Ruzie over de erfernis (1554-58)

Terug naar overzicht

Vanaf Stadius' 27ste jaar zijn wij beter ingelicht omtrent zijn levensloop, tijd waarop hij begint te reizen. Hij trekt naar het Antwerpse en gaat in Deurne wonen. In deze periode wordt hij nog steeds met zijn gewone naam genoemd. (49)

Op 18 augustus 1554 vertrekt Stadius bij onstuimig weer uit Antwerpen op weg naar Turijn (6.5). Wellicht kwam hij hier in betrekking met den Hertog van Savoie, bij wie hij later als sterrenkundige en mathematicus in dienst trad na hem met nog andere edellieden overtuigd te hebben (6.6) door zijn astrologische studies en zijn horoscoop strekken.

In maart 1556 wordt voor het eerst de verlatijnste naam, Jan Stadius, gebruikt (20), waarschijnlijk naar aanleiding van zijn verblijf in Italië.

In 1556 is hij terug te Brussel, van waaruit de opdracht van zijn werk "Ephemerides" aan Philips II is gedagtekend (13 augustus 1556).

Wellicht in 1551 is zijn vader Peeter Van Ostaeyen overleden en vanaf 1556 volgen een hele reeks akten, waarin verschillende personen zich verzetten tegen het toekennen van de erfenis, die hij per testament aan zijn natuurlijke zoon had vermaakt. Met zijn naamgenoten scheen alles nogal goed te verlopen, maar met zekere erfgenamen van Hilleken Henrick Marten Zibs ging het allemaal niet.

Het kwam zover dat de tegoeden onder den Heer geplaatst werden en het proces verwezen werd naar de Hoofdbank van Breda. In de veelvuldige akten die wij gevonden hebben wordt er steeds gesproken over de verkoop van "het Schaliënhuis", het klein huisje daarnaast en het huis "In den Doren". Rechthebbende en opdrachtgever was steeds meester Jan van Ostayen of meester Jan Stadius. Dit gaf ons reeds de zekerheid dat zij een en dezelfde persoon zijn. Het is vooral de akte van 10-3-1556 die de mogelijke twijfel totaal wegneemt (20). Nu is het ook duidelijk dat de Heer Jos Ernalsteen geen voorvaders van Jan Stadius onder de familie van Stayen kon vinden.

Op 7 maart 1558 moet Jan in Loenhout voor de vierschaar verschijnen en wordt op aandringen van Peeter Willem Bode gearresteerd (53). De volgende dag gaat de zitting door, tegen de zin van Jan Bode die wou dat meester Jan eerst drie dagen in de gevangenis zou zitten. In een ellenlang betoog wordt er langs beide zijden gedebatteerd. Het komt er op neer dat Jan Stadius de beide huizen heeft doen verkopen, er wordt zelfs beweerd, aan een prijs die hoger lag dan wat er officieel is aangegeven. Jan Bode beschuldigt Jan Stadius voor oneerlijk en onbetrouwbaar. De aanklager vraagt het geld te blokkeren. Jan Bode krijgt gedeeltelijk zijn zin. Meester Jan moet een eed afleggen, dat ieder rechthebbende het zijne zal krijgen. Wouter van de Cloote stelt zich borg. Meester Jan komt vrij en mag vertrekken (54).

Voetnoten

(20) GAL. 1180 10-3-1556.
denselven dach hebben Anthonis van Dietfort ende Jan Scheurmans inden name van hueren huysvrouwen die zij hierinne vervingen ende mede door consent van Jacobe Verhaert als voicht van de weeskynderen Jans Verhaert ende hebben gerenuchiert ende sijn afgegaen allen alsulcken recht als sij hadden aent huys metter erven geheeten inden Doren dat Peeter van Onstaeyen hen te samen bij testamente gemaect gegunt ende gegeven hadde ende dat tot behoef van meester Janne Stadius des voirs. Peeters van Onstaeyen natuurlijck zone ende bekende dat sij inhouts der zelver testamente huer egeen recht oft actie oft toeseggen en hebben oft houden nu noch namaels te geven dagen aent voirs. huys oft elders zoo dat zij int zelve testament huer gegunt was zoo daer inne blijckende is dies heeft voirs. meester Jan geloeft te betalene alle lasten die opt voirs. huys staande zijn ende daeraf betaelt moeten worden met ook de XXIIII karolusgulden erflijck die meester Cornelis van Putte met Magriete zijnder huysvrouw heffende is Terug

(49) GAL. 142 22-10-1555 "meester Jan van Ostayen schoolmeester" en GAL. 1180 15-3-1553: " Op heden nabescreven heeft Meester Jan van Onstaeyen Peeterssone woonende tot Deurne bij Antwerpen geexhybeert zekere octroeye ende testamente vercregen ende getestateert bij Peetere van Ostaeyen den sommigen van de erfgenamen Peeters van Onstaeyen zijns vaders voors. te wetene Janne van Onstaeyen, Aernouts van Onstaeyen Aernoutssonen ende Cornelise ende Mathys Coels Anthonissonen daer moeder af was Marie des voors. Peeters van Onstaeyen suster" Terug

(53) GAL. 1180 7-3-1558 f° 284 v° en f° 285 r°, 8-3-1558 Terug

(54) GAL. 1180 8-3-1553: "so wijsen ende verclaren de scepenen daer af voer recht dat arrestmente te zijne attestant ende recht boven recht daer den voirs. meester Janne daeraf costeloos ende schadeloos ontslagen te sijne aldus gedaen dezen VIIIsten marcij anno XVc ende LVIII style van Luydlck." Terug

(6.5) Stadius. — Tabulae Bergenses. Blz. 203. Terug

(6.6) In de 2° uitgave van zijn Ephemerides (1560) noemt Stadius zich "Regii et Illustrissimi Sabaudiae Ducis Mathemathicus ". Terug