Welkom‎ > ‎

Loenhoutse tijdrekening

Mathias Van Aken (2012)

In dit artikel willen we het graag even hebben over de tijdrekening die in Loenhout gehanteerd werd in de loop der eeuwen. Hierover is heel veel te vertellen, maar we beperken ons tot de concrete implicaties voor Loenhout. Voor meer informatie verwijzen we u graag naar de referenties in de voetnoten.

Vanaf de vroegste tijden van haar ontstaan gebruikte Loenhout de Juliaanse kalender, genoemd naar Julius Caesar die deze in 45 v. Chr. invoerde ter vervanging van de oud-Egyptische. Volgens deze tijdrekening duurde een jaar 365,25 dagen. Er was om de vier jaar een "schrikkeldag" tussen 23 en 24 februari. Deze werd genummerd als "23bis". Nieuwjaar werd zoals nu gevierd op 1 januari, het begin van de winter.

In 1230 ging Loenhout, als onderdeel van het bisdom Luik, over naar een systeem waarbij nieuwjaar, de dag waarop het jaartal met "1" verhoogd werd, met Pasen zou plaatsvinden. 15 januari 1280 is dus volgens onze normen eigenlijk 15 januari 1281. Een gelijkaardige tendens om jaarovergangen te koppelen aan de belangrijkste kerkelijke feestdagen, vond over gans Europa plaats. Het kaderde wellicht in de kersteningscampagne van onze gewesten. Volgens de kerkelijke kalender had 1 januari immers geen speciale betekenis en was dus heidens. Kiezen voor een veranderlijke datum als Pasen had wel bijzondere implicaties: aangezien het een veranderlijke feestdag is, hadden jaren een verschillend aantal dagen en konden er jaren zijn waarin dezelfde datum tweemaal voorkwam!

Misschien als gevolg van de verwarring die dit meebracht, veranderde het bisdom Luik dit systeem in 1333. Van dan af zou de jaarovergang plaatsvinden op 25 december, Kerstmis. Dit betekende bv. dat 30 december 1340 volgens onze normen eigenlijk 30 december 1339 is.  Loenhoutse schepenbrieven uit het begin van de 16de eeuw, te lezen op deze website, bevatten vaak expliciet de vermelding "svl" in het voorjaar. Het hertogdom Brabant, waar Loenhout bestuurlijk onder ressorteerde, gebruikte immers nog steeds de Paasstijl. In het voorjaar, d.w.z. tussen Kerstmis en Pasen, liep de Luikse jaartelling dus één jaar voor op de Brabantse en was het belangrijk om dit duidelijk te vermelden in de acte.

In 1575 schijnt Brabant, waaronder Loenhout bestuurlijk (en sinds 1559 ook kerkelijk) ressorteerde, overgegaan te zijn naar de nieuwjaarsstijl. Jaarovergangen vonden dus volgens alle stijlen plaats op 1 januari. Zo was niet langer noodzakelijk om in het voorjaar expliciet te vermelden welke jaarstijl men bezigde.

In 1582 besliste de paus Gregorius XIII dat voortaan de Juliaanse kalender zou vervangen worden door de Gregoriaanse. De aarde draait immers in 365,2422 dagen rond de zon en niet 365,25. Daardoor was de kalender ongeveer 10 dagen vooruitgelopen op de natuurkundige datum. Door het schrappen van 10 dagen, bracht men het begin van de lente terug op 21 maart. Om dezelfde fout in de toekomst te vermijden, werden een aantal schrikkeldagen afgevoerd: in jaren die deelbaar waren door 4 en 100, werd de schrikkeldag geschrapt, tenzij het jaar ook deelbaar was door 400. Loenhout was toen een onderdeel van Brabant, en maakte de overstap in oktober 1582: na 4 oktober 1582 volgde toen meteen 15 oktober 1582. In deze jaren was de Loenhoutse bevolking evenwel op de vlucht voor oorlogsomstandigheden en was het dorp leeggeplunderd en platgebrand. De mensen zullen toen wel andere zorgen gehad hebben.

Op 22 september 1792 voerde de Franse bezetter te Loenhout een totaal nieuwe tijdrekening in, waarbij het jaar onderverdeeld was in 12 maanden van elk 30 dagen. De resterende vijf dagen werden ingelast op het einde van het jaar. Daar konden ook de noodzakelijke schrikkeldagen ingepast worden. De twaalf maanden werden genoemd naar de natuurelementen die in die periode dominant waren, bv. Pluviose (regenmaand). Een maand was onderverdeeld in drie groepen van tien dagen, decades genaamd. Deze moesten de weken vervangen; de laatste dag van een decade was een rustdag. Dit experiment werd na 13 jaar, in 1805 afgevoerd.

Vanaf dat ogenblik werd de Gregoriaanse kalender opnieuw algemeen, tot op de dag van vandaag.


Bronnen: