge te gelden gezet was voor 10 st jaarlijks

Item Jan Adriaen Haest en Gielis Buijen Michielssen

Loenhout R 1321, f° 132 v° - s.d.

| 1321-0279-01 |

Cornelis Jan Nout Luijcx tegen Peeter Bogaerts

cfr voorgaande

Bernaert Stevens vernam van Peeter Bogaerts ten tijde hij dat meisje uit Vlaanderen met hem meebracht dat deze zijn vrouw was

Willem Lenaerts verklaart dat hij Cornelis Jan Nout Luijcx heeft horen zeggen 'al dat zij geloven zouden dat hetzelfde van Marikens gedeelte zou gaan'

Willem Lenaerts tegen Goosem Jan Aerts

cfr supra f° 129 v° betwisting rente

De vorster verklaart tot Wuustwezel geweest te zijn en aan Goosem Jan Aerts gezegd te hebben dat men de goederen waarop hij rente was heffende zou verkopen, dit op verzoek van Willem Lenaerts

Jan Praijens verklaart dat Goosem Jan Aerts hem zei dat hij geen goed had, dat Jan Hegge het hem 'ontwonnen' had

Loenhout R 1321, f° 133 r° - s.d.

| 1321-0281-01 |

Claus Haijen tegen Willem Cornelis Luijcx

cfr supra f° 126 v°

Gheerdt de Wege weet wel dat er discussie was tussen Claus de ketelare en Willem Cornelis Luijcx maar herinnert zich de juiste toedracht niet

Loenhout R 1321, f° 133 v° - 21.01.1544

| 1321-0282-01 |

Gielis Boets tegen Claus de Molenare

over koop onroerende goederen

goederen zijn openbaar gekocht en volgens schepenbrief 22.10.1543 opgewonnen door Jan Vorspoels in naam van de erfgenamen Jan van de Vekene, wat Jan Vorspoels getuigt

de vorster verklaart dat hij de 'wete' gedaan heeft aan Claus de Molenare en aan Jan Gielis Luijcx

Aerdt Jan Verhaert verklaart dat indien hij het huis genaamd "de bijle" waar Gielis Bode nu woont gehouden had hij dacht dat hem alle huizen zouden volgen die op de panden van de erfgenamen Jan van de Vekene staan

Loenhout R 1321, f° 134 r° - 18.02.1544

| 1321-0283-01 |

de weduwe Peeter Verwilt tegen Geerdt de Wege

rente

akte verwijst naar schepenregister 21.04.1539 (door ons niet teruggevonden in onze bewerkingen)

Jan van Bavele, man van leen, verklaart ten huize Willem de Backere geweest te zijn toen hem zijn recht gedaan werd en deze toen bekende dat de huisvrouw van Peeter Verwilt de dochter van Peeter Hovelmans op de panden die hij in handen had schuldig was 18 L rogge te heffen

Mathijs van den Bogaerde heeft Willem de Backere horen zeggen dat hij Lijncken x Peeter Verwilt zekere rogrente uitreikte

op zijn doodsbed zou Peeter Verwilt bekend hebben dat hij vanwege zijn vrouw was heffende op Geerdt de Wege 18 L rogge

rente zou voorheen wel 30 tot 40 jaar geheven zijn door Peeter Hovelmans en door Lijn Pauwels voor hem

Loenhout R 1321, f° 134 v° - s.d.

| 1321-0284-01 |

Jan van Dale tegen Jan Hovelmans

afbraak huisje

Laureijs van Aerde, schepene, verklaart dat wanneer Peeter Thoen de stede waar nu Jan van Dale woont verliet dat daar een klein huisje en een varkenskot stond dat Jan Hovelmans heeft afgebroken

Loenhout R 1321, f° 135 r° - s.d.

| 1321-0285-01 |

Geert de Wege tegen Geert Vorselmans

voldoen van schuld van 17 Kgld

Lenaerdt Steenbackers verklaart bij Geert de Wege drie V rogge gehaald te hebben waarbij ook Geert Vorselmans aanwezig was

Bouwen Huijbs Verhaert verklaart dat Geert Vorselmans en Geert de Wege in de kerk bij mekaar stonden en Geert de Wege vroeg om voor de schuld drie jaar rente te mogen betalen

Peeter van Onstaijen, schepene, bevestigt verklaring van Bouwen Huijbs

Loenhout R 1321, f° 135 v° - s.d.

| 1321-0286-01 |

Geerdt Vorselmans

cfr bovenstaande

schepenen kennen dat Bouwen Huijbs meermaals verklaarde niet te weten of Geert Vorselmans akkoord ging met het voorstel van Geert de Wege

Loenhout R 1321, f° 136 r° - 27.02.1544

| 1321-0287-01 |

Joos Ghijsbrechts tegen Jan van Eekele

betaling rente

Adriaen Vermunten verklaart als voogd van de kinderen Cornelis Vermunten vs Jan van Eekele geholpen te hebben bij de verkoop van de stede in Sneppel waarbij hem een £ gr br uitgestoken werd dat Cornelis Theus op de stede was heffende en dat Jan van Eekele zou mogen kwijten met 18 £ br

Loenhout R 1321, f° 136 r° - s.d.

| 1321-0288-01 |

Jan van Eekele tegen Joos vs

cfr bovenstaande

Laureijs van Aerde en Peeter van der Buijten hebben gezien dat Jan van Eekele een brief had toen deze aan Jan Laukens zoon een erfbrief verleed en zei dat hij afgelost had en Jan Laukens vs in de plaats zou stellen, verder dat de panden dezelfde zijn als deze waarop Cornelis Theus gehypothekeerd was, dat Cornelis Theus dit £ erfelijk gegeven had tot behoef van het sint joris altaar

Adriaen van Aken vernam dat Jan van Eekele beloofd had de penningen tot Hoogstraten te brengen, dat Cornelis Theus de penningen in Loenhout niet durfde op te halen uit vrees gearresteerd te worden

Jan van Eekel beweert de penningen al betaald te hebben, behalve 6 Kgld die Jan Ruelens zou voldaan hebben

Loenhout R 1321, f° 137 r° - 17.03.1544 svl

| 1321-0289-01 |

meester Zeger Shertogen tegen Cornelis Bode

over hypotheek op panden in Loenhout

verwezen wordt naar een schepenbrief van Antwerpen dd 29.05.1535 waarbij meester Zeger Shertogen en zijn vrouw gehypothekeerd zijn op 2 beemden de "winckels", op een eusel in Donk en op een eusel de "bleijncke" aan de kerk, en dit met 8 V rogge, verder dat Cornelis Bode cum uxore al hun goederen verbonden hebben

Loenhout R 1321, f° 138 v° - 17.03.1544

| 1321-0290-01 |

Peeter Bogaerts tegen Cornelis Jan Nout Luijcx

cfr f° 129 r°, slagen en verwondingen, maar blijkbaar gaat het geding erover of de zoenpenningen van het goed van de huisvrouw van Peeter Bogaerts kunnen afgaan, en of een vrouw kan beslissen zonder momboor. Vermoedelijk zijn er nog andere zaken gebeurd, want de penningen zijn aan Peeter Bogaerts beloofd en zouden mogelijk van het goed van zijn vrouw afgaan, heeft zij samen met Cornelis Jan Nout Luijcx iets gedaan?

Willem Lenaerts, man van leen, was aanwezig toen Cornelis Jan Nout Luijcx en Peeter Bogaerts de 'peis' maakten en Peeter Bogaerts penningen beloofde voor de zoening

Item getuigen Jan van Bavele, Mathijs van den Bogaerde, Gielis Bode

Abraham van Huijsen verklaart momboor te zijn geweest van Mariken Michiels van Huijsen dr, nu gehuwd met Peeter Bogaerts, was tot het momboorschap met vonnis gewezen. Was nog momboor toen de 'peis' gemaakt werd, Peeter Bogaerts en Mariken van Huijsen waren nog niet gehuwd op het ogenblik van de feiten

Loenhout R 1321, f° 139 v° - s.d.

| 1321-0291-01 |

Gielis Bode tegen Willem Luijcx

over koop van stede

Cornelis Bode Janssen verklaart dat toen Peeter Nouts aan Henrick Bode de stede "de cleijn bijle" verkocht besproken werd dat vs Henrick daar een heining zou houden

Item verklaart Peeter Peeter Nouts 'bijlcken'

Peeter Nouts verklaart dat zijn vader alsdan in "de cleijne bijle" wonende jaarlijks 30 st betaalde aan de parochie om mis te zingen en uit het huis waar Gielis Bode nu woont 34 (st)

Item verklaart Cornelis Bode

Loenhout R 1321, f° 140 r° - 31.03.1544

| 1321-0292-01 |

Kerstijne van den Vekene tegen Claus de Molenare

er wordt verwezen naar een schepenbrief van Antwerpen dd 11.05.1532, zonder dat over de inhoud wordt geschreven

Loenhout R 1321, f° 140 v° - 22.04.1544

| 1321-0293-01 |

de stadhouder in de zaken van appellatie tot Ekeren tegen Peeter Willem Bode

cfr supra

Mathijs Jan Claus Peeters, ca 39j, heeft de leengoederen ontvangen na dood van zijn vader en moeder in broederlijk en zusterlijk recht en is daarna alleen op zijn vierendeel blijven wonen en heeft later zijn vierendeel, zowel in erf als in leen, verkocht aan Peeter Willem Bode. Zijn zuster Lijsbeth heeft het huis van Peeter de Cuijper op vs hoeve of goederen nooit hoger gedeeld dan haar vierendeel. Verder hadden ook Jan Jan Claus Peeters en zijn zuster Mariken nog een vierendeel in erven en leen. Was er van in kennis gesteld dat de wethouder een half bunder hooimaden op het hoogbos had doen bezetten voor zijn hofrechten van de koop van Peeter Willem Bode

Laureijs van Aerde, ca 75j, en Jan Vorspoel, ca 27j, mannen van leen, verklaren aanwezig geweest te zijn toen Jacob van Onstaijen in naam van Peeter Willem Bode de lenen ontving en beloofde de stadhouder te betalen. Verder verklaart Laureijs, de bank van recht gedurende ca 35 jaar gehanteerd hebbende, nooit geweten te hebben dat de stadhouder zoveel ‘klein rechten’ had als er opdragers waren in enige verkochte lenen

Willem Lenaerts, ca 75j, verklaart item, heeft de bank ca 16 jaar gehanteerd

Peeter van Onstaijen, ca 55j, verklaart item, heeft de bank ca 18 jaar gehanteerd

Jan Jan Claus Peeters, ca 35j, heeft na dood van zijn ouders een vierendeel verkregen in de hoeve in Terbeek, nu in handen van Peeter Bode

Loenhout R 1321, f° 141 v° - 31.03.1544

| 1321-0294-01 |

Jan van Dale tegen Jan Hovelmans

cfr f° 134 v°, afbraak van huisje (varkenskot)

Peeter Thonis van Dietfoirt, schepene, heeft zes jaar op de stede aan het Oosteneind gewoond, op welke stede thans Jan Claus van Dale woont. Op vs stede stond toen een varkenskot. Heeft daarna gezien dat dit kot weg was en dat er een of twee varkens in de schuur stonden, dit was toen Jan Henrick Hovelmans daar woonde. In zijn huurcontract was bepaald dat het vet en de mest die hij na kerstmis zou maken na zijn vertrek op de stede moesten blijven

Luijck Willem Luijcx heeft op de stede voor Jan Hovelmans hout gesnoeid tot 'twijnhout' en de overschot gebonden tot 'mutsaerts' (10 à 12)

Cornelis der Wewen heeft toen Jan Hovelmans de stede verliet geen vet of mest gezien

Loenhout R 1321, f° 142 r° - s.d.

| 1321-0295-01 |

de stadhouder tegen Peeter Willem Bode

cfr supra, f° 140 v° e.a.

Marie Jan Claus Peeters dr x Sebastiaen Verheijden erfde van haar ouders een vierendeel van de stede of hoeve in Terbeek, uit welke hoeve haar vader uitgestorven was en die nu in handen is van Peeter Bode. Na het overlijden van haar vader heeft zij de lenen ontvangen, welke lenen zij met haar man opgedragen heeft tot koopmans behoef. Betreft beemd op het hoogbos. Peeter Joos en Ghijsbrecht de Bij waren aanwezig als mannen van leen toen Peeter de Cuijpere, Jan Jan Claus Peeters en Marie Jan Claus Peeters dr de doodgift ontvingen en opgedragen werden

Loenhout R 1321, f° 142 v° - 28.04.1544

| 1321-0296-01 |

Claus de Muelenare cum suis tegen Gielis Bode

cfr f° 133 v°,

in het bezetboek wordt enkel het bezet door de kinderen van de Vekene op de “groote bijle” vermeld, niet op de “cleijnder bijlen” of het huis waarin Jan Luijcx woonde en ook Claus de Muelenare

de vorste heeft alleen aan de bewoner van de “bijle” de 'wete' gedaan

Jan Vorspoel, als gemachtigd van de erfgenamen van de Vekene, heeft enkel enkel aan Peeter Nouts Bijlken de 'wete' laten doen

schepenen verklaren dat Claus de Molenare reeds 7 of 8 jaar in zijn huis woonde en Jan Luijcx 6 jaar in zijn huis, en dat zij daarin ook woonden toen de kinderen van de Vekene het bezet deden, en dat zij daar nu nog steeds wonen, Claus in het zijne en de weduwe Jan Luijcx in dit van haar

vervolgens wordt verwezen naar de 'costumen' (gewoonte recht) , vooral naar het feit dat men na een bezet de 'wete' dient te doen

Loenhout R 1321, f° 143 r° - 28.04.1544

| 1321-0297-01 |

Cornelis Boets tegen mr Zeger Tshertogen

cfr f° 137 r°, over betaling in koren

Peeter Jans van Staeijen heeft twee of driemaal bij Cornelis Boets koren gehaald en dit in Antwerpen bij mr Zeger Tshertogen geleverd

Loenhout R 1321, f° 143 r° - 12.05.1544

| 1321-0298-01 |

Adriaen Ingelen tegen Cornelis Jan Nouts

betaling van schuld

Clement van den Score verklaart dat Cornelis Jan Nouts hem vier Kgld schuldig was, en Adriaen Ingelen op zijn beurt vier Kgld aan Cornelis Jan Nouts. Vs Clement heeft dan van Adriaen Ingelen een paard gekocht, waarop Cornelis Jan Nouts akkoord was dat de vier Kgld bij deze koop zouden gekort worden

Lenaerdt van Staijen getuigt item, koop van paard en het akkoord over de korting werden bij hem thuis gesloten

Loenhout R 1321, f° 143 v° - 26.05.1544

| 1321-0299-01 |

Laureijs Jan Laureijs Rombouts tegen Jan van Eekele

over betaling van renten

Pauwels Willem Aerts heft 2 Kgld op de goederen Jan van Eekele, thans gekocht door Meus Nijs Mans

Aerdt Peeter Nouts heft op de zelfde goederen 9 Kgld 5 st

Jan Pauwels Keeselmans heft daarop 4 Kgld

volgens schepenbrief 09.07.1543 heeft Jan van Eekele bekend schuldig te zijn Laureijs Rombouts 4 V rogge, staande op stede met huis en toebehoren, groot ca 3 bunder

Adriaen Vermunten, als voogd van de kinderen Cornelis Vermunten, zou aan Jan van Eekel de schuld bekend hebben van 13 £ br 45 st van verlopen renten

Loenhout R 1321, f° 144 v° - 18.08.1544

| 1321-0300-01 |

Godevaert Piggen tegen de erfgenamen Dierick en Cornelis Boets

renten op panden

Jacob van Onstaijen, gemachtigd van vs erfgenamen, verklaart dat uit de panden meer kommer uitgaat dan Cornelis Bode uitgestoken heeft

er wordt verwezen naar een schepenbrief dd 15.02.1536 en een rente van 8 Kgld alsmede de borgstelling van Dierick Bode en zijn broer Cornelis

Loenhout R 1321, f° 145 r_ - 01.09.1544

| 1321-0301-01 |

Lijnken Wouter Conincx dr tegen de weduwe Wouter Conincx

over erfdeling

Peeter Peeter Boets verklaart dat de momboor van de dochters Wouter Conincx x Agneese Peeter Boets heeft gedeeld van Magriete Peeter Boets weduwe en Henrick Peeter Boets 10 £ br

Item verklaart Mathijse x +Adriaen Peeter Boets

Loenhout R 1321, f° 145 r° - s.d.

| 1321-0302-01 |

Adriaen van Aken

kommer op stede

Gielis Thoens en Henrick van Aerde verklaren aanwezig geweest te zijn toen Adriaen van Aken de stede waarop hij woont en de “neckers poel” kocht van Dierick Bode en dat Dierick daarbij een £ erfelijk uitstak dat Mathijs van Riele heffende was op de “neckers poel”, maar hoorden Dierick nooit zeggen dat vs schotvrij was

Loenhout R 1321, f° 145 v° - 01.09.1544

| 1321-0303-01 |

Claus Molenaren tegen Cristijne van de Vekene

cfr supra, f° 142 v° e.a.

uit een schepenbrief dd 30.02.1531 blijkt dat Claus Peeters gehypothekeerd is met een halster rogge op land in de “steechde” Z Dierick Boets W Willem Luijcx N Dierick Boets O Jan van Lint

Claus de Molenare zou dit land 12 of 13 jaren terug ingewonnen hebben, wat zou kunnen bevestigd worden door de schepenen Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaijen

Claus de Molenare verzoekt Kerstijne van den Vekene afstand van de goederen te doen

Loenhout R 1321, f° 146 v° - 15.09.1544

| 1321-0304-01 |

Jan Claus van Dale voor zijn erfdom op de stede in handen van Cornelis Henricx van Aerde

rente op stede

Laureijs van Aerde en Peeter Cristiaens verklaren dat zij als voogden van de kinderen Cornelis van Aerde na diens overlijden de stede Jan van Aerde Cornelissen verkochten zo Jan die nu verkocht heeft aan Cornelis Henricx van Aerde en dat Katrijne Jans van Aerde dr daarop 2 V rogge was heffende, en op welke rente Jan van Dale zou gedeeld zijn na het overlijden van vs Katrijne van Aerde

Jan Cornelis van Aerde verklaart dat de 2 V wel dertig jaar op de stede gestaan hebben

daarop is Jan van Dale volkomen in zijn erfdom gewezen

Loenhout R 1321, f° 147 r° - s.d.

| 1321-0305-01 |

Adriaen Ingelen tegen de weduwe Henrick Hovelmans

over onderhoud van weeskind

Thoomas Cornelis Goris verklaart Marie x +Henrick Hovelans te hebben horen zeggen dat zij Adriaen Ingelen zou betalen voor het houden van het kind van Thoen Verwilt, dit voor het laatste half jaar

item verklaart Heijlken Lambrecht dr

het kind van Thoen Verwilt is blijkbaar een neef van Marie x +Henrick Hovelmans

Loenhout R 1321, f° 147 v° - s.d.

| 1321-0306-01 |

de weduwe en erfgenamen Dierick en Cornelis Lenaert Boets

over rente, cfr f° 144 v°

verwezen wordt naar schepenbrief dd 15.02.1536, waarbij Cornelis Bode een rente van 8 Kgld schuldig blijkt aan Godevaert Piggen, en waarvoor hij de panden die hij destijds bezat te pand heeft gesteld

Cornelis Bode zou nog goederen aan de kerk bezitten, naast de goederen die de weduwe Dierick Boets nu in handen heeft

volgens schepenbrief dd 08.05.1536 waren Dierick Bode en Cornelis Lenaert Bode borg voor de rente

Loenhout R 1321, f° 148 v° - 15.09.1544

| 1321-0307-01 |

Cornelis van Elsacker Geertssen tegen Cornelis Jan Bode

over koop van een heiblok bij de donkervoort

Ghijsbrecht de Bije, man van leen, verklaart dat toen hij nog vorster was 'rosch en rijs' gehaald te hebben in vs heiblok, en aan Cornelis van Elsacker verboden te hebben Cornelis Bode geld te geven van dit heiblok, dit op verzoek van de borgen van Wuustwezel

Lenaert van Staeijen, man van leen, verklaart aanwezig geweest te zijn toen Cornelis van Elsacker het heiblok kocht van Cornelis Jan Bode, volgens welke laatste er buiten de heren cijns geen andere kommer op stond

item verklaart Jan Nijs

Marck Nijs was evenmin op de hoogte van enige andere kommer

Cornelis van Elsacker zou besproken hebben dat indien bleek dat er toch andere kommer op het heiblok rustte hij van de koop ontslagen wou worden

Loenhout R 1321, f° 149 v° - s.d.

| 1321-0308-01 |

Cornelis van Aerde Henricssen tegen Jan Cornelis van Aerde

koop van stede in Popendonk

Henrick van der Buijten verklaart dat Cornelis Henricx van Aerde de stede kocht van Jan Cornelis van Aerde voor 14 sister rogge, half geld half koren. Jan van Aerde behield de schuur voor 12 £ br

Jan de Hase verklaart item

Loenhout R 1321, f° 150 r° - 10.11.1544

| 1321-0309-01 |

de weduwe Wouter Conincx tegen de dochter Wouter Conincx

erfdeling, cfr f° 145 r°

#NAAM?

Loenhout R 1321, f° 150 v° - 24.11.1544

| 1321-0310-01 |

Marck Nout Peeter Nouts tegen Jan van Breda

over transport van leenpacht

Volgens verwijzing schepenregister dd 09.03.1541 svl zou Marck Peeter Nouts een sister rogge en het derdedeel in een L leenpacht (leen onder Adriaen van Doirne) getransporteerd hebben tot behoef van Jan van Breda met akkoord van Willem de But als gemachtigd van vs Jan, en dit in mindering van 9 V rogge die Jan van Breda cum uxore op vs Marck heffende was, en ook nog met 18 V rogge die vs Marck ten achter was aan Jan van Lint, huidig schout in Loenhout

Marck Nouts vertoont een procuratie dd 05.03.1540 svbr waaruit de machtiging door Jan van Breda van Willem de But blijkt

Marck Nouts transporteerde zijn recht aan 8 £ br die de erfgenamen Cornelis Keeselmans hem schuldig waren tot behoef van Jan van Breda, waarmede Willem de But als gemachtigd van Jan van Breda zich tevreden verklaarde

Loenhout R 1321, f° 152 v° - 22.12.1544

| 1321-0311-01 |

Geert de Wege tegen Thoomas Thoens

Geert de Wege is blijkbaar verwond door Michiel Thoomas Thoens zoon

Wouter de Wege verklaart aanwezig geweest te zijn toen Geert de Wege een schikking wilde maken, maar Thoomas Thoens weigerde voor zijn zoon te betalen, zei dat deze zelf beloofde te betalen

Luijck Willem Luijcx was ook aanwezig bij Jan de Cock alwaar Geert de Wege en Thoomas Thoens de zaak bespraken

Loenhout R 1321, f° 153 r° - s.d.

| 1321-0312-01 |

Peeter Willem Bode tegen Jan de Cuijpere als ontzetter van de “peersbemden”

over uitstaande renten

volgens de verkoopovereenkomst van de drie delen van de stede die Peeter Bode voor 18 sister één V rogge gekocht heeft van Peeter de Cuijper zouden er onder geld en koren 36,5 V rogge 6 st 1,5 oort oude kommer op gestaan hebben en aan de h geest van Loenhout 6 st 'tornoijse'

verder zouden er boven deze oude kommer 11 sister onder geld en koren 1,5 st berusten, blijkende uit de brief van Marie Snels, 4 V Peeter Dignen, 5 L Jacob Delijen, 3,5 V Willem Verheerstraten, 2 sister Peeter Bode, 2 sister Marck Nouts Peeter Nouts, nu Jan de Cuijper, 1 sister Marie x Adriaen van der Heijden, 2 sister Adriaen van Aken, nu Peeter Bode, 1 sister, welke brief dateert 13.04.1532

aanlegger vraagt terzake Laureijs van Aerde, de schepenen benoemd in 1538 en Adriaen van Aken te interpelleren

Loenhout R 1321, f° 154 r° - 02.01.1545

| 1321-0313-01 |

Cornelis Peeter Keeselmans tegen Jan Keesselmans als momboor van de kinderen Cornelis Keeselmans

over verhuur van een stedeken

Adriaen Thoen Lippens huurde het stedeken van Cornelis Keeselmans Janssen, op welke stedeken Cornelis Jan Wouter Stevens thans woonachtig is, voor een termijn van 6 jaar. In deze periode is Cornelis Keeselmans overleden, waarna Jan Pauwels Keeselmans als momboor van de weeskinderen de huur ontving

Cornelis Jan Wouter Stevens huurde de stede van Jan Pauwels Keeselmans

Ghijsbrecht de Bije verklaart dat hij, in de tijd dat hij vorster was, de stede waar Anthonis Thijs Diericx uitgestorven was met daarbij een 'eusel' toebehorende de erfgenamen Peeter Keeselmans uitgewonnen en 'ter keerse' gebracht te hebben en dat beide erven samen verkocht werden. Deed dit als gemachtigd van Bertelmeus Gielis Wasmakere

Loenhout R 1321, f° 154 v° - 17.01.1545

| 1321-0314-01 |

Peeter Soetens de jonge

over verkoop van stede

Peeter Jan Snellen en Jan van Bavele verklaren aanwezig geweest te zijn op 16.01.1545 toen Adriaen Jan Rummen Jan Rombouts over gaf aan Peeter Soeten dezelfde koop zo hij de stede waar Peeter Soeten uitgestorven was gekocht had

Jan Peeter Thijs verklaart gezien te hebben dat Jan Soetens eerst de koopman de handslag gaf en daarna Cornelis Jan Haest en Lijsbeth x +Peeter Soentens ook. Ook Marie Peeter Soetens betwiste het koopmanschap niet

Item verklaart Meus Cornelis Meus

Getuigen hebben niet gezien dat Peeter Soeten de jonge de handslag heeft gegeven

Loenhout R 1321, f° 155 r° - s.d.

| 1321-0315-01 |

Marie Peeter Soetens

calengieren van stede, cfr bovenstaande akte

Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaijen, schepenen, verklaren dat Marie Peeter Soetens dr x Cornelis Jan Haest gecalengierd hebben de koop van de stede die Adriaen Rummen Rombouts gedaan heeft tegen de erfgenamen Peeter Soetens

Peeter Jan Snellen en Jan van Bavele verklaren dat Adriaen Rummen Rombouts de koop overgedragen heeft aan Peeter Soetens

Loenhout R 1321, f° 156 r° - 03.04.1545

| 1321-0316-01 |

Adriaen van Aerde tegen Jan Hovelmans

over koop van een paard

Jan Henrick Loijcx verkocht het paard aan Jan Hovelmans en korte hem van de koopsom 5 st af omdat het paard 'dempich' (kortademig) was

Jan de Cuijper was aanwezig toen Adriaen Henricx van Aerde het paard kocht van Jan Hovelmans, en dat deze laatste toen zei dat het paard geen gebrek had

Cornelis Jan Ghiel Buijens was daarbij eveneens aanwezig

Loenhout R 1321, f° 156 v° - s.d.

| 1321-0317-01 |

Cornelis Peeter Keeselmans tegen de kinderen Cornelis Keeselmans

cfr f° 154 r°, verhuur van stedeken

Kersten Diericx verklaart dat de stede waar Anthonis Thijs Diericx uitgestorven is opgewonnen werd met het 'eusel' toebehorende Cornelis Peeter Keeselmans en samen verkocht. Hoorde Jan Pauwels Keeselmans zeggen dat hij als voogd van de kinderen Cornelis Keeselmans de renten op vs stede zou voldoen zolang hij de huurpenningen zou ontvangen

Adriaen Henricx van Aerde

cfr f° 156 r°, koop van paard

Adriaen verzoekt Jan Hovelmans te laten affirmeren dat hij gezegd heeft dat het paard geen gebrek had

Loenhout R 1321, f° 157 r° - s.d.

| 1321-0319-01 |

Anthonis Hovelmans tegen Jan Hovelmans

over verkoop van stede

gevraagd wordt kopij van de verkoop akte van een stede door Henrick Hovelmans aan zijn zoon Jan op 05.11.1539

Loenhout R 1321, f° 157 r° - 13.04.1545

| 1321-0320-01 |

de kinderen Cornelis Nijs tegen Mathijs van Aerde

betaling van rente

Jan Nijs verklaarde aanwezig geweest te zijn toen Cornelis Nijs ten huize van Lenaert van Staijen aan Mathijs van Aerde drie hoopjes geld gaf, elk van 18 st, waarmede hij hem 3 V rogge betaalde van 2 verschenen jaar, zijnde 6 L per jaar

item verklaart Jan Henricx van Aerde

Loenhout R 1321, f° 157 v° - 02.03.1545

| 1321-0321-01 |

de schout tegen (meester) Claus Diericx

slagen en verwondingen

Cornelis Heijns, kuiper, vernam van Claus Diericx dat deze Lijne van Lare had geslagen

Jan Cornelis Keeselmans vernam item, had er nog aan toegevoegd dat hij ze tussen zijn rapen aangetroffen had

Katrijn van Lare verklaart dat Claus haar geslagen had op de 'trempt' in “Lijnen Dierick Boets hof” aan het “eindeken”

Barbele x +Willem van Lare verklaart dat Lijn van Lare geslagen was op arm, hoofd en schouder, zodat zij 14 dagen niet kon werken

mr Jan Vorspoel heeft Lijn van Lare verzorgd

Cornelis Lodders vernam van Claus dat hij Lijn van Lare geslagen had

Loenhout R 1321, f° 158 r° - 02.03.1545

| 1321-0322-01 |

de erfgenamen Geert Verhoeven tegen Geert de Cuijpere

huurschuld, de zaak is vroeger al voor de vierschaar gekomen

Geert de Cuijper zou vroeger voor de vierschaar verklaard hebben dat de schuld dateert van reeds 9 à 12 jaar geleden

schepenen verklaren dat Geert Verhoeven dat met bamis 1544 het vier jaar geleden was dat Geert Verhoeven is overleden

Loenhout R 1321, f° 158 v° - 11.05.1545

| 1321-0323-01 |

Claus Diericx tegen de schout

cfr f° 157 v°, slagen en verwondingen

Claus Diericx vraagt of het recht hem in het gelijk stelt daar tegenpartij goederen op zijn erf wegnam

Loenhout R 1321, f° 159 r° - 11.05.1545

| 1321-0324-01 |

Thoomas Thoens tegen Geerdt de Wege

cfr f° 152 v°, verwondingen

Thoomas Thoens presenteert voor zijn zoon te betalen

Loenhout R 1321, f° 159 v° - 08.06.1545

| 1321-0325-01 |

de pastoor (heer Lambrecht) nomine abbatis (abt)

heffing van tienden

Henrick van Bavele Janssen heeft op bevel van de pastoor van Thoomans Cornelis Goris de tienden geëist van de jonge ganzen die hij gehouden had, waarop Thoomas vrouw geantwoord had: 'al had ik er 100, ik geef er niet één'

Peeter van der Buijten heeft vroeger gedurende meer dan 12 jaar de tienden van St Bernaerts in huur gehad en alsdan altijd de ganzen getiend, zoals ook de lammeren, varkens en andere beesten, deed dit altijd na de oogst

Loenhout R 1321, f° 160 r° - 22.06.1545

| 1321-0326-01 |

de kinderen Cornelis Keeselmans tegen Cornelis Peeter Keeselmans

cfr f° 156 v° e.a.

Adriaen Thoen Lippens heeft de stede in Hecht gedurende 6 jaar gehuurd van Cornelis Keeselmans en zijn kinderen, wordt bevestigd door zijn vader Anthonis. Met half maart was het negen jaar geleden dat hij daar is komen wonen. Hij vernam van Cornelis Keeselmans dat zijn broers en zussen hem het halster rogge moesten helpen dragen

Franck Marcelis, voormalig schepene in Loenhout, verklaart dat men op de panden niet verder betaling haalde dan van binnen het jaar en van buiten jaars op de 'haeffelijke' goederen

Item verklaren Peeter Martens opte Rijdt, oud schepene, en Peeter van der Buijten, schepen klerk

Ghijsbrecht de Bije zou als gemachtigd van Bertelmeus Gielis de panden bezet hebben van binnen het jaar voor 4 Kgld

Loenhout R 1321, f° 161 r° - s.d.

| 1321-0327-01 |

Peeter de Smidt en Anthonis Verwilt

over belening

Anthonis Verwilt verklaart dat Peeter de Smidt van Breda van hem een rente kocht van 10 V rogge voor de som van 104 Kgld, en dat hij nog van een jaar verschenen rente door de uitreiker betaald werd, waardoor Peeter de Smidt hem de tien en een halve V kortte aan zijn erfpenningen, maar kent het juiste bedrag van de korting niet meer

Loenhout R 1321, f° 161 los blad

| 1321-0328-01 |

16.03.1541 svl

Peeter van der Achter x Margriet verhuurt aan Jan Zeverijns een stede in Neerven welke in bezit was van +Jan Engelen voor een termijn van 3 jaar. Indien Peeter vs zou overlijden mag zijn vrouw Margriete daar komen wonen. Huur geschied voor 20 V rogge 21 Kgld. Heren cijns is 2 kapoenen, 2 hoenders, 31 eieren. Jan van Aerde, Popendonk, stelt zich borg

Loenhout R 1321, f° 161 v° - s.d.

| 1321-0329-01 |

Jan van Staeijen tegen Jan van Eekele

verkoop van erven en bestaande rente

Cornelis Michiel van Elsacker verklaart nadat Jan van Eekele de “hegacker” gekocht had van Jan van Staeijen van hem te hebben horen zeggen dat Jan van Eekele vs Jan van Staeijen zou lossen van de oude kommer

Lenaert van Staeijen vernam van zijn vader dat Jan van Eekele de renten staande op de “hegacker” diende te betalen aan Adriaen Ceels of de rente op andere panden diende te stellen

Loenhout R 1321, f° 161 v° - 03.08.1545

| 1321-0330-01 |

Jan Thijs Theus tegen Claus Diericx

mangelen van paarden

Peeter Clements, aanwezig bij het mangelen van paarden tussen Jan Thijs Theus en Claus Diericx, verklaart dat Jan Theus één Kgld moest toeleggen, verschijnende met Hoogstraten kermis. Bovenop bewees Jan Theus nog 13 Kgld op Geerdt de Wege, waarmede vs Claus tevreden was

Claus Diericx betwist deze verklaring, zegt dat er geen mangeling is geweest maar wel een koop

Anthonis Wouter Laets verklaart aanwezig geweest te zijn bij het koopmanschap, waarbij Jan Theus van Claus Diericx een paard gekocht had voor 14 Kgld, waarvan hij met Hoogstraten kermis één Kgld zou betalen en 13 Kgld op Geerdt de Wege

Loenhout R 1321, f° 161 v°

| 1321-0331-01 |

Een stukje losstaande tekst

voor Henrick van Aerde zijn borgen voor de windmolen, Claus de Molenare, Anthonis van Aerde, Jan Henrick van Aerde, Wouter van den Broeck en Jan Henrick Loijcx, samen gelijke hand

Loenhout R 1321, f° 163 r° 07.08.1545

| 1321-0332-01 |

waarheid beleden door mr Lambrecht van Corput in naam van de pachters van St Bernaerts

over hoeden van schapen en eigendom van erven

Peeter van Staijen, 80 jaar, Claus van Staijen, 82 jaar, en Claus Peeter Haeijen, ca 83 jaar, hebben gezien dat Willem van den Wijngaerde zijn schapen deed hoeden op de heuvel die Olivier van den Wijngaerde heeft doen heinen. Verklaren vanaf hun jonge jaren niet anders gehoord te hebben dan dat de noordzijde van de heuvel, beginnend waar nu het huis van Henrick van Aerde staat tot aan de warande van de heer, toebehoort aan de prelaat van St Bernaerts

Nijs Hegge, ca 78 jaar, hoorde in zijn jonge tijd dat de heuvel waar de tiende schuur stond toebehoorde aan de abt van St Bernaerts

er worden nog verdere verklaringen afgelegd, door bovenvermelde personen en ook door Willem Lenaerts, 75 jaar, Peeter van Onstaijen en Laureijs van Aerde, schepenen. Hieruit blijkt dat de tiende schuur stond achter het huis waar nu Jan de Weert woont, en welke schuur afgebrand is. Nijs Hegge heeft daarna op verzoek van de abt een andere schuur getimmerd, samen met Geerdt van Elsacker. Jan Hegge, vader van vs Nijs, timmerde een huis op de plaatse waar nu Jan de Weerdt woont. Katrijne Dorens heeft van de prelaat de noordzijde van de heuvel gehuurd, Clara Cornelis Molenaren de zuidzijde. Peeter van den Bogaerde en Jan van den Bogaerde hebben in opdracht van de heer van Boechout, heer van Loenhout, een houten kruis, waarop drie ijzeren kruisjes, gezet aan het huis van Peeter van Staijen op het heuvelken tussen de drie wegen. Dit kruis werd gezet in 'beternis' van het ongeval dat Peeter van den Bogaerde gedaan had.

Ook kwam, 50 à 60 jaren geleden, heer Robbrecht, graaf van der Marck en Arenberch, heer van Loenhout, met Ghijsbrecht Vercreke, vorster, tot het huis van Metten, moeder van Claus Haeijen vs, waarbij deze een brief van de abt vertoonde waaruit bleek dat zij het goed van de abt had en de heer zei zich verder niet te bemoeien

Verder had Peeter Grobbe, toenmalig schout van Loenhout, een schuur laten oprichten op de erven waar nu het huis van Marie Peeters van den Cloot staat, maar moest deze van de abt weer verwijderen. Machteld (Metten), moeder van vs Claus Haeijen, vercijnsde de erven waar Peeter Grobbe de schuur had opgetrokken met behulp van heer Jan Vorspoel, toenmalig pastoor in Loenhout. Later verkocht ze de erven aan Nees Aert Balmakers

ook heer Peeter Loijcx, priester, verklaart dat hij Claus Verheerstraten heeft horen zeggen dat hij, toen hij de plaats waar nu zijn (Peeter Loijcx) huis staat vercijnst had tegen Geraerdt Ingelbrechts handelend in de naam van de heer van Loenhout, naar het klooster van St Bernaerts was geweest en dat de erven vercijnsd werden voor een halve braspennink

Peeter van Onstaijen, Cornelis Vorspoel en Lijsbeth Vorspoel verklaren nog dat zij mr Vorspoel dikwijls hebben horen zeggen dat Geeraerdt Ingelbrecht wederrechtelijk handelde, dat de erven behoorden aan de abt, dat de huurceel in de oude missaal stond wel meer dan 150 jaar oud

Loenhout R 1321, f° 166 r° - 01.08.1545

| 1321-0333-01 |

Adriaen Cornelis Deckers tegen Jan van Aerde

levering van rentrogge

Peeter Peeter Bode woonde dertig jaren terug bij Cornelis de Coninck, haalde alsdan op de hoeve in Neerven waar nu Jan van Aerde woont 6 V rogge die hem geleverd werden door Cornelis Luijcx, toen pachter van de vs hoeve, en daarna bij Jan Pauwels Wuijts, en dit zolang hij bij Cornelis Conincx of haar weduwe en kinderen heeft gewoond

Marie x +Cornelis Conincx verklaart de rente wel 15 jaar of meer geheven te hebben

Loenhout R 1321, f° 166 v° - 31.08.1545

| 1321-0334-01 |

Jan van Staijen tegen Jan van Eekele

cfr supra f° 161 v°

Michiel van Elsacker verklaart dat Jan van Eekele, lang voor datum van deze, een stuk erven gekocht heeft waarbij besproken werd dat deze 3 Kgld erfelijk zou betalen welke Cornelie Jan Thoens dr, nu gehuwd met Adriaen Schoofs, op de goederen van Jan van Staijen heffende was, waardoor deze zou ontlast worden

Loenhout R 1321, f° 167 r° - 14.09.1545

| 1321-0335-01 |

de schout tegen Geert Vorselmans

slagen, blijkbaar rijst op de vraag op wiens grondgebied de feiten gebeurd zijn

Jan de Cuijpere verklaart dat Geerdt Vorselmans hem sloeg met een 'pijcken schachte' en dat hij meent dat dit geschiedde onder de heerlijkheid van Loenhout

Geert Vorselmans verklaart dat hij toen naar Loenhout toe kwam

Bertelmeus Tuijts zag Geert Vorselmans op Jan de Cuijpere slagen, zo hij meende met een 'pijcken scaste' zonder ijzer

Loenhout R 1321, f° 167 v° - 14.09.1545

| 1321-0336-01 |

de erfgenamen Bernaert van Bavele tegen Peeter Jan Snellen

betwisting van rente

Anthonis Verwilt heeft vroeger verkocht aan Peeter Jan Snellen cum uxoris 10 V rogge die Bernaertd van Bavele was uit reikende

Jan Severijns vernam van Anthonis Verwilt dat Peeter Jan Snellen hem kortte aan zijn erfpenningen

Claus Diericx vernam van Anthonis Verwilt dat hij Peeter Jan Snellen een jaar rente moest geven

Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaijen hebben geen kennis van de pacht

verzoek aan Cornelis van Bavele en zijn moeder dat zij in de tijd dat Bernaert van Bavele aan Peeter Jan Snellen de penningen van de rente gaf zij geen kennis hadden dat Peeter Jan Snellen een jaar rente had gehad in de koop

Loenhout R 1321, f° 168 r° - s.d.

| 1321-0337-01 |

Jan Jan Boets tegen zijn broers Peeter en Cornelis

verdeling nalatenschap

Jan van Bavele verklaart aanwezig geweest te zijn toen Cornelis en Peeter Jan Boets vergaderden bij hun broer Jan, en besproken werd dat Peeter en Cornelis erven de “schuurhof” met de schuur daarop staande vooruit zouden hebben en daarna verder de goederen verstorven van Jan Boets verdelen gelijke hand, Jan zou voor het akkoord een rok laken 3 Rgld eens krijgen, dit zouden ze betalen in het gelag tot een ton bier

Jan de Cuijpere verklaart item

Loenhout R 1321, f° 168 v° - 12.10.1545

| 1321-0338-01 |

de schout tegen Lijsbeth Verschueren

over het steken van turf op grond van de heer

Laureijs Schoemakers hoorde zeggen dat Lijsbeth Verschueren turf liet halen op het moer dat Geert, haar man, eertijds van de heer gekocht had

verder 26.10

Henrick van der Buijten Henricx kent dat zijn knecht bij Lijbeth Verschueren turf heeft gevoerd van des heeren moer, nu in de zomer een jaar terug

Henrick Janssen van der Buijten, schepene, kent dat Lijsbeth hem gezegd had dat zij turf had op het moer, vroeg hem te helpen, heeft het turf naar Hoogstraten gevoerd

Cornelis Jan Michiel Buijens heeft gezien dat Lijsbeth turf haalde op het moer

Loenhout R 1321, f° 169 r° - 09.11.1545

| 1321-0339-01 |

de heer tegen Michiel Verstraten

aanbrengen van een dam in de beek

Aerdt Brans zag dat Michiel Verstraten in de beek die loopt tussen Wesel en Loenhout de stroom geschut heeft

verder 07.12.45

Cornelis Vorspoel Peeterssen heeft gezien dat Michiel Verstraeten een dam aanbracht

gevraagd wordt aan de schepenen of dit jaar en ook de vorige jaren de vorster heeft afgeroepen dat niemand in sheeren stroom mag dammen

Jan van Lint heeft gezien dat Michiel Verstraten een dam aanbracht

Loenhout R 1321, f° 169 v° - 09.11.1545

| 1321-0340-01 |

de pastoor over de bijen tienden

innen van de tienden

Peeter van der Buijten verklaart dat toen hij de tienden in pacht had hij met sommige van de tiendenaars overeenkwam en zij hem met geld betaalden, met hem gingen Peeter Verwilt, Henrick zijn broer, en naar hem dunkt ook Cornelis van Elsackere

verder 07.12.45

Cornelis van Elsacker en Henrick van der Buijten verklaren item

Loenhout R 1321, f° 170 r° - 23.11.1545

| 1321-0341-01 |

Peeter Jan Boets tegen zijn broer Jan Jan Boets

cfr supra f° 168 r°

Claus Peeter Haijen zag dat Cristijne x Jan Boets, moeder van vs Peeter (Jan) Bode, in de “schuurhof” in Sneppel groen plukte vooraleer zij met Jan Bode huwde, verder dat Jan Bode opte Munte placht te heffen 6 L rogge die gekomen waren vanwege zijn huisvrouw, en die ook bleef heffen na het overlijden van zijn vrouw

Jan Leijs Rombouts woonde bij Willem Jan Wils en zag alsdan dat de moeder van Willem Jan Wils, moeder van vs Christijne, met deze Christijne en haar zoon Jan de schuurhof gebruikten, vooraleer Christijne met Jan Bode huwde

Peeter Heijn Kerstens ignorat

Adriaen Vermunten hoorde zijn vader en Peeter Boets vader zeggen dat de korenrente die zijn vader aan Jan Bode gaf gekomen was van de oude goederen van diens huisvrouw

Jan van Bavele heeft in de deling tussen de broers niet horen vermanen

Loenhout R 1321, f° 170 v° - 23.11.1545

| 1321-0342-01 |

Joos van Elsacker tegen heer Goris of Franck Marcelis als borg van heer Gorijs van den Venne

over borgstelling

Peeter van der Buijten en Peeter Jan Snellen, resp. secretaris en schepene, kennen dat Franck Marcelis borg bleef voor zulk koren als Joos van Elsackere had doen arresteren, koren toebehorende heer Goris van den Venne

Loenhout R 1321, f° 171 r° - 23.11.1545

| 1321-0343-01 |

Peeter Jan Snellen tegen de erfgenamen Ber(n)aerts van Bavele

cfr supra f° 167 v°

Anthonis Verwilt kent dat Peeter Jan Snellen de rente van 10,5 V rogge van hem kocht en dat Peeter daaraan in de koop binnen had een jaar renten en dat hij hem daarvoor aan zijn penningen kortte 16 st 3 oort of 17 st 1 oort per V, verder dat toen Bernaert van Bavele aan Peeter zijn penningen weer gaf dat deze 10 L rogge gaf

Jan Severijns zegt dat beiden onderling twist hadden over een jaar renten

Bernaerdt Couwenberchs verklaart item

Nijs Jan van Bavele kent dat zijn broer Bernaerdt hem de rente brief liet zien en zei toen niets van twist of vermaning

Loenhout R 1321, f° 171 v° - 23.11.1545

| 1321-0344-01 |

Henrick van Aerde tegen Anthonis Paeps

levering van mout

Claus Aerts der Wewen verklaart dat gekocht te hebben van Anthonis Paes (juiste naam niet geweten) een V mout aan 12,5 st de V, en dat Anthonis daarmede tevreden was, zou geleverd worden aan Henrick de molenaar tot Loenhout

Jan van Aerde Henricxsen kent item, verder dat vs Anthonis vs Claus der Wewen ontsloeg en Henrick van Aerde voor zijn man hield

Loenhout R 1321, f° 171 v° - s.d.

| 1321-0345-01 |

Peeter Snellen tegen de erfgenamen Bernaerdt van Bavele

cfr supra f° 171 r° e.a.

Marcus Loijcx kent dat toen hij schout was Bernaerdt van Bavele onder hem zekere penningen stelde en nadien daar een deel van deed aan Peeter de Smidt en de rest zelf meenam

Loenhout R 1321, f° 172 r° - 23.11.1545

| 1321-0346-01 |

Anthonis Hovelmans tegen zijn broer Jan Hovelmans

ook cfr supra f° 157 r°

Godevaert van Ijperen was aanwezig bij de scheiding en deling tussen Anthonis Hovelmans, zijn broer Jan en zijn zusters of zwagers van de goederen van hun vader Henrick Hovelmans en dat hetzelfde al werd beschreven door Adriaen Wouters

Loenhout R 1321, f° 172 v° - 23.11.1545

| 1321-0347-01 |

Willem Polmans tegen de erfgenamen Pauwels Dingnen

voorwaarden contract van afscheid

Jan Leijs Rombouts was aanwezig toen het contract werd gemaakt tussen de weduwe en de erfgenamen Pauwels Jan Dingnen waarbij de weduwe voor haar tocht 16 £ br zou hebben, welk contract daarna gewijzigd werd waarbij de weduwe 12 £ br zou houden op Cornelis van Staijen timmerman

Laureijs van Aerde, Jan van Bavele en Peeter Jan Snellen, schepenen, verklaren item

Loenhout R 1321, f° 173 r° - 23.11.1545

| 1321-0348-01 |

de erfgenamen Jan Ghijs tegen Marcus Loijcx

rente op stede

Sijmon Thijs Theus kent dat zijn vader van zijn stede in de palinckstraat, nu in handen van Marck Loijcx, jaarlijks 30 st betaalde aan de erfgenamen Jan Ghijs, verder dat na de dood van zijn vader zijn broer Jan daarop gedeeld was

Jan Geert Larien kent dat de erfgenamen Jan Ghijs in de tijd van zijn vader, 19 of 20 jaar geleden, daar 30 st op hieven

Loenhout R 1321, f° 173 v° - 03.01.1546 svb

| 1321-0349-01 |

Casus Huefkens tegen juffr Lijsbeth x Jan van Diest

over huurprijs van erven

Ghijsbrecht van Amstel was aanwezig bij Casus Huefkens en juffr Lijsbeth van Diest toen Casus graag het heiblok nog 6 jaar wou huren, waarop juffr Lijsbeth de huurprijs met 5 st wou verhogen, wat Casus te veel vond

Loenhout R 1321, f° 174 r° - 18.01.1546

| 1321-0350-01 |

de h geest van Loenhout tegen Lijsbeth Henrick Meus dr x Wouter de Smidt

weghalen materiaal van afgebrande hofstede

Peeter Henrick Kerstens zag dat de zoon van Mathijs van den Bogaerde ijzer, gekomen van het huis “den haen”, op een kar laadde en zou gevoerd hebben bij Wouter Thoomaes tot Hoogstraten. Zelfde kent dat vs Wouter hem deze hofstede nadat het huis afgebrand was een jaar verhuurd had voor 13 st

Cornelis Mathijs van den Bogaerde kent dat Wouter de Smidt hem bevolen had hem het ijzer te brengen

Mathijs van den Bogaerde verklaart item

Claus Diericx kent dat Wouter Thoomaes na de brand hem geblust hout heeft verkocht

Loenhout R 1321, f° 174 v° - 23.02.1546

| 1321-0351-01 |

Jan Vorspoels voor Jan van Duerne tegen Kerstiaen Meus in zijn leenhof

over leen en 'heergewade' (oorspronkelijk krijgsuitrusting die de vasal van zijn leenheer ontving en door de leenopvolger diende teruggegeven, later de uitkering door de leenman aan de leenheer bij de leenverheffing)

Cornelis Peeter Vorspoels ging met Jan Vorspoel ten huize Kerstiaen Meus waarbij Kerstiaen aan Jan vroeg waarom hij hem bezet had waarop die zei 'Ick moet mijn heergewade ende cleijn rechten hebben van dat ghij u goet beswaert hebt te weten dbruggesken'. De vrouw van Kerstiaen Meus zei dat Peeter Roefs hen daarop 9 Kgld gedaan had die ze binnen 4 jaar moesten terug geven, dat het dan zou verkocht worden en Jan dan een geheel heergewade zal krijgen

Peeter Pïelnake, stadhouder, kent dat hij met mr Jan Vorspoel was ten huize Kerstiaen Heijn Meus en hem bevestiging vroeg van hetgeen Cornelis Peeter Vorspoels boven verklaarde waarop Kerstiaen Meus wat 'drenselde' en dan zei dat het zo was

Loenhout R 1321, f° 175 r° - 01.02.1546

| 1321-0352-01 |

Jan Pauwels Keeselmans tegen Henrick Cornelis Verschueren

betwisting betalingen rente

Anssem Cornelissen verklaart dat Jan Pauwels en zijn huisvrouw samen met Henrick Cornelissen, lakenkoper, bij hem kwamen en dat Jan Pauwels vroeg hem te helpen met het tellen van het geld dat Henrick zou ontvangen (omdat hij slecht zag) en dat hij toen 12 £ vlaams telde, hoorde later dat de huisvrouw van Jan Pauwels geschil had met Henrick, dat Jan Pauwels maar 16 £ br schuldig was zodat hij in feite 2 £ br teveel had gegeven

Jan Willem Smidts, secretaris in Wernhout, schreef op verzoek van Jan Pauwels vs Henrick aan

voor wat de rente betreft wordt verwezen naar schepenbrieven dd 18.10.1527 en 15.05.1545 alsmede naar de voorwaarden geautoriseerd bij de secretaris Johennes Fabrij (Jan de smid) te Wernhout

Loenhout R 1321, f° 175 v° - 09.03.1546

| 1321-0353-01 |

Cristiaen Heijn Meus tegen Jan Vorspoel als stadhouder van Doerne

cfr supra f° 174 v°

vraag Kerstiaen Heijn Meus en zijn vrouw Peeternelle te affirmeren of Peeter Jan Nout Luijcx, volgens uitwijzen van een brief waarvan op de keerzijde geschreven door Michiel Jordaens, secretaris in Brecht, 9 Kgld gedaan had voor een V rogge, item te affirmeren of het leen genaamd “dbruggesken” verhuurd werd voor 6 jaar aan vs Peeter Jan Nout Luijcx voor een V rogge jaarlijks

Loenhout R 1321, f° 175 v° - 15.03.1546

| 1321-0354-01 |

Cornelis Vorspoel tegen Adriaen van Aken

betalingen van pacht

Peeter Goos heeft de panden van Cornelis Vorspoels bezet, welke panden Adriaen van Aken nu in handen heeft, en dit voor 3 pachten, waarvan er twee betaald werden door Jan van Elsacker voor Cornelis Vorspoels en de derde door Adriaen van Aken

Marie x Jacob Mars heeft gewoond bij Adriaen van Aken in het jaar 1542 en welke toen het “schoerblock” in handen had, dat hij gekocht had van Cornelis Vorspoel

Adriaen van Aken kent dat hij dit goed half maart 1542 aanvaard heeft

Cornelis Heijns meent dat Adriaen van Aken het “schoirblock” kocht van Cornelis Peeter Vorspoels ca 6 jaar geleden

Loenhout R 1321, f° 176 r° - 10.05.1546

| 1321-0355-01 |

Peeter van Staijen tegen Lenaerdt Mars van Zundert

verkoop van een paard

Franck Marcelis en Lenaert van Staijen kennen aanwezig geweest te zijn toen Peeter van Staijen een paard verkocht aan Lenaert Mars tot Zundert op voorwaarde dat Lenaert Mars een reis met het paard mocht maken en indien hem dit niet beviel de overeenkomst verviel, maar dat hij dan wel die reis moest betalen

verder 05.07.1546

Jacob Heijn Bevers kent item

Adriaen Geert Stoops kent item

Loenhout R 1321, f° 176 v° - s.d.

| 1321-0356-01 |

Blijkbaar vervolg op f° 175 r°

Loenhout R 1321, f° 177 r° - 07.06.1546

| 1321-0357-01 |

de erfgenamen Michiel Verdijck tegen Jan van Eekele

verkochte beemd

Jan van Eekele verklaart dat het godshuis van sint Magrietendael te Antwerpen 2 Kgld is heffende op de beemd die hij verkocht aan de erfgenamen Michiel Verdijck

Peeter Pielnaecke, stadhouder, verklaart op de loenhoutse kermis ontmoet te hebben Magriete Jans van Eekele, zuster van Jan van Eekele vs, die te leen ontving haar deel in de beemd “doijvereijcke”, verklaart ook dat Jan van Eekele de beemd opgedragen heeft tot behoef van de erfgenamen Michiel Verdijck

Anthonis van Alphen tegen Peeter van Staijen van Brecht

verkoop van 50 V rogge

Michiel Jordaens, secretaris in Brecht, verklaart dat hij met zijn zwager Gielis Luijcx na het overlijden van Lenaert Luijcx bij Peeter van Staijen is geweest omtrent zijn schapenkooi en hebben daar met mekaar afgerekend, zo dat Peeter van Staijen met zijn huisvrouw 20 V rogge schuldig bleef 'waaraf de voorkinderen 14 L quamen soo sij met malcanderen naderhant rekenden 14 L rogge die quamen Peetere van Staijen vijf V rogge op Peeter de Coninck te Wezele vanden acht V rogge daaraf Peeter de drie betaelt hadde'. De rekening werd gedaan drie of vier weken na het overlijden van Lenaert Luijcx die stierf einde maart 1540 svb. Heeft verder van Gielis Luijcx horen zeggen dat hij van Magriete Peeters van Staijen de 50 V niet zou gekocht hebben had zij hem de 16 V rogge van vs 20 V niet schuldig geweest

Mr Willem Schoofs en Benedictus Ackermans verklaren item

Jan Aerts van Brecht verklaart item

Loenhout R 1321, f° 178 r° - 02.07.1546

| 1321-0359-01 |

Henrick Verschueren voor zijn dochter tegen Jan Keeselmans

verkoop van rente, er is sprake van na de bieding een penning 'int perck' leggen

Geerdt Jan Geerdts van Sundert verklaart daarbij te zijn geweest toen Henrick Cornelis Verschueren in naam van zijn dochter een sister rogge erfelijk verkocht, te leveren in Breda, en dat aldaar een genaamde Laureijs Hueschaerts was die voor het sister 56 Kgld eens bood, maar hoorde nadien dat Jan Pauwels 10 Kgld meer bood

Adriaen van Aken, schepene, verklaart item, zonder de juiste bedragen nog te weten

Jan Pauwels zegt dat hij een penning 'int perck' gelegd heeft

Loenhout R 1321, f° 178 v° - 03.07.1546

| 1321-0360-01 |

Lenaert Mars tegen Peeter van Staijen

cfr supra f° 176 r°

Jacob Heijn Bevers en Adriaen Stoops kennen dat toen Lenaert het paard kocht dat daar aanwezig waren Lenaert als koper, Peeter als verkoper, hij zelf en nog Gielis Jan Verhaert

Jacob Heijn Bevers, in de 40 jaar, zegt verder dat het paard een slecht oog had maar dat het verder 'legans' was. Zei ook dat het paard niet niet wou trekken

Adriaen Geerdt Stoops verklaart nog dat Peeter aan Lenaerdt Aert Mars toezei dat het paard geen gebrek had

Laureijs van Aerde, schepene, kent dat heden bij hem in Zundert kwam Michiel Henricx die zei dat hij normaal naar Loenhout zou gekomen hebben maar had andere dingen te doen waardoor hij zijn depositie bij de secretaris van Zundert had gedaan, luidende als volgt: Michiel Henricx de smidt tot Zundert getuigt dat het paard niet deugde en aan beide zijden 'gebarsten' was

Loenhout R 1321, f° 179 r° - 05.07.1546

| 1321-0361-01 |

Peeter Dingnen tegen de huisvrouw van Willem Polmans

cfr supra f° 172 v°

Peeter van Onstaijen, Jan van Bavele, schepenen, en Ghijsbrecht de Bije kennen dat zij aanwezig waren toen de erfgenamen van Pauwels Dingnen een nieuw contract maakten met Marie x +Pauwels Dingnen, waarbij Marie ook zou hebben het verloop van de 7 £ op Cornelis de timmerman

Laureijs van Aerde, schepene, verklaart item

Loenhout R 1321, f° 179 r° - s.d.

| 1321-0362-01 |

de kinderen Laureijs Rombouts tot Brecht in het leenhof

er wordt verwezen naar het register van 'geloeften beleende scult en ander vonijsen' luidende als volgt: den 13de juli 1546 is Jacob van Onstaijen als gemachtigd van de kinderen Laureijs Rombouts geleverd met 'rossche ende met reijse' in der zelver kinderen leenpanden inhouts den leenboeck van binnen jaers etc

nota: de akte is doorstreept

Loenhout R 1321, f° 179 v° - s.d.

| 1321-0363-01 |

Wouter Maes nomine uxoris tegen de h geest van Loenhout

cfr supra f° 174 r°

Wouter Maes wordt voorgesteld zoveel ijzer te restitueren als hij van de hofstede “den haen” gehaald heeft of de tegenwaarde of 10 L rogge te geven aan de h geest

Loenhout R 1321, f° 179 v° - 16.08.1546

| 1321-0364-01 |

Cornelis Henricx van Aerde tegen Peeter Cornelis van Aerde

verkoop van stede

Jan Cornelis van Aerde verklaart dat hij 10 tot 12 jaar geleden van Marie Henricx Conincx dr haar gedeelte gekocht had dat zij had in de stede die Peeter van Aerde nu in handen heeft en dat daarentegen het deel dat Peeter van Aerde had in de stede van Jan van Aerde zijn vs broer bleef stil staan om welke redenen hij dit deel van zijn broer Peeter niet heeft uitgestoken toen de stede verkocht werd aan Cornelis Henricx van Aerde

Loenhout R 1321, f° 180 r° - 30.08.1546

| 1321-0365-01 |

Lenaert Peer Nuijts tegen Lenaert van Aerde

afspraken over ploegen

Adriaen van Aken, schepene, verklaart dat Lenaert Peeter Nuijts van Lenaert van Aerde aangenomen had het “heijeusel” te ploegen waarbij besproken was dat Lenaert Peeter Nuijts het hout zou hebben 'daar de ploeg gegaan hadde' en dat Lenaert van Aerde aan Lenaert Nuijts een jaar rente zou kwijt schelden

Laureijs van Aerde heeft gezien dat in het eusel een weinig geploegd was en hout uitgedaan

Jan van Aerde Cornelissen was aanwezig toen ze het akkoord maakten

Loenhout R 1321, f° 180 v° - 11.10.1546

| 1321-0366-01 |

Peeter Dingnen tegen de heer

betaling van cijns

verwezen wordt naar het cijnsboek dat inhoudt dat Peeter Dingnen staat op een half bunder moer in Popendonk, daarvoor op zijn vader Jan Dingnen en daarvoor op Henrick van Offenberge en daarop stonden geurende 10, 20, 30 of meer jaren

Loenhout R 1321, f° 181 r° - 11.10.1546

| 1321-0367-01 |

Lenaert van Aerde tegen Lenaert Peeter Nouts

cfr supra f° 180 r°

Henrick Jan Lodders hoorde dat bij het akkoord besproken was dat het 'eusel' zou omgespit zijn voor bamisse 1545 om daar koren te zaaien

Loenhout R 1321, f° 181 v° - 11.10.1546

| 1321-0368-01 |

Adriaen van Aken tegen Cornelis Vorspoel

cfr supra f° 175 v°

Geerdt Henrick Meermans dat volgens hem vier jaar geleden is dat Adriaen van Aken de erven die hij van Cornelis Vorspoel gekocht had aanvaardde

Joris Peeter Diericx verklaart item

Loenhout R 1321, f° 181 v° - 08.11.1546

| 1321-0369-01 |

Lenaert Mars tegen Peeter van Staijen

cfr supra f° 178 v° e.a.

Peeter van der Buijten heeft in Zundert bij de vorster geweest waar Lenaert Mars aan Jan van Staijen 2 Kgld gaf tot behoef van Peeter van Staijen

Jan van Staijen verklaart dat Lenaert zei dat het paard niet deugde en hij het liever terug naar Peeter (broer van vs Jan) zou brengen, waarop Jan zei wat zou Peeter daar mee doen, hij ligt daar ziek en weet niet wat te doen met het paard

Loenhout R 1321, f° 182 r° - 03.01.1547

| 1321-0370-01 |

Adriaen van Aken tegen Cornelis Vorspoel

cfr supra f° 181 v° e.a.

Peeter van der Buijten, man van leen, werd door Adriaen betaald van renten die hij heffende is op erven die Adriaen van Aken gekocht heeft van Cornelis Vorspoel

(nota: bovenaan eerst geschreven de erfgenamen Peeter Thijs tegen de weduwe en kinderen Cornelis Peeter Thijs Hazen en dan doorgehaald)

Loenhout R 1321, f° 182 v° - s.d.

| 1321-0371-01 |

Marck Marcx tegen Wouter van Elsacker

rente

Cornelis Jan Marcx, boterkoper, hoorde dat Marck Marcx en zijn huisvrouw van Wouter van Elsacker en zijn huisvrouw het deel kochten dat Wouters huisvrouw verstorven was in de stede van haar vader Jan Leij, en hoorde niet van rente vermanen

Loenhout R 1321, f° 182 v° - 09.12.1546

| 1321-0372-01 |

Magriete x Peeter van Staijen tegen Anthonis van Alphen

rente

Jacob de molenare van Brecht was aanwezig toen Magriete van Staijen rogge kocht van Gielis Luijcx en hoorde nadien dat zij woorden kregen van verschenen renten

Loenhout R 1321, f° 183 r° - 31.01.1547

| 1321-0373-01 |

de pastoor tegen Jan Pauwels Keeselmans voor Henrick van Riele

wegenis

Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaijen kennen dat de beemden in kwestie achter het hoogbos liggen, dat Jacob Pauwels een ervan in handen heeft en met het hooi over de donk uitvoerde, dat Laureijs van Aerde vs met Michiel van Elsacker en Willem Lenaerts het beemdeken Tereik waarts heeft gehuurd en dat niemand toen de juiste weg wist

kennen nog dat toen Luijck Nout Luijcx een van de beemden in handen had hij over de beek uitvoerde

Ghijsbrecht de Bije verklaart dat toen hij vorster was Cornelis Pauwels Keeselmans als huurder van de hooimaden van OLV kapel hem vroeg de huurders van vs beemden te verbieden te varen over deze hooimaden

Loenhout R 1321, f° 183 v° - 31.01.1547

| 1321-0374-01 |

Jan Verhaert tegen Jacob Sebrechts

over zieke schapen

Cornelis van Dijcke en Peeter Wijnckens verklaren dat de schapen van Jacob Zebrechts van 'zeere' (gezwel, ontsteking) weg zijn gedaan, en dat zij gehoord hadden dat Cornelis Sebrechts schapen had gekocht die van buiten kwamen

Luijck Sents kent dat het volk zei dat de schapen 'zeerich' waren toen ze geschoren werden

Lenaert van Staijen heeft de schapen over straat zien gaan waarbij hij dacht dat ze 'zeerich' waren

Loenhout R 1321, f° 184 v° - 31.01.1547 svl

| 1321-0375-01 |

de heer tegen de weduwe Willem Aerts

bede van de beemden

Henrick van sinte Huijbrechts, vorster, liet het hooi van Magriete Willem Aerts arresteren op verzoek van Peeter Nouts bijlken in opdracht van de kerkmrs om de buitenbede van de beemden te ontvangen

Peeter Henrick Kerstens, kerkmr, had met zijn mede kerkmr aan Peeter Nouts last gegeven om de bede te ontvangen

Peeter Nouts bijlken heeft eerst vergeefs achter geld gewacht

Goosem Lemmens, kerkmr, zegt dat Magriet bij hem geld heeft gebracht maar dat hij niet thuis was

Loenhout R 1321, f° 184 v° - 14.02.1547

| 1321-0376-01 |

de pastoor tegen Jan Pauwels

cfr f° 183 r°

Ghijsbrecht de Bije hoorde zeggen dat de bewuste erven geen weg hadden over de kapel van O L Vrouw erven maar dienden te wegen over de donk

Jan Henricx Loijcx woonde 2 jaar bij Cornelis Keeselmans aan wie de beemden toen behoorden, wou toen wegen over de hooimaden van de kapel, maar degene die toen de hooimaden van de kapel gebruikten wilden niet dat die beemden daarover zouden wegen, dit ca 14 of 15 jaar geleden

Loenhout R 1321, f° 184 v° - s.d.

| 1321-0377-01 |

de schout tegen Magriete Willem Aerts

cfr supra f° 184 r°

procedure aanvaarding bezette goederen

Loenhout R 1321, f° 185 r° - s.d.

| 1321-0378-01 |

Joos Puls tegen de erfgenamen Jan Ooms

verschuldigde rente

verwezen wordt naar een brief dd 24.04.1515 waaruit blijkt dat Jan Ooms de 9 'meuken' rogge schuldig was

Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaeijen, schepenen, kennen dat 34 of 35 jaar geleden de oude Jan Ooms woonde op de stede in Herseling waar de weduwe van de jonge Jan Ooms nu woont

Anthonis van Alphen, Brecht, kent dat Wouter Smidts of Wouter Putcuijps getrouwd was met Lijsbeth Wouters die twee dochters hadden, Katrijne en Barbara, welke Barbara getrouwd is met Joos Puls

Jacob Delijen verklaart item

Loenhout R 1321, f° 185 v° - s.d.

| 1321-0379-01 |

Peeter Hovelmans tegen Henrick Jan Heijns

rente

Anthonis Peeter Thonis Faes heeft gewoond bij Peeter Hovelmans en is met diens wagen naar Henrick Jan Heijns geweest om koren te halen, dit ca vijf jaar geleden

Peeter Jans hoorde van Henrick Jan Heijns dat hij Peeter Hovelmans jaarlijks 2 V rogge moest geven

Peeter Wijerocx kocht van Peeter Hovelmans 2 L rogge die hij moest halen bij Henrick Jan Heijns

Cornelis van den Broecke hoorde van Henrick Jan Heijns dat hij een aantal jaar Peeter Hovelmans 2 V rogge jaarlijks had gegeven

verder 24.04.1547

Michiel van Elsacker hoorde van Henrick Jan Heijns dat zijn ouders voorheen en nu hij zelf aan Peeter Hovelmans 2 V rogge uitreikte en dat hij Peeter hiervoor 4 £ br en de verschenen rente zou betalen

Loenhout R 1321, f° 186 r° - 14.02.1547

| 1321-0380-01 |

de schout tegen Pauwels Aerts

over rechtspraak bij bezetting van goederen

de vorster verklaart dat Joos van Campene, rentmeester generaal van de weeskinderen van Arenberch, hem de macht gaf om, indien de schout iemand weigerde recht te manen, dat hij daar zelf zou over manen

item bevestigen de zes schepenen die toen schepen waren, samen met de klerk

de vorster verklaart verder dat hij door schrijven van Pauwels Aerts de schout om recht heeft verzocht maar dat de schout dit weigerde

schepenen verklaren geen kennis te hebben dat de schout Pauwels Aerts ooit heeft geweigerd te manen, verder dat als de bezetting op de zesde dag gekomen is en partijen recht verzoeken dat dan wordt gewezen dat eiser hem met een zondags gebod tot de heer mag doen rechten

Loenhout R 1321, f° 186 v° - 28.02.1547

| 1321-0381-01 |

Cornelis Vorspoel Peeterssen tegen de schout

plaatsing van eiken bomen

Jan Michiel Buijens kent dat waar Cornelis Vorspoels nu woont dat daar vroeger geen huis stond en dat Jan Haest, toenmalig koster, dit deed zetten, en ook de eiken die daar nu staan, verder nog dat het kerkpad daar voorbij ging, dit is wel 70 jaar geleden

Claus Peeter Haijen verklaart item

verder 14.03.1547

Nijs Hegge verklaart item over het huis, hoorde 'dat een woonde int huijs daar de schouteth nu woont geheeten Jan van den Wijngaerde ende dat hij derve nijet voirder voir zijn en hielt dan den gevel en staet'

Bernaerdt Wouter Stevens deed ten huize van de schout een varken af, de schout sprak hem aan zeggende 'gij en Cornelis Vorspoel zijt van één volk of gezelschap, ik wou dat gij het kon maken dat hij die eiken af doet want zij bederven mijn boomgaard'

Peeter van Onstaijen en Laureijs van Aerde waren er als schepenen bij op de erfpaling tussen de schout en Cornelis Vorspoel waar Henrick Meus zei dat toen Jan van den Wijngaerde de kamer timmerde en metste hij de metsers hielp dienen en Jan van den Wijngaerde hen maande niet verder te graven dan de 'graste' strekte want dat hij de erven niet verder voor de zijne hield

Loenhout R 1321, f° 187 r° - 08.03.1547

| 1321-0382-01 |

Pauwels Aerts tegen Marcus Loijcx

cfr supra f° 186 r°

Jan Nijs heeft als opvolger van zijn vader in leen ontvangen de “frans heijninge” onder het leenhof van den Wijngaerde

Peeter Nijs, broer van vs Jan Nijs, kent item

nadien heeft Jan Nijs het goed opgedragen in handen van de stadhouder tot behoef van Marcus Loijcx

getuigen kennen nog dat hun zuster Anne getrouwd was met Peeter Jan Pauwels en na haar overlijden tien kinderen heeft nagelaten

Loenhout R 1321, f° 187 r° - s.d.

| 1321-0383-01 |

Cornelis Vorspoel tegen Jan van Lint

cfr supra

uit een akte in het register van heer Wouter van Huijsen moet blijken dat 'thoel' (hoeltken=klein waterloop) aan de schuur van Cornelis Vorspoels hem met vonnis is toegewezen

Jan Cornelis Keeselmans tegen Adriaen Ingelen

rente

Jan Hegge zegt dat Cornelis Pauwels Keeselmans of zijn moeder wel over de 20 jaren 6 L rogge heeft geheven op een weide thans in bezit van Adriaen Ingelen

Adriane x +Jacob Coels kent dat Jacob Coels deze grond gekocht heeft tijdens hun huwelijk en zij ook daarop de 6 L betaald hebben

Loenhout R 1321, f° 187 v° - 14.03.1547

| 1321-0385-01 |

Jan Wils tegen Henrick van sinte Huijbrechts

rente

verwezen wordt naar het register dd 03.09.1527 waaruit zou blijken dat Adriaen Wouters aan de kinderen Anthonis Hovelmans 25 st erfelijk moet uitreiken van de stede in Huffel

de vorster Henrick van sinte Huijbrechts bekent Jan de Smidt de erfdom van 25 st erfelijk

Loenhout R 1321, f° 187 v° - 22.03.1547

| 1321-0386-01 |

Marcus Loijcx tegen Pauwels Aerts als stadhouder jonker Jan van den Wijngaerde

cfr f° 187 r° e.a.

Marcus Loijcx exhibeert een brief dd 01.03.1541 svl, item een laatbrief van zelfde datum bezegeld Ghijsbrecht de Bije en Peeter van der Buijten

Lenaerdt van Staijen kent dat Pauwels Aerts hem bij Peeter van Onstaijen ontbood en hem vroeg hem te helpen de “francx heijninghe” te verkopen

Jan van Bavele was aanwezig toen Pauwels Aerts aan Cornelis (Cornelis) Nijs, Marck Nijs en Lenaerdt van Staijen vroeg of zij schade en baat begeerden van de “francx heijninghe”

Marcus Cornelis Nijs kent item, dat hij broer Jan daarmee liet geworden

verder 19.04.1547

Peeter Martens opte Rijdt kent item

vervolgens wordt verwezen naar een extract uit het register van Pauwels Aerts waarbij vermeld op 20.01.1540 dat Jan Cornelis Nijs zoon ontving in zuster en broederlijk recht 3 L zaailand de “francx heijninghe” en nog 6 L leenpacht op Lenaert Nijs na de dood van hun vader

vervolg f° 188 v°

verwezen wordt naar een extract uit het leenboek jonker Jan van den Wijngaerde dd 01.03.1540 waarbij Cornelis Jan Nijs verklaart in leen ontvangen te hebben 3 L land

Loenhout R 1321, f° 188 v° - 28.03.1547

| 1321-0387-01 |

Jacob van Onstaijen tegen Peeter Dingnen

rente

Peeter van Onstaijen en Peeter Jan Snellen kennen als schepenen aanwezig geweest te zijn toen Cornelis Mathijs van Aerde aan Jacob van Onstaijen het recht overgaf in 30 st erfelijk welke hij heffende was op Peeter Jan Dingen

Loenhout R 1321, f° 189 r° - 28.03.1547

| 1321-0388-01 |

Adriaen Peeter Thuens tegen Peeter Hovelmans voor Henrick van Aerde

erfenis

Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaijen, schepenen, verklaren dat Dierick de molenaar, alias Dierick Cornelis Diericx, een zuster Lijsbeth had dewelke de moeder was van vs Adriaen Peeters en dat Dierick vs is gestorven zonder wettige kinderen zodat vs Adriaen rechtmatig erfgenaam is

uit een schepenbrief van Breda dd 19.02.1535 blijkt dat Adriaen Peeter Anthonis uitgekocht heeft Lijsbeth Peeter Anthonis dr van de goederen verstorven van Dierick Cornelis Diericx

uit een tweede schepenbrief van Breda dd 18.03.1535 blijkt dat vs Adriaen ook heeft uitgekocht Jenne, Mechtelt en Cornelie zijn zusters

uit een derde schepenbrief van Breda dd 27.04.1535 blijkt dat Cornelie de verkoop door Jenne en Mechtelt gedaan heeft geratificeerd

uit een schepenbrief van Loenhout dd 19.04.1518 blijkt dat Magriete Jan Marten Zibs dr en haar kinderen bekenden zij een sister rogge 2 Kgld schuldig waren aan Dierick Cornelis Diericx

Loenhout R 1321, f° 189 v° - 17.05.1547

| 1321-0389-01 |

Pauwels Aerts tegen Marcus Loijcx

cfr supra f° 187 v° e.a.

Peeter Cornelis Nijs verklaart dat Marcus Loijcx hem boven de 15 L nog ca 21 £ br gaf om het £ erfelijk af te kwijten dat Clara Bastijns was heffende

Marcus Loijcx kent dat hij de erfgenamen ca 21 £ br boven de 15 L

Peeter Imbrechts, schout, kent dat Marcus Loijcx hem heeft gekweten een £ erfelijk dat zijn ouders heffende waren

Jan Nijs kent item

Loenhout R 1321, f° 190 r° - 19.04.1547

| 1321-0390-01 |

Mathijs van Aerde tegen Lenaerdt Verdijck

koop van beemd

Lenaerdt van Staijen was aanwezig toen Mathijs van Aerde de beemd kocht van Lenaerdt Verdijck, weet nog dat de penningen voor de erfelijkheid 26 £ br waren, maar niet meer of er van de heergewade gesproken werd

Pauwels Gielis Pellens was eveneens aanwezig, kent item

Peeter Pauwels Heijlens kent item

Loenhout R 1321, f° 190 v° - s.d.

| 1321-0391-01 |

de weduwe Peeter Smidts tegen Jan Vorspoels als stadhouder Jan van Duerne

cfr supra f° 174 v°

de stadhouder van Arenberch kent dat hij Jan de Weerdt hoorde zeggen dat Jan Willems hem 8 V rogge heeft geladen welke hij naar Antwerpen voerde bij Peeter van Halmale en dat hij daarvoor 8 dubbele st heeft ontvangen

Jan van Bavele, Ghijsbrecht de Bije en Franck Marcelis verklaren item

Loenhout R 1321, f° 191 r° - 09.05.1547

| 1321-0392-01 |

Cornelis van Aerde Henricxs tegen Jan Pauwels Keeselmans

rente

Jan Cornelis van Aerde zag en hoorde dat Jan Pauwels Keeselmans en Cornelis Henricx van Aerde woorden hadden over het £ br dat Jan Pauwels op Cornelis heffende was en dat Jan Pauwels bekende dat Cornelis hem drie jaren rente betaald had, een vanwege Jan van Aerde en twee van hem zelf

Laureijs van Aerde, schepene, was aanwezig toen Cornelis van Aerde een deel 'jochemdaalders' telde aan Jan Pauwels

Loenhout R 1321, f° 191 v° - s.d.

| 1321-0393-01 |

Peeter Jan Nout Luijcxx voor Jan Gabriels tegen de kapellaan van OLV altaar waarvoor heer Lambrecht, pastoor, compareerde

eigendom van wegenis

Peeter Jan Merten Sibs verklaart dat ca 40 jaar geleden zijn vader de beemden achter het hoogbos in handen had en het hooi uitvoerde door de “waetstappe” welke grond volgens hij hoorde zeggen toebehoorde aan de kapel

Gielis de Bije woonde bij Peeter Martens opt Hesschot, voerden hooi door de “waetstappe”

Henrick Jan Heijns heeft gezien dat het hooi door de “waetstappe” werd uitgevoerd

Loenhout R 1321, f° 192 r° - 23.05.1547

| 1321-0394-01 |

Wouter Michiels in materie van rechtingen op zekere goederen die de weduwe Ot Jacobs placht te bezitten

rente

Willem Wouter Delijen heeft, als gemachtigd van vs Wouter, 20 st jaarlijks ontvangen op vs goederen, heeft daar ook Jacob van Onstaijen mee belast, kent verder dat hij samen met Christoffel van Emeren als schepenen te Brecht daarbij geweest is toen Adriaen Schoofs cum uxore deze rente transporteerden aan de momboor van deze Wouter

Peeter van Staijen, Brecht, is op het goed jaarlijks 10 st heffende

Loenhout R 1321, f° 192 v° - 14.06.1547

| 1321-0395-01 |

de kinderen Peeter Diericx tegen Cornelis

betwisting van hout op de donkbeemd

procedure

Loenhout R 1321, f° 192 v° - s.d.

| 1321-0396-01 |

Cornelis van Aerde

cfr bovenstaande

Laureijs van Aerde verklaart een tiental jaren terug bij Cornelis van Aerde, Tereik, geweest te zijn en hem gevraagd te hebben of het hout op de “donkbeemd” hem toebehoorde waarop deze zei het hout voor hem te houden maar liet Laureijs de eikels afdoen, verklaart verder Henrick Cornelis van Aerde op dezelfde grond tuin en heining te hebben zien maken

Peeter van Bavele heeft nooit anders gehoord dan dat het hout Henrick Cornelis toebehoorde

Lucas Willem Luijcx verklaart item

Peeter Joos verklaart item, kocht hout van de huisvrouw van Cornelis van Aerde

Peeter Pielnaecke, stadhouder, kent item

Cornelis van Bavele zag dat Adriaen, knaap van Henrick Cornelis, haver in geëgd had en de paarden liet weiden in de beemd tussen de donkbeemd en de erven Peeter Diericx

Nijs van Bavele kent item

Loenhout R 1321, f° 193 v° - s.d.

| 1321-0397-01 |

de kinderen Peeter Diericx tegen Cornelis van Aerde Henricx

cfr bovenstaande

Cornelie x +Cornelis Claus Jans zag dat Peeter Diericx van Aerde de eikels afdeed

Lijnken Cornelis Claus Jans dr zag dat Peeter Diericx de jonge heinde met een omheining daar het pad uit de donkbeemd placht te gaan

Loenhout R 1321, f° 194 r° - 20.06.1547

| 1321-0398-01 |

de heer tegen Jan Hegge

kwetsen van een paard

Cornelis van Aerde hoorde dat men op het op Jan Hegge hield die het paard van Peeter Nijs zou gekwetst hebben

Wouter Loijcx kent item

Adriaen Ingelen kent item

Gabriel van Aerde hoorde dit niet zeggen

Willem en Nout van den Bogaerde zagen dat Jan Hegge, Cornelis van Aerde en Anthonis van Aerde samen in de weide van Jan Hegge waren en dat daar toen twee bruine paarden inliepen, kort nadien kwam de zoon van de huisvrouw van Peeter Nijs bij Nout van den Bogaerde en vroeg hem een halster te lenen om het paard van Peeter Nijs, dat gekwetst was, naar huis te leiden

Loenhout R 1321, f° 194 v° - 04.07.1547

| 1321-0399-01 |

Peeter Hovelmans tegen Adriaen Peeters

rente

Peeter Thijs ter eijcke verklaart van de moeder van zijn huisvrouw gehoord te hebben dat Peeter Hovelmans gekocht had van Dierick Cornelis Diericx 4 V rogge 2 Kgld erfelijk die deze was heffende op de goederen nu in handen van Henrick van Aerde Cornelissen en dat hij daarvoor op de kamer waar nu Jan Cornelis Keeselmans woont 16 £ br had geteld

deze koop zou 17 jaar of langer geleden zijn

Peeter Marten opte rijdt kent item, verklaart verder, ca 19 jaar terug, toeziener geweest te zijn van de kinderen Pauwels Willem Diericx en dat Dierick Cornelis Diericx of Adriaen Peeters hem nooit van deze rente gemaand hebben

Peeter Thoens kent dat lang geleden zij renten van borgtocht hadden afgelegd en dat Claus Verheerstraten toen zei dat Dierick de molenaere en zijn consorten geen goederen meer in Loenhout hadden

Wouter Henrick Loijcx kent dat hij het goed gekocht had en er gewoond heeft ca 16 jaar geleden en de rente betaalde aan Peeter Hovelmans, verder dat hij met zijn vader Henrick Loijcx bij Dierick Cornelis Diericx is geweest en dat deze tegen zijn vader zei dat hij geen goed meer in Loenhout had. Wouter Loijcx verkocht de stede aan Peeter Adriaens

Laureijs van Aerde kent dat heer Wouter van Huijsen de stede kocht na het overlijden van Peeter Adriaens van de voogden van diens kinderen

Marie x Jacob Maers woonde gedurende 8 of 9 jaar, nu geleden ca 15 jaar, op vs goed en betaalde de rente aan Peeter Hovelmans

verzocht wordt Peeter Hovelmans en Gheerdt Vorselmans te verifiëren of zij samen bij Heijlwijge x +Jan Thoens geweest zijn en haar om de rentebrief verzocht hebben waarop zij zou gezegd hebben dat Peeter Hovelmans daarvan geen brief had

Claus Diericx kent dat Adriaen Peeters na zijn huwelijk met de weduwe Jan Thuens tot zijn huis een brief gehaald heeft maar weet niet wat erin stond daar hij niet kan lezen

Adriaen Peeters kent item, zegt dat het de rentebrief betrof

Heijlwijch x Claus Diericx zegt dat het 2, 3 of 4 jaar geleden is dat Adriaen Peeters deze brief tot haar huis gehaald heeft, waarop Claus Diericx zegt dat het na de tijd van Marten van Rossem was

Heijlwijck x Peeter Thijs hoorde haar moeder en diens man Jan Druijssens zeggen dat zij de rente aan Peeter Hovelmans zouden afleggen en dat Peeter Hovelmans (opdat ze de rente niet zouden afleggen) akkoord ging dat ze de rogge met geld zouden betalen

verwezen wordt naar het testament van Dierick de molenare dd 09.10.1534 omtrent 10uur voormiddag op sint denijsdag svl waaruit zou blijken dat de oom van aanlegger alsdan in leven was

Peeter van der Buijten, secretaris, kent dat de aanlegger Adriaen Peeters en ook Dierick de molenaere niet gezet zijn geweest in de bede van de keizer, is geleden van sint jansmis 1538

verzoek Peeter Hovelmans te getuigen dat hij de rente gekocht heeft van Dierick Cornelis molenaere, oom van aanlegger

Loenhout R 1321, f° 196 v° - 03.08.1547

| 1321-0400-01 |

de heer tegen Jan Hegge

kwetsen van een paard, cfr f° 194 r°

Christiaen Henrick Meus hoorde zeggen dat de kwetsuren aan het paard van Peeter Nijs toegebracht werden door Jan Hegge

Jan Laukens kent item

Sijmon Thijs Theus kent item

de vorster heeft aan Jan Hegge de wete gedaan dat de schout hem bezet had, waarop Jan Hegge zei niet met een wapen geworpen te hebben maar met een 'clotte'

Peeter Jan Snellen, schepene, hoorde dat Jan Hegge het gedaan had

Cornelis van den Bogaerde zag Jan Hegge meermaals in Neerven met een bijl in de hand, hij zei dat de paarden hem grote last bezorgden

Willem de Coninck kent dat Hanneken, knecht van Peeter Nijs, zei dat Jan Hegge het zou gedaan hebben

Loenhout R 1321, f° 197 r° - s.d.

| 1321-0401-01 |

de heer tegen Peeter Clemens

vechtpartij

Henrick Lodders zag dat Peeter Clemens een mes had om te vechten

Ghijsbrecht de Bije kent item

de heer tegen Jan Hegge

cfr supra f° 196 v°

Anthonis van Aerde hoorde zeggen dat Jan Hegge het paard gekwetst had, zou gezegd zijn door de zoon van de huisvrouw van Peeter Nijs

Jan van den Wijngaerde kent item

Loenhout R 1321, f° 197 v° - 04.07.1547

| 1321-0403-01 |

Peeter Thuens tegen Katelijne Cornelis Vermunten

kwijting van rente

Adriaen Thoen Loijcx was bij Katrijne Cornelis Vermunten dr alwaar Peeter Thuens 25 Kgld presenteerde om een rente van 2 V rogge af te leggen, wat vs Katrijne weigerde

Lenaert Steenbackers kent item

Peeter van Onstaijen, schepene, kent dat Peeter Thuens onder hem als wethouder 25 Kgld 4 st heeft gesteld

verwezen wordt naar een akte schepenen Antwerpen dd 11.12.1546 tussen Anthonis Ruts als aanlegger en mr Jacob Hertssen voor Katlijne van Hamstel x +Adriaen Hertssen ter zake van 2 sister rogge welk verweerders uitreikten en welke schepenen als te kwijten achten omdat de originele brief dd 22.05.1444 aangaf dat de rente om penningen gekocht was

Loenhout R 1321, f° 198 r° - s.d.

| 1321-0404-01 |

de erfgenamen Laureijs Rombouts tegen Aernout Avents en Lijsbeth x Wouter Maes

betaling van rente

gevraagd wordt het leenboek na te kijken of Aerdt Avents en Lijsbeth x Wouter Maes of hun voorzaten het vierendeel van een vol leen gekocht hebben en dat bij deze koop de 2 sister rogge uitgestoken zijn

gevraagd wordt aan de leenmannen of het landrecht zodanig is dat wie de panden 'ontblaadt' (landbouwterm, ontbladen=bebouwen) deze de renten schuldig is en nog een aantal andere zaken van landrecht

gevraagd wordt aan de stadhouder of de erfgenamen Laureijs Rombouts op deze beemden eerst maal heffende waren 2 sister rogge en bij de verkoop slechts gingen 6 V rogge en 4 Kgld eens

Loenhout R 1321, f° 198 v° - 03.08.1547

| 1321-0405-01 |

de kinderen Cornelis Keeselmans tegen de parochiaan in naam van OLV altaar

gebruik van wegenis

Wouter van den Broecke zegt dat zijn ouders en hijzelf nadien hooi uitvoerden langs de beemd die nu de kinderen Cornelis Pauwels in handen hebben, is wel ca 20 jaar geleden

Peeter van Onstaeijen, schepene, was in de tijd dat Marcus Loijcx schout was met meer schepenen op de beemd waar nu discussie over is, waarbij geordonneerd werd dat deze beemden zouden uitwegen naar “huffelaer heiken” tot er een andere weg werd gewezen

Loenhout R 1321, f° 199 r° - 03.08.1547

| 1321-0406-01 |

Henrick Jan Heijns tegen Peeter Hovelmans

cfr supra f° 185 v°

Pauwels Willem Aerts kent dat Peeter Hovelmans eertijds Michiel Leijs Rombouts bezet heeft ter zake deze 2 V rogge

Laureijs van Aerde, Peeter Jan Snellen en Jan van Bavele, schepenen, kennen dat Peeter Hovelmans en Michiel hierover procedeerden en met vonnis Michiel kwijt en vrij was gewezen

Loenhout R 1321, f° 199 v° - 31.08.1547

| 1321-0407-01 |

Thomas Goris tegen Gheerdt Vorselmans

rente

Peeter van Onstaeijen, schepene, was erbij aanwezig toen Marie Snels deelde van de erfgoederen Wouter Snels en waarbij ook 2 Kgld erfelijk op de goederen die Geerdt Vorselmans nu in handen heeft gedeeld werden, verder heeft Wouter Snels hem ook meermaals gezegd dat hij aan Jan van Eekel veel ten achter was, geld en rogge, en dat hij daar geld hief

Laureijs van Aerde, schepene, was eveneens bij de deling aanwezig, kent item

beide schepenen verklaren dat de huisvrouw van Thomas Cornelis Goris gerechtigd erfgenaam van Wouter Snels is

Marie x +Wouter Snels kent dat haar man de rente van 2 Kgld was heffende, en dat de erfgenamen daarop gedeeld zijn

Jan Praeijens vernam van Wouter Snels dat hij destijds de erven gekocht had van Jan van Eekel dewelke daar dan de 2 Kgld was op heffende

Loenhout R 1321, f° 200 r° - 31.08.1547

| 1321-0408-01 |

Cornelis Maes tegen Jan Vorspoel

rente

Cornelis Wouters van Meere kocht eertijds van Lucas Nout Luijcx een heiblok waarvan hij de helft overgaf aan meester Peeter Vorspoel

verwezen wordt naar een schepenbrief Wuustwezel dd 31.12.1526 waaruit blijkt dat +mr Peeter Vorspoel 10 st br gekweten heeft van 20 st br, en welke 20 st Luijck Nout Luijcx verkocht had aan Anthonis Jacobs, de kwijting zelf op de rugzijde dateert 18.09.1531

verwezen wordt eveneens naar een schepenbrief Wuustwezel dd 14.06.1539 waaruit blijkt dat Aernout van der Vloet en Michiel Jordaens als testamentairs van +Dingne van Thijgelt de 2 Kgld gekocht hebben van Huijbrecht Jacob Jans, kopers zouden de rente daarna overgegeven hebben aan de h geest van Wuustwezel

Loenhout R 1321, f° 200 v° - 21.11.1547

| 1321-0409-01 |

Henrick Jan Heijns tegen Peeter Hovelmans

cfr supra f° 199 r° e.a.

Claus Peeter Haeijen hoorde Peeter Hovelmans zeggen dat hij geen brief had van de rente die hij hief op Henrick Jan Heijns

Marcus Loijcx, gewezen schout, verklaart dat het in tijd bankenrecht was dat indien iemand erfrenten eiste dat hij zijn eis moet bekend maken met schepenbrieven, schepen register of volle tonen

Michiel van Elsacker heeft geen kennis dat de erven waar Heijnrick Jan Heijns nu woont ooit Peeter Hovelmans of zijn voorouders hebben toebehoord

Loenhout R 1321, f° 201 r° - 31.08.1547

| 1321-0410-01 |

Adriaen Ingelen tegen Jan Cornelis Keeselmans

cfr supra f° 187 r°

Jan Hegge de oude zegt niet te weten dat de 6 L rogge schuldig zijn uit de goederen die Adriaen Ingelen nu in handen heeft

de weduwe Jacob Coels kent item, verklaart ze wel betaald te hebben ten tijde zij de goederen in handen had

Loenhout R 1321, f° 201 r° - 05.12.1547

| 1321-0411-01 |

Henrick Jan Heijns tegen Peeter Hovelmans

cfr supra f° 200 v° e.a.

Cornelis van den Broeck, gewezen schepene, hoorde Peeter Hovelmans zeggen dat hij van de rente geen brieven had

Loenhout R 1321, f° 201 v° - 06.09.1547

| 1321-0412-01 |

mr Jan Vorspoel als stadhouder van Rutgeerdt van Duerne tegen Claus Diericx

verkoop van leengoederen

Ghijsbrecht de Bije was aanwezig toen Claus Diericx bekende dat er een koop was tussen hem en Jan van Aerde ter zake erven in het leenhof van Rutgeerts van Duerne, maar heeft geen weet van voorwaarden

Claus Diericx verklaart item

Loenhout R 1321, f° 202 r° - 12.09.1547

| 1321-0413-01 |

voor Peeter Willem Bode navolgend het vonnis dd 31 augustus

bezet van goederen

verwezen wordt naar het bezetboek dd 26.03.1545 waaruit blijkt dat Peeter Willem Bode voor de som van 25 £ br Meus Nijsmans of Jacop van Ostaden als gemachtigd heeft bezet en dat deze niet ontzet werd

Laureijs van Aerde, Peter van Ostaijen en Jan van Bavele, schepenen, kennen dat de rechting geschied is ten huize van Peeter van Ostaden

Heijnrick, vorster, kent dat hij, door de schout belast en op verzoek van Peeter Willem Bode, de rechting heeft geboden, verder dat hij ten huize van Bertolomeus Nijsmans de beesten heeft gepand

Loenhout R 1321, f° 202 v° - s.d.

| 1321-0414-01 |

Adriaen Scheelkens

Wouter Willeboerts en de weduwe Aerdt van Aken verklaren dat zij de zaak waar kwestie om is naar hen trekken

Loenhout R 1321, f° 202 v° - 19.12.1547

| 1321-0415-01 |

Thoomas Goris tegen Geerdt Vorselmans

cfr supra f° 199 v°

Joris Peeter Christiaens kent dat zijn zuster Lijsbeth x Thoomas Goris zijn gedeeld op 2 Kgld op de goederen van Geerdt Vorselmans

Marten Hereijgens kent dat toen de erfgenamen Peeter Christiaens de goederen deelden er geen voogd was maar hoorde nadien dat Lijsbeth vs gedeeld was op de 2 Kgld, hoorde dit ook van Tollenaere en Adriaen van Aerde

Peeter Joos vernam van Marie Snels dat de kinderen Peeter Christiaens gedeeld waren op vs rente, verder dat de kinderen Peeter Verwilt hun deze rente niet aantrokken

Adriaen Jan van Eekele woonde met zijn vader op de stede waar nu Geerdt Vorselmans woont en kent dat Wouter Snels daar toen heffende was 17 V een meuken rogge en nog 2 Kgld

Marten van Eekele hoorde dat Wouter Snels op zijn vader rente hief

Loenhout R 1321, f° 203 r° - s.d.

| 1321-0416-01 |

de heer tegen Marten Stuijts

over stropen van hazen

Marten Stuijts heeft gezworen dat hij nooit strikken heeft geplaatst en daarin hazen of veldhoenderen heeft gevangen, ook dat hij geen garen in huis heeft dan alleen van 'twijne' of 'sneppen' garen, heeft ook nooit hazen gevangen met putten of andere subtiliteiten

Katrijne x Aerdt van de Velde heeft een haas uit een koperen strik gehaald op de erven van Marten Stuijts, kent dat Marten haar vroeg om zijn strik terug te geven, dit was op de bruiloft van Jan van Bavele

Aerdt van de Velde en zijn vrouw vroegen aan Jan Diel Brachts of Marten nog boos was waarop die antwoordde: 'had ge zijn strik laten staan hij zou nooit boos geweest zijn'

vs Katrijne verkocht de haas voor 8 st aan Aernout de boterkoper van Wuustwezel

verder 09.10.1547

Gielis de Bije hoorde zeggen dat Marten Stuijts boos was dat de vrouw van Aerdt van de Velde de haas uit de strik genomen had

Jan Diel Brachts ging bij Marten Stuijts werken en vroeg hem of hij nog boos was op zijn buurvrouw waarop die antwoordde dat hij niet boos was omdat ze de haas meegenomen had maar wel omdat ze zijn strik niet had laten staan

Jan Koeck hoorde dat de vrouw van Aerdt van den Velde en Marten Stuijts woorden hadden over een strik, zei verder dat zijn knecht Cornelis hem vertelde dat Peeter Martens hem had gezegd dat twee hazen 'remmelden' en dat Marten Stuijts met een boog daarachter ging

Quirijne x Joos Huijbs hoorde Marten tegen de vrouw van Aerdt van den Velde roepen om zijn strik terug te geven

Loenhout R 1321, f° 204 r° - 10.10.1547

| 1321-0417-01 |

Cornelis Geerts van E... van Peeter Luijcx kinderen tegen ... de kinderen Aert Peeter Nouts

rente

verwezen wordt naar een schepenbrief dd 13.12.1545 waarbij enkel 11,5 V rogge zouden uitgestoken zijn

Loenhout R 1321, f° 204 r° - s.d.

| 1321-0418-01 |

Thoomas Goris tegen Geerdt Vorselmans

cfr supra f° 202 v° e.a.

Adriaen van Eekele hoorde zijn vader zeggen dat de rogge en 2 Kgld niet te kwijten stonden, want dat Wouter Snels daarvoor zijn erven gelaten had

Thoomas Goris verzoekt Geedt Vorselmans te bevestigen dat hij hem de rente bekend had

Loenhout R 1321, f° 204 v° - 10.10.1547

| 1321-0419-01 |

Lambrecht van den Bulcke, pastoor, in naam van OLV altaar tegen Peeter Jan Nout Luijcx

cfr supra f° 191 v°

Ghijsbrecht van den Bruijnenberge kocht eertijds het deel dat Joos Hubrechts of zijn huisvrouw toekwam in de beemd die nu Peeter Jan Nout Luijcx in handen heeft en toen tegen Joos zei dat hij geen 'brabbelingen' wou hebben over de wegenis

Jan Peeter Thijs Hasen kent item

Henrick Henrick Cleijs hoorde van Peeter Jan Nout Luijcx toen deze bij de pastoor om de sleutel van het veken aan het hoogbos kwam dat de pastoor zei dat hij over de andere erven diende uit te wegen

Loenhout R 1321, f° 205 r° - 10.10.1547

| 1321-0420-01 |

Adriaen Scheelkens tegen Wouter Wilboirts en de weduwe Aert de Smidt

cfr supra f° 202 v° uitgraven van turf

Wouter Janssen was aanwezig toen Adriaen Scheelkens, Aerdt de Smidt en Wouter Wilboirts een contract maakten waarbij Aerdt en Wouter de turf zouden uitgraven

Peeter Mostmans ignorat

Lambrecht Peeter Smidts heeft gezien dat er heide werd afgestoken, hielp daarbij

Aerdt Cornelis zag dat er heide was op de turf die uitgegraven werd

Jan Adriaens opte munte kent item

Loenhout R 1321, f° 205 v° - 12.10.1547

| 1321-0421-01 |

Wouter Ackermans tegen Peeter Wouters wagemakere

over zoenpenningen

Jan van Bavele hoorde Peeter zeggen dat hij met Wouter Ackermans overeen gekomen was dat hij hem 8 £ br zou geven voor wat hij hem misdaan had

Henrick de vorster kent item, verder dat op 10 september 47 Woutyer Ackermans akkoord was dat Peeter 14 dagen 'uit het ijzer' zou gaan om zekerheid te kunnen stellen voor de 8 £ br

vervolg f° 206 r°

Henrick de vorster kent dat Wouter met de regeling tevreden was waarbij hij de 8 £ br zou hebben op het eerste versterf dat Peeter te beurt viel, ging toen naar de klerk om dit te notuleren, maar deze had vrienden op bezoek en had te veel gedronken zodat hij die dag niet kon schrijven, en de volgende dag kwam Wouter weer bij de vorster en zei dat hij zich beraden had

Johanna, huisvrouw van de vorster, kent dat Wouter en Peeter akkoord waren en haar man toen naar de secretaris ging

Loenhout R 1321, f° 206 v° - 24.10.1547

| 1321-0422-01 |

Marcus Loijcx tegen Mathijs van Scalluijnen

rente

verwezen wordt naar een schepenbrief dd 06.03.1542 svl waarbij Mathijs van Scalluijnen cum suis aan Marcus Loijcx de erven “bluecxkens” verkocht, enkel belast met 4 V rogge aan de heer van Loenhout en de heren cijns

verwezen wordt naar een kopij van schepenbrief dd 19.01.1535 svl waaruit blijkt dat Mathijs Wouter Henrick Janssen van Scalluijnen cum suis verkocht aan Mathijs Smidts x Magriete een rente van 4 gouden Kgld en waarvoor de “bluecxkens” mede verbonden zijn

Loenhout R 1321, f° 207 r° - 24.10.1547

| 1321-0423-01 |

Adriaen Scheelkens tegen Wouter Wilboirts

cfr supra f° 205 r° e.a.

Peeter Mostmans kent dat Aerdt van Aken hem zei dat hij deze dammen moest uitgraven

Michiel Jan Michielssen hielp mee de turf steken, ook waar heide op stond

Loenhout R 1321, f° 207 r° - s.d.

| 1321-0424-01 |

Laureijs Jan Nouts

verkoop van erven

de schout verklaart aanwezig geweest te zijn toen de momboors van de kinderen Maes van Marem werd opgedragen de goederen nog eens met de brandende kaars te te verkopen, gezien Cornelis Heijns geen borg stelde

Peeter Jan Snellen kent item

Loenhout R 1321, f° 207 v° - s.d.

| 1321-0425-01 |

Laureijs Nouts als toeziener van de kinderen Maes van Marem tegen Cornelis Heijns

cfr supra f° 207 r°

de koop cedule van de roerende goederen van het sterfhuis Maes van Marem vermeld dat Laureijs Nouts de kolen kocht voor 2 st 3 oort, deze kolen worden niet vermeld in de voorwaarden voor de koop van de stede

Jan Vercaert was aanwezig toen Jan Geerdt Larien en Laureijs Jan Nouts als voogden van de kinderen Maes van Marem presenteerden de stede op te dragen aan Cornelis Heijns en waarbij Henrick Jan Heijns borg zou stellen, maar hij heeft zich niemand borg horen stellen

Loenhout R 1321, f° 208 r° - 19.11.1547

| 1321-0426-01 |

Gabriel Reijns tegen Jan van Eekele

eigendom van beemd cfr supra f° 177 r°

de stadhouder van Arenberch kent dat Jan van Eekele na het overlijden van zijn moeder de ganse “doijvereijcke” beemd in leen heeft ontvangen, heeft de vier delen ontvangen na opdracht van zijn broers en zijn zuster Vijfken, zijn zuster Griete Jans van Eekele heeft haar deel niet opgedragen, Jan verving haar. Vs Margriete is nadien voor hem gekomen en heeft dan begeert haar deel zelf te ontvangen

verder 10.01.1548

Bernaerdt van den Broecke weet dat Jan van Eekel de “overeijcke” 4 jaar heeft gebruikt

Geerdt Vorselmans kent item

Loenhout R 1321, f° 208 v° - 21.11.1547

| 1321-0427-01 |

Cornelis Heijns tegen Laureijs Jan Nouts

cfr supra f° 207 v° e.a.

Jan Vercaert Gheertssen was bij Cornelis Heijns en bood te lossen van de koop van de stede aan de voorwaarden zo Cornelis die gekocht had behoudens dat Cornelis voor de lijfkoop een halve ton bier in het gelag zou geven, was ook met Cornelis aan de woning van Jan Geert Larien aan wie hij vroeg als voogd de stede op te dragen. Jan was toen ziek, ziekte waaraan hij gestorven is

Cornelis de Coninck Willemssen kent dat toen Cornelis Heijns de stede kocht Laureijs Jan Nouts zei dat hij de kolen bij de stede zou laten

Henrick Jan Heijns was met zijn zoon bij de momboors en heeft toen voorgesteld borg te zijn

Laureijs Schoemakers zegt dat Laureijs Jan Nouts de 'wewen' in de warmoes zou geven indien Cornelis die avond de stede zou kopen

Nout van den Bogaerde kent dat Henrick Jan Heijns voorstelde borg te staan voor zijn zoon en Willem van den Bogaerde zou borg gebleven zijn voor Nout van den Bogaerde indien men de erven had willen opdragen

Loenhout R 1321, f° 209 r° - 11.1547

| 1321-0428-01 |

de heer tegen Lijsken Vorselmans

weiden van beesten

Adriaen Ingelen zag een koe en twee runderen stouwen, naar hij hoorde tot Lijsken Vorselmans, hoorde van Henrick Valckemans dat de beesten in het bos gestouwd werden

Wouter van den Cloote, schepene, vernam van Henrick Valckmans dat Lenaert, de knaap van Goris Putcuijps van Sint Lenaerts, beesten bij Lijsken Vorselmans gebracht had en in de 'gemene heijninge' gestouwd werden

Cornelis Jan Nout Luijcx hoorde dat er in de plas bij zijn huis beesten waren, zag dan dat het een koe was en 2 rode runderkens

Henrick Valckmans zegt dat de beesten met de beesten van Lijsken Vorselmans gingen weiden in de gemeen bossen

Loenhout R 1321, f° 209 v° - 05.12.1547

| 1321-0429-01 |

Peeter Thues tegen Katrijn Cornelis Vermunten dr

cfr supra f° 197 v°

Laureijs van Aerde, schepene, kent dat 40 of 50 jaar geleden zijn vader renten, rogge en geld, kocht en voor een sister rogge niet meer gaf dan 9 of 10 £ br

Jan Pauwels Keeselmans kent item wat zijn vader betreft

Peeter Hovelmans kent item

verwezen wordt naar een brief dd ca 1480 die Katelijne Ijsendonck in handen heeft waaruit blijkt dat de rente van 2 V rogge gekocht is om penningen

er wordt ook verwezen naar het feit dat Katelijne van Ijsendonck niet aangetoond heeft hoe zij aan het halster rogge gekomen is

(nota: er wordt verwezen naar Katelijne van Ijsendonck als verweerder, is zij dezelfde als Katrijne Vermunten of staat zij hiermee in relatie?)

Loenhout R 1321, f° 210 r° - 05.12.1547

| 1321-0430-01 |

de weduwe Matheus Cuijpers tegen Jan Keenens als momboor van de voorkinderen van Matheus de Cuijpere

nalatenschap

verwezen wordt naar de voorwaarden (van het sterfhuis van de 1ste vrouw van Matheus?) waaruit blijkt dat Matheus de Cuijpere zijn voorkinderen aangenomen heeft behoudens dat hij de 'blading' (opbrengst) zou hebben van de goederen in Vorselaar

Jan de Cuijpere is voogd van de voorkinderen en Keenen is toeziener

Marcelis Wouters houdt Jan Keenen voor toeziener van de voorkinderen van Matheus de Cuijpere onder Vorselaar maar was niet aanwezig toen de eed gedaan werd

Loenhout R 1321, f° 210 r° - 16.01.1548

| 1321-0431-01 |

de heer tegen Lijsken Vorselmans

cfr supra f° 209 r°

Dingne Quirijn Geert Wils dr kent dat de knaap van Goris Putcuijps 3 beesten bij Lijsken Vorselmans bracht

Peeter Kerstens van Lille ignorat

Jan Praeijens was in het bos achter het hof en zag daar de drie beesten, Goris Putcuijps zei hem dat de koe van hem was en dat hij die uitgeleend had aan de moeder van zijn huisvrouw die ze zou houden voor de melk, en dat de runderkens toe behoorden aan zijn neef of knaap

Loenhout R 1321, f° 210 v° - 05.12.1547

| 1321-0432-01 |

Peeter Willem Bode tegen Cornelis van Aerde Henricx

koop van bos

Jan de Cuijpere was aanwezig toen Meus Nijsmans aan Peeter Willem Bode de koop van een heesterbos overgaf welk heesterbos Meus gekocht had van Jan Cornelis van Aerde, de koopprijs was 14 Kgld

Loenhout R 1321, f° 210 v° - s.d.

| 1321-0433-01 |

de heer tegen Lijsken Vorselmans

cfr supra f° 210 r° e.a.

de huisvrouw van Henrick Valckmans zag dat de knaap van Goris Putcuijps twee runderen en een koe bij Lijsken bracht die in het bos gingen weiden

Goris Francx kwam de knaap van Goris Putcuijps met de beesten tegen op de “donckdijck”

Henrick de vorster kent dat Goris Putcuijps bij hem was aan de windmolen en bood hem een dubbele stuiver voor het schutten van zijn paard

Loenhout R 1321, f° 211 r° - 02.01.1548

| 1321-0434-01 |

Wouter Wilboirts tegen Adriaen Scheelkens

cfr supra f° 207 r° e.a.

Thomas Jan Thomas hielp de huurovereenkomst maken tussen Adriaen Scheelkens en Wouter Wilboirts van een ven in de erven van Adriaen Scheelkens voor een termijn van 12 jaar aan 32 st en drie 'vanen' bier in het gelag. Wouter Wilboirts en consorten mochten het ven uitgraven zo ver als het water daarin mocht komen. Er waren woorden over de vis in de gracht en welke vis Wouter en consorten ook zouden mogen vangen en gebruiken

Jan Vermuelen kent dat hij de turf in het ven geslagen heeft en dat het water nu wel drie voet veder staat en op sommige plaatsen vijf voet

Philips Lenaerts kent item

Loenhout R 1321, f° 211 v° - 13.08.154...

| 1321-0435-01 |

Cornelis Heijns tegen Laureijs Jan Nouts

cfr supra f° 208 v° e.a.

Willem van den Bogaerde was daarbij toen Henrick Jan Heijns tegen de voogden van de kinderen Maes van Maeren zei dat ze de stede moesten opdragen, dat hij borg zou blijven voor zijn zoon Cornelis

Adriaen van Aken, schepene, vernam dat Henrick Jan Heijns aanbood borg te blijven

Loenhout R 1321, f° 212 r° - s.d.

| 1321-0436-01 |

Dierick Nijs Hegge tegen Pauwels Ackermans

rente

Peeter van Onstaeijen, schepene, was aanwezig toen Dierck Nijs Hegs, om de stede in Neerven waar vs Dierck x Johanne Verdijck placht te wonen te zetten, aan Pauwels Ackermans 8 Kgld gaf, en dat deze toen zette dat wie de stede behield boven de kommer nog een som van penningen zou geven, maar weet het bedrag niet meer. Vernam verder dat daar uitgestoken werd 6 V rogge aan Jan Hegge, 15 L aan Peeter Ijmbrechts, een V aan Peeter Jan Nout Luijcx, 8 V 4 Kgld aan Dominicus Thoens

Laureijs van Aerde kent item

Loenhout R 1321, f° 212 v° - 18.01.1548

| 1321-0437-01 |

Jan Hegge tegen de heer

cfr supra f° 197 r°

Jan Hegge vraagt dat alles wat men getuigt 'van horen zeggen' niet ontvankelijk wordt verklaard

Peeter van der Buijten en Geerdt Vorselmans verklaren dat men dit naar zijn verstand moet beoordelen en zulke verklaringen van geen of weinig waarde zijn

Loenhout R 1321, f° 212 v° - 23.04.1548

| 1321-0438-01 |

Peeter Willem Bode tegen Cornelis van Aerde

cfr supra f° 210 v°

Peeter van Staijen was aanwezig toen Meus Nijsmans het heesterbos overgaf aan Peeter Bode en dat Meus als voorwaarde stelde dat hij zes jaar uit zou mogen doen, dat hij het ook alzo gekocht had van Jan van Aerde Cornelissen

Jan Cornelis van Aerde kent dat Meus van hem het bos kocht voor 14 Kgld en dat Meus 4 jaar heesters zou mogen uitdoen, kent nog dat hij toen hij aan Cornelis Henricx van Aerde de stede met toebehoren verkocht hij hem had uitgestoken dat hij het heesterbos verkocht had

Loenhout R 1321, f° 213 r° - 16.01.1548

| 1321-0439-01 |

de kinderen Bouwen Hovelmans tegen Wouter van den Cloote

rente

Jan Cornelis van Aerde kent dat de kinderen Bouwen Hovelmans slechts voor de helft zijn gehouden in het sister rogge dat Wouter van den Cloote op hen heffende is

Peeter Bode tegen Cornelis van Aerde

cfr supra f° 212 v° e.a.

Peeter Jan Snellen en Jan van Bavele, schepenen, kennen dat zij Meus Nijsmans hoorden zeggen dat hij het bos gekocht had van Jan Cornelis van Aerde en overgegeven aan Peeter Willem Bode en dat Peeter de penningen zou korten of gekort had aan de penningen die hij Peeter Bode schuldig was van de hoeve waar Meus op woont

Loenhout R 1321, f° 213 v° - 16.01.1548

| 1321-0441-01 |

Peeter van Aerde tegen Jan van Aerde

koop van stede

Laureijs van Aerde was als voogd van de jongste kinderen Cornelis van Aerde aanwezig toen de stede in Popendonk die de oude Cornelis van Aerde placht te bezitten verkocht werd aan Jan Cornelis van Aerde op conditie dat als de jongste kinderen bejaard werden dat zij konden beslissen of zij de koop van waarde hielden en dat elke van de kinderen daarop zekere erfrenten bleef heffen, de kinderen hebben toen zij bejaard werden de koop van waarde gehouden

Loenhout R 1321, f° 214 r° - 30.03.1548

| 1321-0442-01 |

(de erfgenamen) Peeter Hovelmans tegen Henrick Jan Heijns

cfr supra f° 201 r°

verwezen wordt naar een kopij van een akte van dd 08.02.1526 svl waarbij +Peeter Hovelmans met zijn zusters en broers de erfgoederen deelden van hun ouders en waarbij Peeter bijzonderlijk deelde op 2 V rogge op een heiblok in Sneppel dat Henrick Jan Heijns nu toebehoort

verzocht wordt aan schepen het register van Claus Verheerstraten, Jan Haest en andere secretarissen te voren geschreven van waarde te houden

Loenhout R 1321, f° 214 v° - 21.02.1548

| 1321-0443-01 |

Aerdt Avents en Lijsbeth Meus x Wouter Maes tegen Laureijs Rombouts

cfr supra f° 198 r°

de kastelein en stadhouder van Arenberch, ca 38j, houdt voor recht dat indien leengoederen werden bezwaard in afwezigheid van de leenheer of stadhouder deze geen waarde hebben

Laureijs van Aerde, ca 80j, man van leen, heeft nooit geweten dat zulke belasting niet van waarde werd gehouden

Ghijsbrecht de Bije, ca 60j, en Jan Hegge, ca 60j, mannen van leen, verklaren item als Laureijs

de stadhouder kent dat voor hem de goederen niet belast zijn

Loenhout R 1321, f° 215 v° - 27.02.1548

| 1321-0444-01 |

Adriaen Scheelkens tegen Wouter Wilboirts

cfr supra f° 211 r° e.a.

Peeter Jan Gheevaerts ignorat

Wouter Janssen verklaart dat Thoomas Jan Thoomas niet aanwezig was toen Wouter Wilboirts en Aerdt de Smidt de turf kochten van Adriaen Scheelkens, zegt verder dat betrokkenen na de koop naar Thomaas in Hoogstraten gingen alwaar Thoomas een derdedeel in de koop zou begeerd hebben

Willem Jan Neess hoorde Wouter Wilboirts zeggen dat ze daar een schone visserij zouden maken

Loenhout R 1321, f° 216 r° - 27.02.1548

| 1321-0445-01 |

Marcelis Wouters tegen de weduwe Matheus Cuijpers

koop van paard

verwezen wordt naar een certifcatie van schepenen van Herentals dd 24.02.1547 waarbij Laureijs Verwimpe en Ghijsbrecht van Kessele, schepenen aldaar, verklaarden, ter instantie van de schout van Loenhout en op verzoek van Marcelis van den Cloote, dat zij arbiters waren tussen Marcelis van den Cloote en de momboors van de kinderen +Matheus de Cuijper x Lijsbeth van den Cloote ter zake een som van 13 Kgld over de koop van een paard door Matheus tegen zijn zwager

Loenhout R 1321, f° 216 v° - 17.04.1548

| 1321-0446-01 |

Ghijsbrecht Jan Pauwels als calengierder tegen de erfgenamen Dominicus Thoens

verwantschap en recht op calengiering

Laureijs van Aerde, schepene, hoorde Andries Heerls zeggen dat zijn huisvrouw een zuster was van Cornelis Hovelmans, item dat Cornelis Hovelmans en Jan Hovelmans / Dingnen (x Ghijsbrecht Jan Pauwels) vader waren 2 broers kinderen, nl Cornelis vader genaamd Jan Hovelmans en Jan Hovelmans vaders genaamd Henrick Hovelmans

Peeter Thoens hoorde vaak dat Cornelis Hovelmans en Jan Hovelmans waren 2 broers kinderen, kent item dat mr Jacob Heerls een neef is van Dingne Jan Hovelmans dr

Mathijs van den Bogaerde hoorde vaak van mr Jacob Heerls dat Dingne x Ghijsbrecht Jan Pauwels 'naerscap' had aan de goederen bij hem verkocht om te calengieren

Ghijsbrecht de Bije kent dat Peeter Dries Heerls en Jan Heerls twee broers waren en dat hun moeder een zuster was van Cornelis Hovelmans en daarom mr Jacob Heerls en de kinderen Jan Dries nichten en neven zijn van Dingne x Ghijsbrecht Jan Pauwels

Peeter van Onstaeijen heeft wel over de 40 jaar horen zeggen dat de huisvrouw van Andries Heerls een zuster was van Cornelis Hovelmans, kent item dat Jan Heerls en Peeter Heerls twee broers waren en dat Peeter Heerls de vader was van mr Jacob Heerls en Jan Heerls was de vader van de zuster van de huisvrouw van Cornelis Geertssen

de stadhouder kent dat Dingne Jan Hovelmans dr met Ghijsbrecht Jan Pauwels begeerde de goederen verkocht door mr Jacob Heerls te calengieren

leenmannen kennen dat men altijd voor recht heeft gehouden dat alle leengoederen die verkocht werden na ontvangst open staan voor calengiering voor een jaar en een dag

Loenhout R 1321, f° 217 r° - 20.03.1548 svl

| 1321-0447-01 |

Pauwels Ackermans tegen Dierick Nijs Hegs

cfr supra f° 212 r°

Laureijs van Aerde en Peeter van Onstaeijen, schepenen, en Geerdt Vorselmans, man van leen, waren aanwezig toen Pauwels Ackermans de stede waar Dierick Hegge placht te wonen 'te geven of te nemen' zette en daar niet vermaand werd van enige onderpand

Loenhout R 1321, f° 217 v° - 07.05.1548

| 1321-0448-01 |

Wouter Wilboirts tegen Adriaen Scheelkens

cfr supra f° 215 v° e.a.

Peeternelle x Thoomas Blanckaerts verklaart dat zij of haar man geen deel hebben aan de zaak tussen Wouter Wilboirts en Adriaen Scheelkens, kent wel dat het koopmanschap is gedaan bij haar thuis en dat daarvan Wouter Wilboirts en Aerdt van Aken 'de slag hadden' en niemand anders, kent nog dat Wouter Wilboirts en Aerdt van Aken het ven huurden voor 12 jaar om 32 st eens en 3 'vanen' bier in het gelag, zegt verder nog dat bij de koop ook Wouter Janssen aanwezig was maar dat die zo dronken was dat had zij hem niet tegengehouden hij van de kamer zou gevallen zijn

Loenhout R 1321, f° 218 r° - 12.06.1548

| 1321-0449-01 |

Jan van Eekele tegen Magriete van Eekele

eigendom van beemd cfr f° 208 r° e.a.

Adriaen Jan van Eekele verklaart dat nadat zijn vader zijn tocht afging van de beemd “doeijvereijcke” alsdan in de deling tussen hem en zijn broers en zusters zijn broer Jan was gedeeld op het achtste deel van vs beemd en dat hij zelf en zijn andere broers en zusters aan vs Jan elk 16 st eens moesten toegeven, kent item dat de heer na het overlijden van hun moeder een 'heergewade' van deze beemd heeft gehad, dat zij dan het eerste jaar de beemd hebben verhuurd voor 12 Kgld

zelfde kent nog dat zijn moeder werd begraven op sacramentsavond 15 jaar geleden, dat zijn vader de beemd bleef gebruiken, half in tocht, 3 of 4 jaren

Loenhout R 1321, f° 218 v° - 30.07.1548

| 1321-0450-01 |

Lenaert van Aerde tegen Thoomas Goris

wegenis

de schout kent dat Thoomas de koeien van Lenaert tot zijn huis bracht om te schutten

Thoomas kent zelf dat hij daaruit geschut heeft en dat hij de omheining diende uit te breken

Loenhout R 1321, f° 219 v° - s.d.

| 1321-0451-01 |

Lijsbeth Vorselmans tegen de heer

cfr supra f°

schepenen wordt gevraagd of alle ingezetenen van Loenhout hun beesten mogen drijven in de 'gemeijnte' van Loenhout zonder toezeggen van iemand, tenzij hengsten of 'varren' (stieren)

Loenhout R 1321, f° 220 r° - 13.08.1548

| 1321-0452-01 |

Jan van Staeijen tegen Jacob Zebrechts

koop van koe

Peeter Joos kent dat Jan van Staeijen en Meus Nijsmans samen bij hem kwamen en Meus alsdan van hem een koe kocht voor 8 Kgld 5 st die Jan van Staeijen hem beloofde te betalen, wat hij ook gedaan heeft

Laureijs Schoemakers kent dat Jan van Staijen hem vanwege Meus Nijsmans 2 Kgld 14 st betaalde

Cornelis Maes kent dat de huisvrouw van Meus Nijsmans bij hem kwam om een halve veertel boekweit welke Jan van Staeijen betaald heeft

Lijsbeth x Franck Marcelis leverde Meus Nijsmans rogge voor 20 st welke Peeter Christiaens haar betaald heeft

Wouter van den Cloote betaalde vanwege Jan van Staeijen 18 Kgld 8 of 8,5 st aan Jacob Delijen waarbij Jan van Staeijen zei het vanwege Meijs Nijsmans toe kwam

Adriaen van Aken en Henrick van der Buijten, schepenen, hoorden dat Jacob Sebrechts sprak voor Meus Nijsmans dat Jan van Staeijen hem 10 £ gr br zou geven, en dat indien hij hieraan te kort kwam, hij dit zou voldoen

Cornelis van den Broecke, toenmalig schepene, kent item

Loenhout R 1321, f° 220 v° - 27.08.1548

| 1321-0453-01 |

Aernout van den Bogaerde tegen Peeter Peeter Smidts

hondenbeten

meester Anthonis, chirurgijn, hoorde van Peeter van den Bossche dat zijn hond de dochter van Nout van den Bogaerde gebeten had, kent dat hij de wonde gecureerd had en hoorde dat eigenaar van de hond en slachtoffer in de minne overeen kwamen

dochter van Aernout van den Bogaerde betreft Neelken

Loenhout R 1321, f° 221 r° - 27.08.1548

| 1321-0454-01 |

jonker Jan van den Wijngaerde tegen de heer van Arenberch

betwisting van hout

Denijs Hegge, ca 82 j, vernam van Willem van den Wijngaerde dat deze het hout aan beide zijden van de straat bij het hof van den Wijngaerde voor het zijne hield, dit was wel 50 jaar geleden, ook Cornelis Jan Nijs heeft hij dit horen zeggen

Peeter van Onstaijen, schepene, ca 61j, kent dat hij van Willem Lenaerts en Cornelis Nijs hoorde dat zij het hout hadden zien zetten door arbeiders van Willem van den Wijngaerde en dat Gielis van den Wijngaerde en zijn erfgenamen dit voor het hen hielden

verder 10 september

Bernaerdt Couwenberchs, ca 62j, vernam van zijn vader dat Willem van den Wijngaerde de eiken had doen planten

verder 20.09.1548

Claus Peeter Haeijen, ca 86j, heeft een deel van de bomen zien planten in opdracht van Willem van den Wijngaerde

Loenhout R 1321, f° 222 r° - 10.09.1548

| 1321-0455-01 |

de weduwe Matheus Cuijpers tegen Marcelis Wouter van den Cloote

cfr supra f° 216 r°

Aerdt van de Velde kwam bij Matheus Cuijpers twee of drie dagen nadat die van Herentals kwam en vroeg hem wat hij met dat paard dat hij meegebracht had te doen had, dat hij twee goede paarden had waarop Matheus antwoordde dat hij dat had genomen over schuld van zijn voorkinderen

Cornelis de Cuijpere verklaart item

Loenhout R 1321, f° 222 v° - s.d.

| 1321-0456-01 |

Jan van Staeijen tegen Jan Henrick Hovelmans

wegenis

Adriaen Huefkens hoorde Jan Hovelmans zeggen dat hij de wagens van Jan van Staeijen zou maken en dat hij over diens erven zou mogen wegen

Mathijs Claus Heijlens kent item

Loenhout R 1321, f° 223 r° - 10.09.1548

| 1321-0457-01 |

Jan van Eekele tegen Claus Diericx

borgstelling

Cornelis Vorspoel heeft als vorster Lenaerdt Cornelis Lenaerts gearresteerd op verzoek van Jan van Eekele, en Claus Diericx stelde zich toen borg indien Lenaert niet zou voldoen

Loenhout R 1321, f° 223 r°

| 1321-0458-01 |

Bertelmeus van der Haert

comparavit Berthelmeus ten dage vs tegen Janne Maerberchs

(nota: geen verdere gegevens)

Loenhout R 1321, f° 223 v° - 24.09.1548

| 1321-0459-01 |

Lijnken Wouter Conincx tegen Peeter Willem Bode

rente

Peeter Peeter Bode inde rijdt verklaart dat Lijnken Wouter Conincx dr schuldig was 2 V rogge 20 st te heffen op de goederen nu in handen van Peeter Willem Bode, en dat de stede en erven daarmede begeven zijn geweest aan Peeter de Cuijpere en Mathijs Jan Claus, Wouter Conincx heeft daarvan 15 st laten kwijten, zodat daarvan nu 2 V 5 st over blijven, en dat de originele rente was 6 V rogge 3 Kgld, verklaart verder dat de rente wel meer dan 30 jaar uitgaat en dat de rente ter kwijting staat na overlijden van Margriet x +Peeter Boets (en welke intussen overleden is) met 4 £ br de veertel en 10 st

Mathija x +Adriaen Peeter Boets kent item

Mathijs Jan Claus kent item

Lijnken van den Bogaerde tegen Goosem Lemmens

betaling

Wouter Henrick Loijcx hoorde dat Goosem Lemmens beloofd had 10 Kgld te betalen aan Lijnken Cornelis van den Bogaerde dr

Loenhout R 1321, f° 224 r° - 08.10.1548

| 1321-0461-01 |

Cornelis Maes tegen Jan Maerberchs

rente

Abraham van Huijsen kent dat hij en Cornelis Jan Nout Luijcx als voogden van de kinderen Michiel van Huijsen geld geleend hadden aan Luijck Nout Luijcx voor 20 st jaarlijks en dat, nadat Luijck de stede verkocht had aan Cornelis Maes, hij hen vroeg dit niet aan Cornelis Maes te zeggen

Cornelis Jan Nout Luijcx kent item

de originele brief van de koop van de rente dateert 02.11.1526

Loenhout R 1321, f° 224 v° - 22.10.1548

| 1321-0462-01 |

Geert Vercaert tegen Peeter van Staeijen

koop van een paard en gebrek in betaling

Cornelis van Elsacker Geertssen was erbij toen Peeter van Staeijen een paard kocht voor 23 Kgld en 'een voeder bijen te voeren'

Claus Diericx kent dat Peeter van Staeijen de volgende dag bij hem kwam en zei item

Loenhout R 1321, f° 225 r° - 22.10.1548

| 1321-0463-01 |

Cornelis Peeter Vorspoel tegen de erfgenamen Jan van Elsackere

afrekening koop van erven

Jan Vorspoel was aanwezig toen Cornelis Vorspoel en Jan van Elsackere gerekend hadden van de “munten beemd” die Jan van Cornelis gekocht had en dat Jan zei dat afgekort was 15 st erfelijk die Cornelis niet uitgestoken had

Loenhout R 1321, f° 225 v° - 05.11.1548

| 1321-0464-01 |

Hubrecht Praeijens tegen de erfgenamen Matheus Cuijpers

koop van een paard

Jan Praeijens was bij de koop aanwezig toen Matheus een paard van Hubrecht kocht voor 18 Kgld en dat Hubrecht hem daarna nog 20 Kgld deed en dat hij voor die 38 Kgld in totaal jaarlijk 10 L rogge 25 st zou heffen, kent nog dat Lijsbeth x +Matheus Cuijpers tegen Hubrecht zei dat ze de rente opzegde, dat hij zijn geld zou hebben

Claus Diericx ignorat

Nijs Peeter van Bavele betaalde aan Hubrecht Praeijens vanwege Matheus Cuijpers 10 L rogge 25 st van minstens 2 jaren, hebben ook bij Peeter van der Buijten geweest om de brieven van de rente op te maken, maar Peeter van der Buijten was toen 'niet ledich' (vrij) om de brieven te passeren of te maken